Ronald Bernard over De Blije B en de Lijpe J

“We moeten een beweging vormen. We moeten weer durven elkaar te omarmen”, aldus de wervende stem in het reclamefilmpje voor de Blije B. Tijdens de spirituele beurs Earth & Beyond IV op 17 juni 2017  te Houten, Nederland, mocht Ronald Bernard de Blije B voorstellen, “een burgerinitiatief van professionals, die een duurzame coöperatieve fairtrade pro-life volreserve spaar- en investeringsbank oprichten”, en ik spiek hier even op de website. Het is een burgerbeweging, een bank “in oprichting”:

Door mee te doen, realiseren wij een rechtvaardige samenleving gebaseerd op welvaart. Voor ons, voor onze kinderen en de toekomst van de aarde. Wij zijn zelf de verandering. Doe jij mee?

Voor u meedoet met deze beweging voor ons, nog even dit. Tijdens zijn lezing projecteerde Ronald B Blij, zoals hij zich voorstelt op Facebook, volgende dia:

Blije B

Foto genomen tijdens de lezing van Ronald Bernard te Houten op 17 juni 2017

Het zou ondertussen toch algemeen geweten mogen zijn dat De Protocollen van de Wijzen van Sion een verachtelijk werkje is uit de koker van een bende Jodenhaters die het gebruikten om hun antisemitische ideeën te verantwoorden. Reeds in 1921 werd afdoende aangetoond dat dit schrijfsel, naast plagiaat, ook nog eens een verzinsels was, en geen verslag van een samenkomst waarbij enkele Joodse Ouderen de overname van de wereldorde bedisselden. Grootindustrieel en notoire antisemiet Henry Ford liet trouwens De Protocollen ook vertalen en verspreidde zo’n half miljoen kopieën van het gedrocht. In nazi-Duitsland werd het eveneens gebruikt als propagandamiddel vanaf 1933. Voor Adolf Hitler, die het al besprak in Mein Kampfwaren de Protocollen een van de vele rechtvaardigingen voor de Jodenvervolging.

Van het titelblad dat Ronald Bernard toonde tijdens de lezing in Houten (zie foto boven), had hij het bovenste en onderste deel weggeknipt, namelijk de vermelding “De Misthoorn”:

De Misthoorn was tussen februari 1937 en september 1942 een antisemitisch sensatieblad, dat zich ook krachtig verzette tegen de Vrijmetselarij. Het was wellicht het meest virulente antisemitische scheldperiodiek dat ooit in Nederland verscheen.

En ik citeer hier doelbewust uit Wikipedia om aan te geven dat het minder moeite kost om De Misthoorn op te zoeken dan het voorblad van de publicatie bij te knippen en te bewerken zodat het op een PowerPoint-diaatje past.

Nog een citaat, om aan te tonen hoe perfide het blaadje was:

De Misthoorn trachtte een imitatie te zijn van het Duitse antisemitische scheldblad Der Stürmer, ook was het goed te vergelijken met het Vlaamse blad Volksche Aanval, ook al zeer laag antisemitisch van inhoud.

Dat het topos van de lijpe Joodse bankier in de Facebookgroep van de Blije B af en toe opgerakeld wordt, daar kan de Blije B strikt genomen niet veel aan doen. En ja, ik ben mild: uiteraard kan de paginabeheerder dat soort racistische idioterieën wél van de pagina verwijderen. Dat oprichter Ronald Bernard zélf nog wat antisemitische kolen op het vuur gooide tijdens een lezing op een spirituele beurs, maakt dat de Blije B een ranzig kantje krijgt. En dat doet me natuurlijk afvragen of Bernard diezelfde dia toont op andere locaties of dat hij deze enkel projecteert voor een ontvankelijk publiek van complotdenkers die niet zelden de Protocollen kritiekloos voor waar aannemen.

Een beweging vormen? Door ons en voor ons? Met deze antisemitische prietpraat als reden waarom het zo slecht gaat in de (bank)wereld? Of gaan we voor een Blije Bełżec?

Komt daarbij dat hij in interview met DVM tv, een “Nederlands videokanaal in de alternatieve media” onder leiding van Irma Schiffers, Jungiaans therapeut, waarheidszoeker, lightwarrior en journaliste voor de beruchte complot- en fake news-website wanttoknow.nl, vertelt hoe hij werd uitgenodigd om deel te nemen aan kinderoffers, moorden op kinderen dus, in Satanskerken (vanaf 22:36). Deze Satanisten maken volgens Bernard deel uit van een traditie die al duizenden jaren duurt (27:00) en die hij verbindt aan de Bijbel en de Bijbelse Israëlieten, de tien eerste Joodse stammen. Maar blijkbaar is het niet allemaal ernstig genoeg om aan te geven bij de bevoegde instanties zoals, mmmh, oh ja, de politie.

In hetzelfde interview doet Bernard eveneens zijn uitleg over de Protocollen van de Wijzen van Sion (29:18). Uit het vervolg blijkt dat hij geloof hecht aan meerdere complottheorieën en een eeuwigdurende cabal van een groep mensen die het Kwaad belichamen. Het valt verderop dat Bernard in het interview dezelfde bedenkingen heeft omtrent politieke partijen als een Han Peeters, schrijver van het derde knoopsgat en complotdenker waar ik eerder een artikel aan wijdde: Het Kwaad, de Luciferianen, gebruiken de beproefde tactiek van verdeel en heers, lees, het verdelen van mensen in verschillende politieke partijen (wat dan weer zowat de hoeksteen van een doorsnee liberale democratie is) en daar is Bernard niet blij mee (31:40).

Het verbaast me dat ik bijna nergens een kritische noot heb gevonden over de Blije B, het complotdenken en het openlijke antisemitisme van haar oprichter. De eerste negatieve en kritische reacties op Ronald Bernard heb ik gelezen op – oh ironie – de website van die andere alluhoedjes, namelijk niburu.co. In het artikel “Elite-bankier Ronald Bernard weigert opheldering te geven over zijn verleden” plaatst de Niburu-journo vraagtekens bij het professionele verleden zoals verteld door de Bernard. Ook het concept van de Blije B wordt onder de loep gehouden en zou aldus de journalist niet al te veel verschillen van een reguliere bank. Uiteraard vinden we in het Niburu-artikel geen opmerkingen omtrent de complottheorieën of het antisemitisme van Blije Ronald.

De tweede kritische commentaren vond ik op Barracuda, een blog die “domdenken [bestrijdt] in de (alternatieve) media met mondsnoerende logica”. Daarin wordt de pertinente vraag gesteld “of Bernard met al die publiciteit niet het tegendeel heeft bereikt van wat hij wilde: hij is nu toch vooral een ex-Illuminatie bankier, aan wiens oprechtheid ook nog eens wordt getwijfeld.” Blijkt verder ook dat “[z]ijn beoogde PR medewerker [af]haakte nadat Bernard weigerde een fatsoenlijke CV te overleggen.”

Ik ben benieuwd wat het kernbestuur en de Raad van Aanbeveling van de Blije B van deze antisemitische en andere complottheorieën vindt. Of een organisatie zoals United People, die “een bijdrage (wil leveren) aan het ontstaan van een maatschappelijke en internationale orde welke de rechten en vrijheden, zoals beschreven in de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens (UVRM) van 1948” en die een spreker van de Blije B heeft uitgenodigd voor enkele lezingen in juli en september te Gent. Of het Dienstencentrum Ten Hove te Gent, dat de Blije B ontvangt in de tweede helft van september.

