Querido

Abraham. Een familiekroniek die begint met een pater familias vernoemd naar een aartsvader, er zijn slechtere manieren om een stukje te beginnen. Het is daarom des te tragischer dat deze tekst moet eindigen met ene Gerard, volgens Marc Sleen de naam van de duivel. Klopt niet helemaal, maar u begrijpt waar het naartoe zal gaan.

En nee, het is geen fictieve naam, hoewel hij ondertussen in mijn hoofd bijna is uitgeroeid van individu tot stereotiepe complotdenker. Hij is ondertussen ook een beetje mijn vriend geworden, hoewel ik betwijfel dat die gevoelens wederzijds zijn.

Dankzij Gerard, een supporter van complottheorieën, ben ik op een blogartikel gestoten dat gewag maakt van tal van genealogische bijzonderheden omtrent de oorspronkelijk Sefardisch-joodse familie Querido, en meer bepaald de Nederlandse tak, Querido Holandeses.

Een aanrader. Ik had geen idee dat schijnbaar saaie genealogische teksten, met hun ellenlange opsommingen van mannen, vrouwen, kinderen uit een eerste en vaak tweede huwelijk zo boeiend konden zijn. Hoe ouder de gegevens, hoe groter de kans op sterfte tijdens het baren, trouwens. Hoe recenter, hoe groter de kans op een tweede huwelijk na het scheiden.

De eerste documenten plaatsen de familia in Portugal, vanwaar ze in de loop der eeuwen uitgezwermd zijn naar West-Europa, Noord- en Zuid-Amerika. Aangezien de familie Sefardisch-Joods is, liggen de roots waarschijnlijk in Spanje (Sefarad betekent volgens de Joodse traditie gewoonlijk Spanje). Het is niet geheel duidelijk wanneer de eerste Joden zich in het huidige Spanje gevestigd hebben.

* * *

In den beginne was David de Abraham QUERIDO (KRIDO OF CAREDO), geboren in 1701 te Hamburg, een Sefardische Jood, met roots in Portugal. Hij huwde in 1726 met Ester te Amsterdam. Ze kregen samen kinderen, en hij huwde een tweede maal na de dood van Ester. Zelf overleed hij op 14 augustus 1759.

Het blogartikel Querido Holandeses, de Hollandse Querido’s, kabbelt voort, zoals alleen genealogische teksten kunnen voortkabbelen. Er is weinig dat suggereert hoe moeilijk de joodse familie het al dan niet had in het Nederland van de 18de eeuw en later.

Natuurlijke problemen en drama’s duiken wel op in de kroniek. Kindersterfte is het duidelijkst af te leiden: Sara, geboren op 25 januari 1802, overlijdt te Amsterdam, 357 dagen oud. Jacob, een kind uit hetzelfde huwelijk, overlijdt op 18 juli 1807. Drie jaar oud, “begraven op 20-07-1807”. Overleden aan natuurlijke kinderziekte, zo meldt het artikel. Josua (1822-1825), Isaac (1825, doodgeboren), Eva (1827, twee dagen oud), Raphael (1829-1830, 353 dagen oud). Tot aan het begin van de 20ste eeuw meldt de kroniek vaak het overlijden van een kind of boorling. Een genealogische tekst heeft geen plaats voor dit onnoemelijke leed. Ons hoofd, met die overvloed aan menselijke empathie, wel.

Hoe jonger de gegevens, hoe gedetailleerder. De beroepsinformatie springt eruit. Er passeren kruiers en diamantslijpers, schoenpoetsers, sjouwermannen, werksters en koopmannen. Pettenmakers, militairen, voorzangers. Kuipers en schoenmakers. Reiziger in Damesconfectie. Op een uitzondering na, werkmensen met beroepsnamen die harde labeur suggereren.

Stilaan begint er zich in de opsomming een ander, donkerder patroon af te tekenen: familieleden geboren in het midden van de 19de eeuw en later, sterven op plaatsen die enkel maar onheil oproepen. Aaron is een Amsterdamse marktkoopman, geboren op 14 april 1859, overleden op 83-jarige leeftijd te Westerbork, op 09 januari 1943. Gracia de Baruch (1867), Grietje voor familie en vrienden, wordt 75 jaar oud, ook in Westerbork.

