Het Buskruitcomplot – November 1605

Dit is het tweede deel over het Buskruitverraad. Voor het eerste deel, “Achtergrond”, klikt u hier.

* * *

The_Gunpowder_Plot_Conspirators,_1605_from_NPG

Mijn Heer, omwille van de genegenheid die ik voel voor uw vrienden, ben ik ook bezorgd over uw lijfsbehoud. Ik zou u daarom willen aanraden, aangezien u uw leven liefhebt, om een excuus te bedenken voor uw afwezigheid in het parlement; want God en mens samen willen de boosaardigheid van deze tijden bestraffen.

Op 26 oktober 1605, iets voor de geplande officiële opening van het parlementaire jaar, kreeg Lord Monteagle een anonieme brief waarin hij vaagweg gewaarschuwd werd. Ik heb het eerste deel van de brief, zoals geciteerd in Antonia Frasers boek The Gunpowder Plot. Terror & faith in 1605, hierboven zelf vertaald. De Lord, één van de weinige katholieke parlementsleden in die periode, speelde de brief door aan Robert Cecil, 1st Earl of Salisbury, zowat het hoofd van de koninklijke geheime dienst. De autoriteiten schoten andermaal in actie, op zoek naar het zoveelste complot in korte tijd. Waarschijnlijk was de brief geschreven door een katholieke medecomplotteur of door iemand uit het entourage daarrond.

Wat in 1604 begonnen was als een samenzwering met slechts enkele deelnemers, groeide door geldgebrek uit tot een weidser complot. Hoe meer participanten, hoe groter de kans op een lek of verraad. Eerder dan een kwestie van wiskunde, lijkt dat een kwestie van gezond verstand. Hoe dan ook, de schrijver was op de hoogte en maakte zich zorgen over het lot van de katholieke parlementariër. En andere lezing kan zijn dat beiden opportunisten waren en zonder schroom of scrupules een complot verraden hebben dat sowieso schadelijk zou zijn voor henzelf en de katholieke bevolking.

CatesbyHet was Robert Catesby die in 1604 de eerste vergaderingen organiseerde. Net zoals vele devote katholieken weigerde hij de vorst als hoofd van de kerk te herkennen en ging hij niet naar de protestantse diensten. In 1601 nam hij deel aan de Opstand van Essex, een complot tegen koningin Elizabeth I. De rebellie mislukte, Catesby werd opgepakt en weer vrijgelaten. In 1603, bij de troonsbestijging van James I, leek het even of de repressie tegen de katholieken verminderd zou worden, maar de verwachtingen van Catesby werden niet ingelost.

fawkesGuy Fawkes was eerder een man van daden dan van woorden. Als huurling vocht hij vanaf de jaren 1590 mee met katholieke legers op het continent. Zo nam hij tijdens de Tachtigjarige Oorlog deel aan tal van Spaanse campagnes tegen de Nederlandse protestantse rebellen. En dat deed hij blijkbaar met verve: hij werd voorgedragen om bevorderd te worden tot kapitein. Zijn bevelhebber in Vlaanderen was Sir William Stanley, eveneens een Engelsman in Spaanse dienst. Deze vijftiger, ooit geridderd in Engeland omwille van zijn militaire prestaties, begon zijn continentale oorlogscarrière in Engels-protestantse dienst, maar veranderde later even makkelijk van zijde als van godsdienst. Hoewel zijn geval aantoont dat het niet steeds even gemakkelijk is om aan te geven in welke mate iemand deze of gene religie aanhing, kegelde zijn bekering tot het katholicisme hem naar de bovenste helft van het Engelse lijstje met te haten namen.

80 jaar

Terug naar Fawkes, die de slagvelden en zijn bevordering opgaf voor een groter doel. Hij reisde af naar het Spaanse hof om te pleiten voor een invasie van Engeland door de Iberische legers, tegelijkertijd uit te voeren met een algemene opstand van 3000 Engelse katholieken. Maar inzicht in internationale diplomatie had hij niet. Hoewel hij welwillend werd ontvangen door de raadgevers van de Filip III, deelde de Spaanse koning de mening van de paus: een internationale, gewapende inmenging op Engelse bodem zou het katholicisme in Engeland helemaal wegvagen. Fawkes probeerde de Spaanse edelman Don Juan de Tassis nog te overhalen, maar net deze hoveling werd door Filip III van Spanje werd naar Engeland gezonden om James I te feliciteren met zijn troonsbestijging. Deze missie maakte een einde aan de dromen van een Spaanse invasie. Fawkes besloot om terug te keren naar Engeland.