Earth & Beyond IV – Jaco Elken: “Het paard zegt sorry.”

earth and beyond

Dit artikel is het vierde en laatste in een reeks over de spirituele beurs Earth & Beyond IV die op 17 juni 2017 doorging in Houten, nabij Utrecht. In deze reeks bespreek ik enkele van de lezingen die ik heb mogen bijwonen.

* * *

“Heb jij last van een negatieve entiteit die in je aura zit?”, vraagt een man met bulderstem terwijl hij de zaal binnenstapt. De sessie “Inzicht in alle ziektes” is nog niet begonnen en Jaco Elken heeft de aandacht van zijn publiek al in een houdgreep. Elken stelt zich voor als de oprichter van de De Spirituele & Intuïtieve Academie en vertelt dat hij zich gespecialiseerd heeft in Paramedisch en Psychosociaal Mediumschap®. “Een hele mondvol”, zegt hij. “Ik heb het zelf verzonnen.” Zelfrelativerende humor, het is zeldzaam op een spirituele beurs. Dit wordt geen saaie lezing, dit is het begin van een minishow.

elkenMaak u geen illusies, veel ruimte voor optimisme is er niet, zeker als u van de skeptische kunne bent. Al snel wordt duidelijk dat ook hier het komende uur de gebruikelijke paranormale en esoterische woordenbrij zal geserveerd worden waar kop noch staart aan te krijgen is. Maar het dient gezegd, Elken brengt het met een enthousiasmerende schwung. School was hem te traag, te gewoon, zo trekt hij zich op gang. Hij voelde zich opgesloten in de drie dimensies en wilde nieuwe uitdagingen. Dankzij het mediumschap maakte hij kennis met een vierde en een vijfde dimensie, namelijk tijd en ruimte, en in die nieuwe dimensies ving hij raad, hulp en adviezen op van gidsen. Het doet een mens afvragen wat nu weer die eerste drie dimensies waren. Doorheen de sessie zal min of meer duidelijk worden dat voor hem de drie dimensies, 3D, het gewone, materialistische, niet-spirituele leven van de doorsnee sheeple, meeloper en non-believer is.

We leven in een waanzinnige tijd waarin mensen steeds zieker worden, zeker in vergelijking met 100 jaar geleden, weet Elken. Dat mensen nu langer leven dan 100 jaar geleden, is een detail dat niet in het plaatje past en dat hij dus vrolijk negeert. Wat hij niet negeert is het lichaam, de geest en de ziel. De verbindingen daartussen zijn gebroken en we moeten ons deze drie-eenheid dringend terug eigen maken, opnieuw helen. Ons lichaam geeft signalen, maar we vangen ze niet altijd zelf op. Verder bevat het aura, de geest, restanten van een vorig leven en soms is het nuttig om ook die te raadplegen. Maar daarvoor is gespecialiseerde hulp nodig. Enter Jaco.

De trilling is hoger dan vroeger, zodat er meer energieën vrijkomen. Welke trilling of energie is mij, paranormale leek, niet meteen duidelijk. Maar energie betekent warmte, liefde, straling. Jaco Elken ziet het als zijn taak om als medium die energieën aan te wenden om mensen te helpen genezen. Hij wil iedereen leren om de innerlijke zintuigen aan te wenden en zo ‘in-zicht’ te krijgen in de intuïties en in zowaar alle ziektes. Jawel, allemaal. Naast de energetische medische basiskennis van het lichaam is er ook iets als de psychosociale betekenis van de organen, gewrichten, klieren en andere lichaamsdelen, zo lees ik dan weer op de website. Elken voert een “[d]irecte communicatie met de ziel, het Hoger Zelf, het lichaamsbewustzijn en met ziektes en organen en gebruikt “symbolistische taal […] van de betreffende ziektebeelden” en zet dat om in “bruikbare en begrijpbare taal”.

Elken vervolgt zijn sessie en put daarbij uit een jarenlange ervaring. Astma, weet hij, is het gevolg van opgroeien in een te klein huis, in een te kleine ruimte. De longen staan voor ruimte en die hebben dus danig geleden onder het plaatsgebrek, vandaar problemen met de longen en dus met ademhalen. Een slijmbeursontsteking is, zoals de naam het al aangeeft, een probleem met slijm. Nu, slijm is snot en snot is gestolde emotie, en dus moeten de emotionele problemen eerst aangepakt worden. Problemen met de gal, dan moet de patiënt gewoon zijn gal spuwen. Last van de schouders betekent, wel, u raadt het al, samen met de kirrende aanwezigen in de zaal die of zijn woordspelletjes doorhebben of enkele duurbetaalde lessen op zijn school hebben gevolgd, dat de patiënt te veel last op zijn schouders draagt. Dit is dus het resultaat van “symbolistische taal” omzetten in “bruikbare en begrijpbare taal”. De germanist in mij wordt hier heel stil van.

De lijst van aandoeningen die hij claimt te kunnen genezen of bezweren, doet waarschijnlijk dan weer menig dokter met negen plus jaren opleiding achter de rug gillen:

De diepere paramedische en psychosociale betekenis te geven van ziektebeelden, als: gewrichtspijnen, artritis en reuma. Astma en bronchitis. Gewrichtspijnen en de zin en onzin van chronische ziektebeelden. Hart, long, lever, gal en milt verstoringen. Kankers en tumoren. Huidziekten en andere allergieën. Hoofdpijnen en migraine. Ontstekingen, spierziekten, stress gerelateerde problematieken. Depressies en vermoeidheid. Stemmingswisselingen, borderline en schizofrenie. etcetra [sic].

 

In het tweede deel van de sessie demonstreert Elken zijn showmanship. Eén van de toeschouwers, Monique, heeft pijn in het achterhoofd. Een probleem met de chakra’s, daar moet Elken niet over nadenken. Hij vraagt aan haar om de ogen dicht te doen en “naar de achtergrond te gaan”. Door de druk in het achterhoofd, en meer bepaald aan de atlas, kan zij zichzelf niet zijn, zegt hij. Monique begint daarop lichtjes te huilen: “Ik mag mezelf niet zijn.” Verdriet, detecteert Elken, en angsten om te vertellen wat ze te vertellen heeft. Ze is bang dat mensen niet zouden luisteren. Het medium daalt nog verder af en zoekt contact met een vroegere zelf van Monique. In een vorig leven was ze een heks, een wijze vrouw. Althans, dat laat Elken de vrouw zeggen. Men wilde haar kennis bewust doodmaken en vandaar dat er in haar huidige leven nog blokkades zijn. Elken maakt zich sterk dat hij deze disbalans kan rechttrekken. Ondertussen voelt Monique nog haar hart, ze neemt steeds meer warmte en liefde waar. “Nou, er gebeurt heel veel in je energieveld”. Monique vindt het heerlijk om in haar hart-chakra te lopen en ze voelt een enorme energie. Samen besluiten ze dat de vrouw in een nog vroeger leven een priesteres moet geweest zijn. “Ja-aah, da’s 5D, het gaat snel, hoor”, besluit Jaco Elken deze sessie.