Westerbork, of beter, Kamp Westerbork wordt op de website van het herinneringscenter beschreven met de woorden: “tijdens de Tweede Wereldoorlog bekend als ‘voorportaal van de hel’. Het was een doorgangskamp naar concentratiekampen als Auschwitz en Sobibor.” Via Wikipedia leer ik waar Sobibór voor staat: “In tegenstelling tot Auschwitz, Majdanek en Treblinka bestond Sobibór niet uit een verzameling nevenkampen. Het enige doel was de gevangenen na aankomst in Sobibór zo snel mogelijk te vermoorden.”

Er is ook nog Esther (1887) 55 jaar, Auschwitz.
En Sara (1876) 66 jaar, Auschwitz.
Mozes (1879) 65 jaar, Auschwitz.
Cato (1907) 36 jaar, Auschwitz.
Jozef (1904) 39 jaar, Auschwitz.
Sophia (1905) 39 jaar, Auschwitz.
Abraham (1907) 37 jaar, Buchenwald.
Hans (1940) 4 jaar, Auschwitz.
Judith (1873) 69 jaar, Sobibór.
David (1907) 36 jaar, Auschwitz.
Rachel (1901) 41 jaar, Auschwitz.
Abraham (1897) 46 jaar, Auschwitz.
Hijman (1922) 20 jaar, Auschwitz.
Jacob (1925) 17 jaar, Auschwitz.
Louis (1928) 14 jaar, Sobibór.
Jacob (1899) 42 jaar, Auschwitz.
Rachel (1897) 46 jaar, Sobibór.
Isaac (1920) 21 jaar, Auschwitz.
Abraham (1921) 20 jaar, Auschwitz.
Emanuel (1924) 17 jaar, Auschwitz.
Levie (1927) 15 jaar, Sobibór.
Mordechai (1929) 13 jaar, Sobibór.
Josua (1932) 11 jaar, Sobibór.
Esther (1934) 8 jaar, Sobibór.
Mordechay (1904) 37 jaar, Auschwitz.
Hij was gemengd gehuwd en had vijf kinderen. Zijn vrouw en kinderen hebben allen gewoon thuis gewoond tijdens de bezetting en overleefden de oorlog.

Ik ben nog niet halfweg het originele blogartikel, maar ben gestopt omdat er wéér een familie vermeld werd met zeer kleine kinderen. Overleden in Auschwitz en Sobibór.

Ik wil nog drie personen vermelden. De eerste twee wil ik benaderen met het diepste respect. De derde met een vraag. Die derde heet Gerard.

Emanuel Querido (1871) opende in net voor de eeuwwisseling zijn eerste boekhandel, gaf in 1904 zijn eerste boek uit. Op 10 augustus 1915 richtte hij Em. Querido’s Uitgeversmaatschappij op. Ik citeer even:

Na de machtsovername door Adolf Hitler in het voorjaar van 1933 richtte Emanuel Querido in Amsterdam het nu wereldberoemde Querido Verlag op, de Duitstalige afdeling van zijn uitgeverij, met de Duitse uitgever dr. Fritz Landshoff als directeur. Onder zijn leiding zou Querido Verlag zich ontwikkelen tot een van de belangrijkste Exil-uitgeverijen, waar boeken konden verschijnen van voornamelijk Duitse auteurs, waarvan het uitgeven in Duitsland onmogelijk gemaakt was. In 1934, een jaar voor de eerste Penguins verschenen, publiceerde Querido de eerste zes delen van de pocketserie De Salamander, ‘een reeks van de beste oorspronkelijke en vertaalde romans’.

Emanuel (1871), 71 jaar, Sobibór.

Anna (1912), geboren te Antwerpen, overleden in Den Haag, vooraan in de tachtig. Verschillende van haar broers lieten het leven in Auschwitz. Maar het is bij haar kleinzoon dat ik wil uitkomen.

Gerard, dus. En voor die Gerard heb ik een vraag.

Beste Gerard

U contacteerde mij naar aanleiding van een blogartikel dat anderhalf jaar oud is. Een bespreking van een lezing door de Skandinavische complotbedenker Ole Dammegård . Die Skandinavische handelaar in samenzweringstheorieën verwijt de joden achter al de zogenaamde operaties onder valse vlag van de laatste decennia te zitten. Een complottheorie zonder joden wordt nu eenmaal zelden serieus genomen in dat wereldje. En als complotdenker moet u dat weten.