Op 5 november 1605 werd John Johnson aangetroffen in de kelders van het Palace of Westminster, samen met hopen gedroogde takken en ettelijke tonnen gevuld met buskruit. Genoeg, zo bleek bij nader onderzoek, om de parlementsgebouwen te nivelleren en de aanwezigen van de plechtige opening van het parlementaire jaar, waaronder de koning, het voltallige parlement, andere notabelen en de hogere clerus, de Engelse 1% dus, te begraven onder het puin. 48 uur kon Fawkes zich verbergen achter zijn eerder doorzichtige schuilnaam. Ondertussen dreef het nieuws van zijn arrestatie Johnson/Fawkes de andere complotteurs op de vlucht.

signature“De zachtere tortuur moet eerst op hem toegepast worden en vervolgens gradueel de hardere, dat God je werk moge bespoedigen”, schreef koning James I aan Sir John Popham, de hoofdondervrager, gekend voor zijn wreedheid en haat tegenover katholieken. In welke mate Popham rekening heeft gehouden met het bevel van de koning is onbekend, dat Fawkes een harde en geharde man was, daar zijn genoeg getuigenissen van overgeleverd. Hoe dan ook, op 7 november gaf Fawkes zijn echte naam en tekende hij een bekentenis, waarbij zijn handtekening onderaan een indicatie lijkt te zijn van de mate waarin hij gekraakt en gebroken is geworden in de martelkamer.

Ondertussen werden de andere complotteurs opgejaagd. Hun namen waren bekend geraakt na de ondervraging van de dienstboden. Op 8 november bestormde de Sheriff van Worcestershire hun laatste schuilplaats, ver in de Midlands. Catesby sneuvelde in het gevecht, vier andere samenzweerders werden gearresteerd en naar Londen gebracht.

execution

De overlevende complotteurs werden schuldig bevonden en op 30 januari geëxecuteerd, maar niet voordat de reeds gedode leden terug werden opgegraven, onthoofd en uitgestald voor het House of Lords. De anderen waren veroordeeld tot de straf speciaal gereserveerd voor hoogverraad: ze werden opgehangen aan een galg, net voor hun dood ontdaan van penis, testikels en van de darmen, en tot slot gevierendeeld; de Engelse vakterm hiervoor is hanged, drawn, quartered. Fawkes slaagde erin om van de ladder te springen zodat het touw zijn nek brak.

Wat als? Onmogelijk te beantwoorden, maar toch leken zowel de opzet als het doel van het complot geheel gespeend van enige zin voor realiteit en realpolitik. Waarschijnlijk zou het buskruit niet ontploft zijn omdat het van slechte kwaliteit was én grotendeels doorweekt. Erger nog, ze konden de koning en het hele establishment in november niet doden omdat de opening van het parlementaire jaar uitgesteld was omwille van een dreigende pestepidemie. Het complot kende te veel samenzweerders, en hoe meer deelnemers hoe groter de kans op lekken, bewuste of onbewuste.

Verder konden ze niet rekenen op buitenlandse militaire steun of op een binnenlandse katholieke rebellie. Integendeel, zelfs Henry Garnet, hoofd van de Engelse Jezuïeten, zou de samenzweerders verboden hebben om verder te gaan nadat hij toevallig (!) de plannen vernomen had. Niet iedereen geloofde die toevalligheid en Garnet werd in 1605 dan ook gearresteerd, berecht en geëxecuteerd. De aanklager van dienst was opnieuw papen- en jezuïetenvreter Sir Edward Coke. Over Garnet meer in het derde deel, eerst terug naar de opgejaagde samenzweerders. Tijdens hun vlucht naar de Midlands probeerden de complotteurs de katholieken op hun weg wijs te maken dat het opzet geslaagd was. De reacties waren lauw. Komt daarbij dat ze onmogelijk alle eventuele troonpretendenten konden uitschakelen en dat er nog genoeg van het staatsapparaat en dus repressieve kracht zou overgebleven zijn om de Engelse katholieke bevolking helemaal van de kaart te vegen.

En zelfs als ze erin geslaagd zouden zijn om het gebouw op te blazen, dan nog zou het van weinig politiek inzicht getuigen om te denken dat men een 17de-eeuws land had kunnen besturen dat net zo’n schok heeft moeten doorstaan: koning weg, adel weg, elite weg, en een onbecijferbare hoeveelheid politieke en diplomatieke ervaring weg. En dat terwijl er genoeg haviken en gieren op het Europese continent zaten te wachten om elke zwakheid van de vijand genadeloos uit te buiten.

* * *

En toch eindigt het verhaal hier niet. Ik ben niet alleen geïnteresseerd in theorieën over complotten, maar ook in theorieën die stellen dat er geen complot is geweest. De neerslag van de ondervraging en van het proces van de samenzweerders door procureur-generaal Sir Edward Coke is bewaard gebleven. Sir Coke noemde in 1606 het complot “het Verraad der Jezuïeten”, een stellig die zelfs in 1879 nog kritiekloos wordt herhaald, onder andere in de bundel A Selection of Cases from the State Trials, Volume I van Willis-Bund: de duivelse, paapse Jezuïeten waren de echte aanstokers van het complot (p. 310). Tal van andere boeken uit die periode beweren min of meer hetzelfde. Reden genoeg voor John Gerard, S.J., een naam- en ambtgenoot van de Jezuïet uit het eerste deel, om onder andere de geschriften van Sir Coke uit te pluizen én op basis daarvan te beweren dat het Buskruitverraad niet als dusdanig heeft plaatsgevonden.

Deel 3: Het Buskruitcomplot – Het Verraad der Jezuïeten?