Een andere vrouw heeft dan weer last van de knieën. Knieën, weet Elken, dat staat voor bewegen, voor emotioneel en rationeel bewegen. Andermaal lijk ik enige te zijn die deze woordsalade niet volledig begrijpt. “Pas je niet te veel aan aan wat de maatschappij van jou verwacht”, adviseert Elken. “Je moet niet met de kudde meelopen. Meelopen met de kudde, daar wordt de knie niet beter van.” Het is de tweede keer dat Elken een fysiek probleem herleidt tot een vaag gevoel niet begrepen te worden. Tweemaal zegt hij tegen een “patiënt” dat ze buiten, boven de massa staan, dat de kudde hen beperkt. Elken vraagt ook haar om met haar innerlijke zintuigen naar de energie toe te gaan. De pijn in de rechterknie wijst op angst om afgestraft te worden. “Je wil gehoord worden”, suggereert Elken. De vrouw beaamt. Zo, da’s dan dat. Knieën zijn maar knieën, knieën zijn saai. Elken maakt er snel komaf mee.

Tussen de gesprekken door, strooit Elken de obligate alt-med canards rond als waren het snoepjes: we worden vergiftigd door metalen in deo’s, shampoo’s en vaccinaties, we krijgen huidkanker door zonnecrèmes, die dan weer gemaakt zijn door de kankerindustrie. De grens tussen altmed en complotdenken is ook hier héél dun.

lachpaardDe volgende ‘patiënte’ heeft last van migraine en volgens haar is pijn veroorzaakt door een val een paard. Elken stroopt zijn mouwen op. Fijntjes vraagt hij of het mogelijk is dat het paard de val heeft veroorzaakt om zo de migraine te kunnen opwekken. Samen zoeken ze in de ons ondertussen al iets meer vertrouwde vijfde dimensie naar een moeilijkheid om contact te maken met het paard. Het begint me te dagen dat Jaco enkel maar wat suggereert en dat het bijna steeds de ‘patiënten’ zelf zijn die verwoorden wat de zogenaamd gecontacteerde, zij het engel, paard of rechterknie, doorgeeft. “Het paard zegt sorry”, luidt het. Ze moest eraf, ze moest op haar eigen benen staan en daarom heeft het paard haar laten vallen. En ik begrijp nu, zegt de vrouw, dat ik dat al die tijd wist. Dit is het punt waarop ik met zeer grote ogen naar mijn eigen nota’s staar.

Maar waarom heeft de vrouw nog steeds hoofdpijn als ze al 15 jaar geleden tot diezelfde conclusie is gekomen? Jaco zoekt contact met de hoofdpijn. Ja, in de vijfde dimensie kan je dat! Het is een clusterhoofdpijn, waardoor verdichtingen zijn ontstaan die de signalen sterker maken. De hoofdpijn is langwerpig en oefent een druk uit. Opnieuw doet de alternatief-medische vakterminologie mij duizelen. Jaco voert een gesprek met de hoofdpijn maar laat opnieuw de vrouw de replieken geven. Tussen haakjes, ik zou het echt niet erg vinden mocht u ondertussen gestopt zijn met het lezen van dit artikel. Hoe dan ook, de hoofdpijn, eens veroorzaakt door een paard, wordt nu onderhouden door een gevoel van benauwdheid, daar worden de vrouw na elke suggestie van het medium zekerder van. De familie beperkt haar, de familie laat haar zichzelf niet zijn. Frustratie voedt de pijn, steeds opnieuw. “Dit is een heel andere kijk op psychiatrie”, eindigt Elken. “Je doet het niet uit je hoofd. Beleving. Je doet het in de beleving.” Kortom, het is “heel anders dan wat artsen doen”. En ergens stemt mij dit hoopvol.

De ratelende Elken geeft een pracht van een show weg. Hij is grappig, rad van tong, ad rem. Ik heb in dit artikel helaas niet kunnen weergeven hoe hij zijn publiek charmeert, hoe hij in cirkels rond het onderwerp lijkt te draaien, grollend en grappend, om dan op het juiste moment met ‘ernstige’ uitspraken tot de kern van het probleem te komen. Tot zover de verpakking. Wat de inhoud betreft: die stinkt. Zijn boodschap is, zoals die van de meeste kwakzalvers, rottig, hufterig en antisociaal. Het is onbegrijpelijk dat zulk een woordenpatser zijn alternatief-medische praktijken kan uitvoeren én dat hij ze mag aanleren in een eigen school, met steun van de Nederlandse belastingbetaler, via het Centraal Register Kort Beroepsonderwijs, dat BTW-vrijstellingen aanbiedt als er aan bepaalde voorwaarden wordt voldaan.

Earth & Beyond IV – Han Peeters: “Het gaat over mijn waarheid.”

Dit artikel is het derde in een reeks over de spirituele beurs Earth & Beyond IV die op 17 juni 2017 doorging in Houten, nabij Utrecht. In deze reeks bespreek ik enkele van de lezingen die ik heb mogen bijwonen.

* * *

Han Peeters (1959) zegt dat hij geen literatuur schrijft, maar faction, fictie gebaseerd op speculaties gebaseerd op feiten. Tijdens Earth & Beyond presenteerde hij zijn dertiende boek in acht jaar tijd: Planet X. De boekvoorstelling begon met het eerste hoofdstuk van zijn audioversie en meteen verliet een kwart van het publiek de zaal. Neen, Han Peeters (1959) schrijft geen literatuur. Het eerste hoofdstuk is een aaneenrijging van houterige dialogen die de plastieken wereld van pakweg Thunderbirds oproepen, en pedante uitweidingen en verklaringen die dezelfde literaire schwung hebben als een doorsnee tekst van de Druivelaar.

“Het boek gaat over míjn waarheid en die hoeft niet per se de uwe te zijn. Waarheid is subjectief”, debiteert Han. Dit soort postmodernistische tegelspreuken verwacht men niet meer in een lezing door een literator anno nu. Een vervelend detail hierbij is dat de ‘feiten’ waarop hij zijn speculaties en waarheden baseert, recht uit de pseudo-astronomische sprookjesboeken van auteurs zoals Zecharia Sitchin komen:

Planet X [sic] is een planeet die onderdeel uitmaakt van ons zonnestelsel in een baan rondom onze Zon en de ster Nemesis. (…) Een van de laatste keren dat het aan ons voorbij kwam veroorzaakte het wereldwijd de zondvloed, zoals in het Oude Testament staat beschreven. (…) Het is de aanstichter van het onheil in ‘De Openbaring van Johannes’, het laatste deel van de Bijbel, waarin de eindtijd wordt beschreven.[1]

In die verhalenclusters worden Planeet X (en ik zie geen enkele reden om hier het Engelse woord planet te gebruiken) en Nemesis, de hoogst hypothetische zusterster van de zon, voor waar aangenomen en steevast geassocieerd met rampspoed en verdoemenis.

Ook in het werk van Han Peeters: Planeet X is na 3600 jaar terug in aantocht en zijn komst, die zo goed als zeker desastreuze gevolgen zal hebben voor het leven op aarde, wordt verzwegen voor het overgrote deel van de mensheid door de elite, de wereldregeringen. Geholpen door de media overstelpen ze ons met nieuwe ontdekkingen en uitvindingen om zo de aandacht af  te leiden. Ondertussen vermoordt NASA dissidente wetenschappers aan de lopende band, geleerden dus die willen waarschuwen voor de gevaren van de verwoestende planeet. Deze moordfantasieën duiken ook op in verband met alternatieve helers: zij zouden systematisch omgelegd worden door Big Pharma, maar dit terzijde. Diezelfde elite wil het vege lijf redden door een netwerk van ondergrondse steden aan te leggen waartoe enkel zij, het kruim der aarde, toegang krijgt. Dat was volgens Peeters trouwens ook de bedoeling van Nevsehir, de recent ontdekte de ondergrondse stad in Turkije. Meteen een bewijs van een lange traditie van regeringen die zichzelf ingraven, beducht op een wereldwijde ramp veroorzaakt door een losgeslagen planeet die elke 3600 jaar verwoestingen aanricht op de aarde.