U ging niet akkoord met mijn observaties omtrent de lezing van de heer Dammegård in Coen Vermeerens kerk en stelde dat complotdenkers eigenlijk kritische denkers en dat mensen als mij schapen zijn.

Ik heb u dan maar aangeschreven. Toegegeven, niet al te vriendelijk, soms nogal uitdagend. Maar uit een onvoorspelbaar, wild bijennest ga je ook geen honing bekomen door het eens vriendelijk te vragen.

Gerard, u beweert in uw correspondentie met mij fier te zijn op uw joodse roots. Misschien daarom dat u mij al snel in onze relatie “nazi hond” noemde. Dat verbaasde mij en met het beetje informatie dat u mij gegeven hebt, ben ik aan het zoeken geslagen. En googelen, dat doe ik graag en niet al te slecht, als ik zo onbescheiden mag zijn. Ik ben zelfs te weten gekomen dan dat Emanuel Querido zich ergens in uw familiestamboom bevindt. U weet wel, Emanuel (1871), 71 jaar, Sobibór.

Wat u niet weet, is dat u mij op een vrij speciaal moment heeft aangeschreven. Ik ben net bezig met het lezen van een boeiende masterthesis over complottheorieën omtrent de lang verwachte overheersing door de lang verachte Joden. Ik heb los daarvan eerder deze week info opgezocht over een ver familielid dat is gestorven in een Duits kamp, toen België al bevrijd was. Ik ga al eens knikken aan zijn gedenksteen. En met een vriendin ben ik wat gedachten aan het uitwisselen over oorlog of het gebrek daaraan. Ik heb er nooit een meegemaakt. Zij wel.

En, Gerard, het is herfstvakantie hier. Anders gezegd, deze “Belgische hond” heeft zeeën van tijd om eens iets op te zoeken en een extra e-mailtje te schrijven.

Kameraad, in uw e-mails verwijst u graag naar Gerrit Herder, waarvan ik niet zolang geleden vernomen heb dat hij een ordinaire extreem-linkse complotherkauwer is. Ik dacht dat hij een ordinaire extreem-rechtse was. Een mens kan zich vergissen, hoewel het verschil nu weer niet zó groot is. Blijkbaar vindt u die Herders ideeën koosjer genoeg en hebt u weinig problemen met zijn anti-joodse geschriften. Wat hij schrijft over de bekende Protocollen van de Wijzen van Sion zou zo uit de verrotte koker van een nsb’er kunnen komen. Niet toevallig dat het nazi-opperhoofd de Protocollen vermeldde in zijn boekje met de titel Mein Kampf. En bijna op dezelfde manier. Het resultaat? Zie hoger.

Over de Protocollen gesproken, u nam terug contact met mij op via de website kloptdatwel.nl. En net onder een artikel waarin ik de jodenhaters van de Blije B bespreek en hun gebruik van een vertaling door een rabiaat anti-joods gezelschap verantwoordelijk voor De Misthoorn.

Opnieuw Wikipedia:

De Misthoorn was tussen februari 1937 en september 1942 een antisemitisch sensatieblad, dat zich ook krachtig verzette tegen de Vrijmetselarij. Het was wellicht het meest virulente antisemitische scheldperiodiek dat ooit in Nederland verscheen.”

Voor iemand die fier is op zijn joodse achtergrond, lijkt dat toch opnieuw een ongelukkig gekozen gelegenheid.

Gerard, mijn vraag. In mijn ervaring zijn er weinig of geen complottheorieën of -bedenkers die niet anti-joods zijn. Rabiaat anti-semitisme lijkt mij een wezenlijk onderdeel te zijn van de meeste samenzweringsverhalen. En dat stoot mij af. Vaak zijn ze ook niet zonder ernstige gevolgen.

Wat trekt u aan in zulke complottheorieën?

Denkt u even aan uw taalkundige groot-oom bij het formuleren van een antwoordje? Dank, kameraad.

Groeten,

Frank

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Protected by WP Anti Spam