Veel opties heeft de mensheid niet: men kan vechten, vluchten, of berusten, drie functies die in onze oudste hersendelen zijn verankerd. Dat deel van het menselijke brein wordt ook al eens het reptielenbrein genoemd, wat volgens Peeters een aanwijzing is dat de mens ergens afstand van de Reptielachtigen, Reptilians in het vakjargon van de complotdenkers die zich bezighouden met samenzweringen die hun oorsprong vinden in eeuwenoude, buitenaardse creaturen met een Lovecraftiaans envergure.

Terwijl de massa zich in slaap laat wiegen en dus berusten, staan twee wakkere helden op, Marc en Inge Hamelinck. Zij en de andere beheerders van een Nederlandse website zijn ondanks alle afleidingspogingen op de hoogte van de naderende planetaire catastrofe. Met gevaar voor eigen leven verzamelen én onthullen deze ontwaakte waarheidszoekers nieuws over Planeet X en vooral over de duistere complotten die tot doel hebben de mensheid onder de knoet te houden. Waar zij hun informatie over de aankomende kosmische ramp vandaan halen, wordt niet zo meteen duidelijk.

Planeet X zal alles zo goed als zeker verwoesten en Peeters beschrijft tijdens zijn lezing als een volleerde apolcalypspornograaf de vernietiging die ons te wachten staat. De aarde zal beven, de aardkorst zal op verschillende plaatsten breken en magma zal opborrelen. Wat niet opgeslokt wordt door de aarde, zal verzwolgen worden door torenhoge tsunami’s. Zelfs de ondergrondse steden van de aardse elites zullen niet ontsnappen aan de verwoestende effecten van de passerende planeet.

Als u nu denkt dat met het einde van de aarde ook de lezing afgelopen is, dan hebt u het mis. Zonder enige overgang zet Peeters een nieuw breiwerk op, waarbij het niet geheel duidelijk meer is of hij het nu over zijn schrijfsel heeft dan wel over zijn complotfantasieën. “Wat als de mensheid het wél overleeft”, vraagt hij zich luidop af. Let wel, de mensheid, en niet alleen de elite in hun ondergrondse steden die dan toch niet vernietigd zouden zijn. De wereldregering neemt middels het leger alles over. Vrijheden worden beperkt en de noodtoestand wordt uitgeroepen, we krijgen een staat van beleg. Peeters’ samenzweringsfantasieën lijken uit te monden in een koortsdroom, met als hoogtepunt zijn interpretatie van 9/11: de aanvallen op de WTC-torens waren bedoeld om de archieven met de (bouw)plannen van de ondergrondse steden te vernietigen. Zo ziet u maar, ieder zijn waarheid en Han de zijne.

Met het opsommen van de eigenlijke breinen achter al dit gehannes, komt Peeters uit bij wie anders dan de Illuminati. Zij zijn beter gekend als de Rothschilds, de Rockefellers en het huis Saksen-Coburg en Gotha, waartoe trouwens onze vorsten toe behoren, en samen zijn ze goed voor zo’n 6 à 8000 mensen. Hun handelswijze is de beproefde tactiek van verdeel en heers, wat ze ondersteunen door het verspreiden en in stand houden van liberale democratieën wereldwijd. Vrije verkiezingen dwingen ons namelijk om groepen mensen op te splitsen, wat het beheersen, overheersen wel héél makkelijk maakt, aldus Peeters. De machthebbers worden bijgestaan door zo’n zes miljoen handlangers, die wij dan weer kennen als vrijmetselaars. Eén van die kornuiten was actief in kringen van pedofielen en handelaars in kinderen en jonge seksslaven en luisterde naar de naam Marc Dutroux. Het is niet toevallig dat hij bij zijn ontsnapping (in 1998) vluchtte naar een domein dat beheerd wordt door de chemiereus Solvay, die, geheel tussen haakjes, gigantische hoeveelheden zoutzuur produceren, “wat heel handig is als je vijanden wil laten verdwijnen”.

De vraag of Han Peeters een begenadigd schrijver is, durf ik niet met zekerheid te beantwoorden: over smaken kunnen we even lang twisten als over de status van de waarheid, toch? Stilistisch is hij zeker geen hoogvlieger, maar de meeste samenzweringsdenkers die ik ondertussen ontmoet heb lijken me sowieso heel wat moeite te hebben om zich zelfs maar coherent uit te drukken in de eigen taal. Ook qua thematiek scoort Peeters onder het gemiddelde. Dat hij vlot overschakelt van doemsdagpornografie naar complotdelirium lijkt me nu niet bepaald een verdienste, dat doet zowat elke believer in multigenerationele samenzweringen die aanvangen in prehistorische tijden bevolkt door Anunnaki, Nephilim en andere fantasiewezens die aan de (genetische) oorsprong van de mensheid staan.

Nee, ik kijk niet uit naar zijn veertiende boek.

 

[1] Han Peeters, “Planet X” op http://www.hanpeeters.nl/index.php?P=pagina&naam=Home. Geraadpleegd op 4 juli 2017

Earth & Beyond IV – Chemtrail Panel: “Wat daarboven gebeurt, weerspiegelt eigenlijk wat er in mijn hoofd gebeurt.”

Dit artikel is het tweede in een reeks over de spirituele beurs Earth & Beyond IV die op 17 juni 2017 doorging in Houten, nabij Utrecht. In deze reeks bespreek ik enkele van de lezingen die ik heb mogen bijwonen.

* * *

VRAAG: Wat is de politieke agenda?

“Men wil tekorten creëren.” “Monsanto heeft zaden ontwikkeld voor aluminiumrijke grond.” “Ze trekken onze energie naar beneden.”

Aan het woord zijn Miranda Slob en Kees van de Water van ilovechemtrails.org, Cor van der Horst, reïncarnatietherapeut, Monique Calis, maker van chembusters en Gijs Verbeek van wearechange.nl. We zitten in een conferentiezaal en kunnen aan dit panel van experten alle vragen en opmerkingen over chemtrails kwijt.

Gijs Verbeek verzorgt een korte, inleidende presentatie. Hij was in een vorig leven – en het is niet duidelijk in welke mate we dit letterlijk moeten nemen – leraar biologie en leidt momenteel onderwijzers op aan een hogeschool. Chemtrails zijn “noch een conspiracy, noch een hoax, omdat het gewoon bewezen is”. De patenten zijn er, evenals de precedenten: zo zijn vliegtuigen die gewassen besproeien, eigenlijk al verspreiders van chemtrails. Zo ook (militaire) stuntvliegers die kleurrijke rookpluimen gebruiken in hun vliegshow. Die chemtrails, chemische sporen, zijn de witte strepen die men soms achter een vliegtuig ziet, hoog in het zwerk. In kringen van complotdenkers is men er rotsvast van overtuigd dat ‘men’, de Nieuwe Wereldorde voor het gemak, deze chemtrails gebruikt voor kwaadaardige doeleinden. Enkel mensen die deel uitmaken van het complot of de onwetende sheeple, denken dat dit contrails zijn, condensatiesporen. Mocht hij al bewijzen hebben, hij voert ze niet aan en niemand vraagt ernaar.

Hoe dan ook, volgens Gijs laat men via vliegtuigen of toxische metalen op ons los dwarrelen, zoals barium, aluminium en cadmium, of organisch materiaal, vooral ziekteverwekkers, of actieve nanopartikels. Het sproeien gebeurt, nog steeds volgens Gijs, ofwel met behulp van speciaal uitgeruste vliegtuigen ofwel via additieven in de brandstof van gewone, civiele lijnvliegtuigen. En omdat luchtvaartmaatschappijen betaald worden om met zulke gepimpte brandstof te vliegen, kunnen ze de prijzen voor hun klanten laag houden. Het begrip ‘moorddadige concurrentie’ krijgt zo plots een heel andere betekenis. De derde mogelijkheid die Gijs geeft, is nieuw voor mij: de verspreiding kan ook via ufo’s gebeuren, maar extra informatie krijgen we niet.

De gevolgen van de chemtrails zijn niet min: vergiftiging, dementie, alzheimer, sinusinfecties, verschillende kankers, metaalsmaak in de mond, brandende longen, brainfog, morgellons, ph-verandering, … Morgellons is een ingebeelde huidaandoening waarbij men ervan overtuigd is dat er zich (parasitaire) vezels nestelen in wonden. Het is verder ook niet toevallig dat de chemtrails op ons worden losgelaten bij zonsopgang en zonsondergang. Dat zijn namelijk de beste momenten om aan sungazing te doen, aldus Gijs, die er duidelijk zin in heeft. In de spiritueel-alternatieve folklore is het staren in de zon heilzaam.

De andere panelleden popelen om in te vallen. De vijand is zo machtig, de middelen zo perfide dat ze ervoor gekozen hebben om dit alles met liefde te benaderen, om de situatie met liefde te aanvaarden én met liefde te overwinnen. Aan het woord zijn Miranda Slob en Kees van de Water van ilovechemtrails.org. Maar totdat het zover is, legt Kees strijdlustig verder uit dat HAARP mee in de cabal zit en dat de actieve nanopartikels of nanobots in combinatie met de later te implementeren 5G en het Internet of Things voor een volledige mindcontrol zal zorgen. “Chemtrails trekken onze energie naar beneden”, beaamt ook Miranda. “Wat daarboven gebeurt”, zegt Kees van de Water gewichtig, “weerspiegelt wat er in mijn hoofd gebeurt.” Wie ben ik om dat tegen te spreken? De informatie op die website is trouwens gebaseerd op het denkwerk van Peter Vereecke, Vlaanderens meest vooraanstaande complotdenker.

VRAAG: Wat met de “prophecy van de Hopi-indianen”?

Zich informeren omtrent chemtrails gebeurt blijkbaar in de taal van Shakespeare. Maar wars daarvan maakt deze vraag duidelijk dat het publiek bij dit forumgesprek niet bestaat uit ongeïnformeerde vragenstellers. Dat was ook al wel duidelijk toen de inleiding druk becommentarieerd en aangevuld werd door het publiek. De voorspelling van de Hopi-indianen maakt ook deel uit van de verhalencluster rond chemtrails. Zij zouden voorspeld hebben dat in niet zo verre maar barre tijden de wolken zouden uitwaaieren tot veervormige structuren, en laat dat nu een typisch kenmerk zijn van chemtrails, althans volgens de experten. Gijs verklaarde dat de Hopi een sterker ontwikkeld bewustzijn hadden waarmee ze verder konden kijken dan de spirituele onderontwikkelden die wij zijn.

Opnieuw valt het op dat een mogelijk fysieke werkelijkheid onlosmakelijk verbonden moet zijn met de esoterische en spirituele ideeënwereld van de believers. Op zich zou de basis van het chemtrail-verhaal deel kunnen uitmaken van een harde, fysieke werkelijkheid: of chemtrails bestaan of ze bestaan niet. Indien ze inderdaad zouden bestaan, dan moeten ze meetbaar zijn en tastbaar. De oorzaken en de gevolgen zouden gekwantificeerd kunnen worden. Ook de samenzwering erachter zou al dan niet gedeeltelijk in kaart kunnen gebracht worden: wie sproeit wat wanneer en waar en wat zijn de gevolgen voor wie waar en wanneer. Maar elke vorm van concreet onderzoek wordt, althans in de hoofden van de chemtrail-complotdenkers, onmogelijk gemaakt door de Nieuwe Wereldorde. Trouwens, het moet niet meer onderzocht worden, chemtrails bestaan. Punt aan de lijn. Vanaf het moment dat het fenomeen en de (vermeende) gevolgen een plaats hebben gevonden in de cluster van complotverhalen, dan lijkt men liever de toevlucht te nemen tot krachten die zich ver boven de wolken bevinden.

Of men kan een beroep doen op chembusters. De farmaceutische industrie en het even machtige Monsanto verdienen bak-ken poen met de aanmaak en verspreiding van chemtrails, maar gelukkig kunnen wij ons ertegen beschermen met chembusters. Aan het woord is Monique Calis, ontwerpster en verkoopster van chembusters. Prompt tovert ze twee verschillende versies tevoorschijn, eentje in zakformaat en een tafelmodel. De kleine chembuster is handig en “je kan hem altijd meenemen. Ik heb ‘em altijd bij me”. Met haar werktuigen gaat ze in het verweer tegen chemtrails. Soms met succes, soms zonder succes. Hoe het werkt, begrijpt ze niet helemaal, maar ze is wel een fan van Tesla en het heeft iets te maken met vrije energie. De vakterm ‘energietikkeling’ moet maar volstaan. Ze loopt vaak rond, zo vertelt ze, met een chembuster, een orgon, “om te transformeren, puur vanuit jezelf”. En wanneer ze dan thuiskomt, dan is de lucht terug blauw. Soms toch. Soms ook niet.

Reïncarnatietherapeut Cor krijgt blijkbaar ook een energietikkeling en schiet terug wakker, of terug in leven, dat is moeilijk te zeggen. Hij verklaart dat hij aanvankelijk zéér sceptisch stond tegen het koperwerk van Monique, maar ervaring heeft geleerd dat het effectief is. Tijdens hun proeven met grote chembusters in het zuiden van Frankrijk, op het domein van de hoofdredacteur van het tijdschrift Spiegelbeeld, behaalden ze volgens de subjectieve metingen duidelijke resultaten. Toen ze door omstandigheden geen aandacht konden schenken aan het koperen gevaarte, dan ontstond er een dipje in de metingen. “Je geeft zelf energie vanuit jezelf aan de chembuster en daardoor gaat-ie werken.”

VRAAG: Hebben de bedenkers en uitvoerders er zelf geen last van?

Hoewel Gijs ervan overtuigd is dat de ultieme opdrachtgevers niet-menselijke entiteiten zijn (de coördinatie van het hele complot is te complex voor mensen), zijn de anderen van mening dat ook de bedenkers en daders lijden onder de constante stroom van chemicaliën die ze zelf laten neerdwarrelen. Maar hongeren naar macht is nu eenmaal destructief, dat zit in het karakter van CEO’s. Psychopaten zijn het, met een sterke zelfvernietigingsdrang. Trouwens, ze bevechten elkaar ook.

Een kwartier later is dan weer bijna iedereen het erover eens dat de elite zich kan beschermen tegen chemtrails, onder andere met colloïdaal zilver, wat het DNA herstelt, aldus de experten. Het is heel bizar dat op zowat elke website die én informeert over chemtrails én een webshop heeft, dit product wordt aangeboden. Dit volgt hetzelfde patroon als de kurkuma-drogreden: de farmaceutische industrie wil de heilzame werking van geelwortel bij kanker voor u geheim en verborgen houden, maar wij verkondigen de geneeskracht van het gele poeder en verkopen u kurkuma tegen exorbitante prijzen.

Earth & Beyond IV – Gerard Aartsen: “Dat zijn de feiten, als we ze even aannemen en zo.”

Dit artikel is het eerste in een reeks over de spirituele beurs Earth & Beyond IV die op 17 juni 2017 doorging in Houten, nabij Utrecht. In deze reeks bespreek ik enkele van de lezingen die ik heb mogen bijwonen.

* * *

Gerard Aartsen (1957) is een onderzoeker en docent uit Amsterdam die daarnaast al zijn leven lang de leringen van de Oude Wijsheid bestudeert. Met zijn lezing “Buitenaardsen. Wat doen ze hier?” wil Aartsen laten zien hoe hij het informatieve kaf van het koren scheidt. Hij wil zijn toehoorders inzage bieden in hoe hij informatie over ufo’s en aliens kritisch benadert. Voor Aartsen zijn twee zaken duidelijk en niet te bediscussieren: (1) er zijn positieve contacten met buitenaardsen en (2) machtige organisaties proberen de aliens en hun bedoelingen in een kwaad daglicht te stellen.

In het eerste deel van zijn lezing probeert hij aan de hand van tekst- en fotomateriaal een baseline te creëren. Hoewel hij niet echt een geldige reden kan geven, beschouwt hij de informatie over ufo’s uit de vroege jaren 1950 als de meest authentieke. Vooral auteurs als Desmond Leslie en George Adamski[i] worden door hem op handen gedragen omdat ze puur zijn, nog niet bezoedeld door de sensatiepers of door de negatieve invloeden vanwege de regeringen die de ufo-verhalen proberen te verbergen. Tijdgenoten van Adamski beschouwden zijn opvattingen dan weer als bedrog en noemden hem een con artist.[ii]

In hun boeken tekenden zij verhalen op van buitenaardsen die zich zorgen beginnen te maken over het menselijk gedrag op aarde. Niet alleen het gebruik van kernenergie en atoomwapens, maar ook de wereldwijde pollutie, het menselijk egoïsme en de staatsinrichtingen gebaseerd op hebzucht houden de gemiddelde E.T. uit zijn kosmische slaap. “Dat zijn de feiten, als we ze even aannemen en zo”, aldus de spreker.

De lezers dachten, nog steeds volgens Aartsen, dat de boeken van Leslie en Adamski een toekomst schetsten die hoopvol was, een boodschap die vlak na de Tweede Wereldoorlog en bij het begin van de Koude Oorlog, de verstikkende wapenwedloop en steeds verschrikkelijker wordende atoomwapens, met een zucht van verlichting werd onthaald. Bij de autoriteiten deden de positieve, hoopgevende berichten evenwel wrevel ontstaan, weet Aartsen. Regeringen wereldwijd hadden meer baat bij een klimaat van angst dan bij een van hoop, aldus de spreker. De winsten die het militair-industriële complex genereerden kwamen hen beter uit. En net daarom schakelden regeringen en de legerleiders de media in. Kranten verspreiden berichten over wrede, nietsontziende alien abductions, koele, rationele wetenschappers sloegen aan het debunken en de filmindustrie deed er middels (B-)films als Terror from Outer Space alles aan om de buitenaardsen af te schilderen als op strijd en verovering beluste indringers om zo de hoopvolle boodschappen onder te laten sneeuwen. Hedendaagse varianten van zulke desinformatie vindt Aartsen dan weer in de hersenloze clickbait die bijvoorbeeld aankondigt dat er 4, 6 dan wel 18 buitenaardse rassen zijn, de ene al agressiever dan de andere. Dat de Delftse Coen Vermeeren voor een gekkie wordt versleten, is volgens Aartsen eveneens een gevolg van dit soort gericht en destructief fake news.

Hoe ziet zijn kritisch bronnenonderzoek er nu uit? Ook hier is de spoeling dun. Aartsen spoort zijn publiek aan om in hun moderne bronnen op zoek te gaan naar overeenkomsten met de teksten uit de fifties, met de getuigenissen van de eerste contactees en vooral met de hoopvolle berichten. Als men genoeg overeenkomsten vindt, aanwijzingen dus dat de buitenaardsen ons bezoeken om hun bezorgdheid uit te drukken en ons goedbedoelde raad te geven, dan kan men ervan op aan dat de moderne bron betrouwbaar is. Komen de hedendaagse teksten, net zoals de oude, ook nog eens overeen met wat de (theosofische) “wijsheidsleringen” van onder andere H.P. Blavatsky en Alice Bailey en de “rationele wetenschap” à la Semyon Kirlian en Rupert Sheldrake, dan levert dat extra aanwijzingen op dat ze de moeite waard zijn. Teksten die al te sterk afwijken of een negatief beeld schetsen, zijn dan weer stukken desinformatie verspreid door de autoriteiten en hun vuige handlangers in de media. Kirlian is gekend vanwege zijn pseudowetenschappelijke aurafotografie en Sheldrake is de annalen van de pseudowetenschap ingegaan als bedenker van de eerder esoterische en weinig wetenschappelijke morfogenetische velden.

In het laatste deel wilde Aartsen, in navolging van Leslie en Adamski de kloof tussen ufologie, theosofie en religie te dichten: in tegenstelling tot ons, ondermaansen, zijn de buitenaardsen er reeds in geslaagd om zich te ontdoen van hun stoffelijke mantels, hun lichamen. Ze beschikken eveneens over technieken om hun fijnstoffige, etherische vormen toch zichtbaar te maken voor mensenogen door de trilling van de atomen te manipuleren. Dit verklaart dan weer waarom foto’s van hun ruimteschepen vrij vaag zijn (en ook wel waarom foto’s van vage objecten of (weer)fenomenen steevast ruimteschepen tonen).

Aartsen loopt onmiskenbaar over van de goede bedoelingen, zijn bezorgdheid omtrent atoomwapens en -energie, het wereldwijde leed dat mensen elkaar aandoen, lijken authentiek. Helaas levert zijn lezing weinig meer op dan pakweg de enigszins naïeve boodschap op het einde van De Snorrende Snor, een album in de reeks Suske en Wiske, waarin een ufo en geheimzinnige robots de hoofdrol spelen: “Bemint elkander”. Da’s best mooi, ha ja!, maar wat moeten we daar nu mee? Geen idee. Hoe welwillend ik Aartsens discours ook wil benaderen, zijn boodschap blijft steken bij een goedmenende E.T. en bij de dogmatische trekjes van een stel theosofen met vermeende diepe kennis van het fijnstoffige. Hij beschrijft niet meer dan een vlucht in het etherische, ver weg van de dagdagelijkse politieke werkelijkheid met zijn scherpe randjes en pragmatische compromissen. En zijn hoop dat een spirituele evolutie de mensheid zou kunnen veranderen, is louter een vorm van dilettantisch escapisme.

 

 

[i] Hun boek Flying Saucers Have Landed (1953) kan gedownload worden via http://www.universe-people.com/english/svetelna_knihovna/en_flying_saucers_have_landed.htm

[ii] Een interessant artikel uit Time (1959) beschrijft de ontmoeting tussen de Nederlandse koningin Juliana en George Adamski. Juliana, gekend voor haar soms bizarre opvattingen, was niet bepaald gecharmeerd door de ideeën van Adamski.
“The Queen & the Saucers” in Time (1 juni 1959), geraadpleegd via https://web.archive.org/web/20090527190226/http://www.time.com:80/time/magazine/article/0,9171,811123-1,00.html
Meer informatie over Adamski’s bezoek aan Nederland vindt u op Skepsis.nl.

Naomi Apachi’s demonstratie in Mol (1)

naomi-apachiNaomi Apachi was een van de standhouders tijdens de Spirituele Beurs te Mol, waarover ik in een eerder artikel berichtte. Naomi is flambloyant, open en vriendelijk, ze praat graag en veel. Haar podiumnaam is een eerbetoon aan Phoenix, een Apache-indiaan uit het Amerikaanse Zuidwesten met een verrassend Griekse naam. Deze even vermetele als steendode krijger van de Grote Vlaktes in Arizona en New Mexico helpt haar tijdens haar paranormale, psychometrische sessies.

Het hoogtepunt van haar professionele carrière als medium situeert zich in de jaren 2008-2011, met onder andere gewaagde optredens tijdens het VTM-programma Het Zesde Zintuig (haar Hitler-sketch heeft ondertussen een zekere cultstatus verworven) en drie boeken bij Standaard Uitgeverij, toch geen kleintje in de wereld van bedrukt papier. Volgens de gespecialiseerde pers vond ze na haar gloriejaren enigszins genoodzaakt de weg terug naar de kleinere paranormale beurzen. Onze hardwerkende zelfstandige met een website geeft ook lessen “Intuïtieve Ontwikkeling” en “Zesde Zintuig Ontwikkeling” (“Mor as ’t er ni inzit, kanne kik et er oek ni uithale, é”), doet privésessies en geeft publieke demonstraties.

Psychometrie is haar gave, haar vak, haar broodwinning. Tijdens demonstraties ‘leest’ zij voorwerpen en foto’s die mensen aan haar geven en daarbij wordt zij geholpen door Phoenix de Apache. In twee blogartikels wil ik de publieke sessie in Mol beschrijven. In een eerste deel doet zij het stervensproces van een oudere man dunnetjes over. Het was de eerste zogenaamde cold reading met een nietsvermoedend slachtoffer die ik zelf heb meegemaakt. In het tweede deel gaat zij het gevecht aan met een sleutel in een vreemd doosje, mijn tweede cold reading en met een man die al iets minder nietsvermoedend was.

naomi-incl-overledenen

* * *

Een dringend geval van synchroniciteit tijdens de Spirituele Expo te Mol: terwijl mijn lichaam zich in balans probeert te brengen door toxische stoffen af te scheiden, is Naomi Apachi al aan haar publieke sessie begonnen. Goed vijf minuten te laat kom ik de zaal binnen, maar dat is blijkbaar tijd zat voor mevrouw Apachi om alvast één oudere vrouw, 60+ schat ik, in tranen te hebben doen uitbarsten.

Ja, hij was een brave mens, heel gesloten, maar joviaal. En fier, zo fier. De vrouw knikt bevestigend. Blijkt dat ze praten over haar vader. Naomi incorporeert onmiddellijk de bevestiging van haar gissingen, nu ja, in dit geval generische platitudes die toepasbaar zijn op zo ongeveer elke oudere man van die generatie, en ratelt dan verder. Telkens vraagt ze, vist ze naar een stukje informatie en onmiddellijk verwerkt zij het antwoord – een ja of een knik of een hoofdbeweging – in haar woordenvloed.

Hij heeft afgezien, zegt Naomi. Opnieuw een bevestigende snik. Een oude mens heeft veel kans dat hij afziet in zijn lange leven. Zo gaat dat bij mensen. En leed leidt naar mediums. Maar op dit punt hebben we dus nog geen specifieke informatie over dat lijden. De Apache waarmee Naomi spiritueel contact heeft, kijkt vanuit De Eeuwige Jachtvelden met grote ogen naar Naomi, heft zijn schouders op en maakt een verontschuldigende beweging met beide armen. Naomi zwijgt ook.

In de nanoseconden die volgen, vraagt Naomi zich af of haar indiaanse geest niet wat traag is geworden en of hij wel geconcentreerd meeluistert. Zou hij iemand anders hebben, zou hij haar bedriegen met een ander medium, die van twee tafeltjes verder? Tijd om van indiaan te wisselen? Naomi Dakoti klinkt óók heel goed.

De vrouw zegt uit dat haar vader terminaal was en in het ziekenhuis lag.

Phoenix de Apache bevestigt.

– Natuurlijk, dat was het!
– Snel, we kunnen dit nog redden, Phoenix. Wat doen terminaal zieken zoal in een hospitaal?
– Ademen, Naomi, ademen.
– Mor vent toch, als ze niet ademen, zijn ze dood. Iets anders.
– Ik bedoel eerst zwaar ademen, Naomi, moeilijk ademen. En dan sterven. Als de man nog in het ziekenhuis ligt, zou zij nu aan zijn bed zitten. Als hij genezen zou zijn, zit zij óók niet in een cafetaria van een school in fucking Mol met jou te praten.

Terwijl haar indiaan zich stilletjes afvraagt of Naomi nu echt niet zonder hem op deze voor de hand liggende antwoorden kan komen, vertelt Naomi aan de huilende vrouw dat ze de vader zwaar en stokkend ziet ademen, en ja, inderdaad in een ziekenhuis. De vrouw bevestigt opnieuw. Naomi heeft gelijk. Naomi weet. Naomi ziet.

Ik heb geen idee of die conversatie nu in het Chiricahua, Mescalero, Lipan of een andere Apache-taal plaatsvond, of in een soort grammaticaloze mentale taal op een hoger spiritueel niveau. Maar taalkundig gezien vind ik het hoe dan ook een knappe prestatie om zo snel over te schakelen van de ene taal naar het plat Antwerps. Paranormaal gezien is het natuurlijk kouwe kak om iets te herhalen wat de andere persoon zelf net gezegd heeft en daarop verder te borduren, met of zonder de hulp van een ingebeelde prairieganger.

Maar Naomi weet op dit punt genoeg. Wat ze nu moet doen is enkele minuten blijven praten en dat is geen probleem, dat is haar gave, haar vak, haar broodwinning. Ze doet de doodstrijd van de oude man dunnetjes over en de dochter mag nog maar eens haar verdriet beleven. Naomi zuigt het leed minutenlang uit de vrouw. Het is duidelijk dat de rouwende slechts een middel is, een opstapje, om haar Hogere Doel te bereiken. Je weet toch hoeveel een zelfstandige moet afdragen?

Jart Voortman versus ‘de skeptici’

img_0217Op woensdag 21 september 2016 hield de protestantse theoloog Jart Voortman in het Antwerpse Elcker-ik centrum een lezing met als titel “Bestaat er zoiets als het paranormale?”. Aangezien het mijn bedoeling is om een leesbaar verslag te schrijven, moet ik hier en daar creatief omgaan met de chronologie van de lezing. Ik ga de vele onderbrekingen, vragen en verhalen wegediten. De hele namiddag verliep vrij chaotisch en eerlijk gezegd vroeg ik me nadien af of het wel zoiets als een lezing was.

Voortman opende met een frontale aanval – laat het ons een inleiding noemen – op mensen die zeggen dat ze alles begrijpen, mensen die denken dat de werkelijkheid bestaat uit een hoop moleculen die gewoon maar wat met elkaar botsen. Mensen die het leven beschouwen als een driedelige set blokken met daarop de letters D, N en A. Mensen, kortom, die zich gedragen als stropopargumenten.

En om aan te tonen dat er veel meer is dan wat we kunnen waarnemen met onze zintuigen, probeerde hij enkele goocheltrucjes uit te voeren, een middel dat zeer populair is onder skeptici, denk maar aan honest liar James Randi, onze Gili of Tayson Peeters.

Als het Voortmans bedoeling was om aan te tonen dat de wereld meer is dan de waarneembare werkelijkheid, dus “zoiets als het paranormale”, dan is een goocheltruc niet de beste keuze, me dunkt: een goede truc is er nu net op gericht om ons dat te doen geloven terwijl men enkel “materialistische” middelen gebruikt, “botsende moleculen”, zo u wil. Het punt van Gili’s show “Iedereen paranormaal”, bijvoorbeeld, was nu net het feit dat hij door te spelen met de vijf zintuigen van zijn publiek de indruk kon wekken dat er een zesde zintuig is.

Maar niet alleen mij deed zijn onhandig gestuntel sterk denken aan Toon Hermans’ legendarische goochelsketch, die volledig de mist in ging. Als het dus Voortmans bedoeling was om aan te tonen dat we iets moesten zien dat er niet was, namelijk goocheltrucs, dan slaagde hij wél in zijn opzet. Hoe dan ook, een carrière als eerlijke leugenaar kan de Hollandse theoloog best vergeten.

Een carrière als natuurkundige trouwens ook: indien men denkt dat de kwantummechanica plompweg aantoont dat alles mogelijk is, dan denk ik dat men het niet al te best begrepen heeft. Dat er verder niet veel over kwantumfysica in relatie tot het paranormale gesproken werd, was een van de weinige pluspunten van de namiddag.

de-ongelovige-thomas-heeft-een-puntOp dit punt staat in mijn notaboekje “begint plots over SKEPP en skepticisme”, maar om de tekst leesbaar te houden, zal ik het houden bij: in het deel na de inleiding zette een gewiekste Jart zijn aanval op het skepticisme in. Als wapens selecteerde hij argumenten en redeneringen die hij nu net in de skeptische literatuur gevonden had. Jart wilde het skepticisme en in één moeite door bekende adepten als Etienne Vermeersch, Johan Braeckman en de “te kille, al te rationele” Maarten Boudry met hun eigen argumenten verslaan en op die manier aantonen dat (1) skeptici weinig wetenschappelijk zijn en (2) dat er zoiets als het paranormale bestaat! Dat was waarschijnlijk ook de reden waarom hij zijn lezing aangekondigd heeft in een mail aan SKEPP, zoals ik uit goede bron vernomen heb. Zijn munitie haalde hij vooral uit Braeckmans en Boudry’s boek De Ongelovige Thomas heeft een punt.

Skeptici houden zich onledig met zaken zoals telepathie, wenende Mariabeeldjes, hekserij en, ach, ook wel wat homeopathie en een complot hier en een ufo daar, aldus Voortman. Terwijl hij lacherig wat commentaartjes gaf op de ondraaglijke lichtheid van de drukdoenerij omtrent Yeti’s en Bigfoots, zwaaide hij met Michael Schermers Why people believe weird things, een boek dat voor één vijfde gaat over dat andere, onbetekenende akkefietje met die zes miljoen joden en den Duits. Of tegengas geven – slechte woordkeuze… of ingaan tegen de Holocaustontkenning ook “zo één van die subjectieve zaken” is die skeptici proberen te ontmaskeren, werd dus niet meteen duidelijk daar in de zaal van Elcker-ik, gelegen midden in de Antwerpse Jodenbuurt.

Onduidelijkheid troef bij Voortman, een hele lezing lang. In het zelfde rijtje van banale skeptische onderwerpen had hij het over zogenaamde spookhuizen. Maar beschouwde hij mensen die op zoek gaan naar geesten met, ocharme de sukkelaars, elektronische apparatuur (ha ha hoongelach) nu als skeptici? Het werd nog verwarrender wanneer hij twee minuten later verhaaltjes begon op te dissen van geesten die zich kenbaar maken via … oude radio’s. En zo trapte onze theoloog constant zichzelf in het kruis.

Hoe dan ook, volgens Jart besluiten skeptici veel te snel dat iets niet bestaat, dat iets niet klopt of kan. En dat is volgens hem niet wetenschappelijk. Er volgde net geen “Checkmate, skeptics!”

“Buitengewone beweringen vereisen buitengewone bewijzen”. Ook deze slagzin, onder meer gedebiteerd door Carl Sagan, wilde Voortman in vraag te stellen. Zijn eerste voorbeeld ging over de zwaartekrachtgolven: er werd lang over getheoretiseerd, maar uiteindelijk was één eenvoudig bewijs afdoende om de wetenschappelijke gemeenschap te overtuigen van het bestaan van die golven. Terwijl ik een enigszins wilde What the fuck! probeerde te onderdrukken, vuurde hij een tweede voorbeeld af. De boutade van de bioloog J.B.S. Haldane, dat één fossiel van een konijn in Pre-Cambrische afzettingen de evolutietheorie van Darwin onderuit kan halen, vond hij ook een aanwijzing dat skeptici serieus overdrijven met hun ‘buitengewone bewijzen’. Wat is er nu eenvoudiger dan één konijn? Anders gezegd, in de wetenschap heeft men helemaal niet veel bewijzen nodig! Voor scheidsrechter Jart is het opnieuw duidelijk dat skeptici zich op het wetenschappelijke veld in een buitenspelpositie bevinden.

Een derde punt: door hun stugge en afwijzende houding ten opzichte van anekdotes plaatsen skeptici zich andermaal buiten de wetenschappelijke discussie, aldus Voortman. Voor skeptici doen anekdotes er niet toe, terwijl ze niet beseffen dat in de wetenschappelijke literatuur casussen wél belangrijk zijn. Skeptici bekijken de wereld louter vanuit hun perspectief. Dat ze daardoor willens nillens doof blijven voor anekdotes, maakt dat ze dingen niet serieus nemen. Maar daar vergist Jart zich feestelijk in. Waar hij zich ook in vergist, is in de betekenis van vrij eenvoudige Nederlandse woorden. Zijn semantisch gegoochel had ongeveer dezelfde kwaliteit als zijn eerste goocheltrucjes. ‘Buitengewoon’ betekent niet hetzelfde als ‘veel’ of ‘complex’ en net zomin is ‘anekdote’ hetzelfde als ‘casus’.

Ook de statistiek, dat andere hulpmiddel, moest er aan geloven. Omdat er om en bij de 20 mensen in de zaal zaten, verwees hij naar de verjaardagsparadox: er is 50 procent kans dat in een groep van 23 willekeurig gekozen mensen twee dezelfde verjaardag delen. Maar daar geloofde hij niet in, dat ging in tegen zijn gevoel en intuïtie. Hij was zo overtuigd dat de paradox niet klopt, dat hij ei zo na het Wikipedia-artikel citeerde: “Bij veel wiskundige vraagstukken, met name bij kansrekening en statistiek, blijken mensen intuïtief tot verkeerde antwoorden te komen. Omdat deze ingevingen zo overtuigend zijn, voelen mensen geen enkele aanleiding om te twijfelen aan hun antwoord.”

Het wordt een beetje vervelend, maar bij zijn volgende punt hoorde hij andermaal de bel maar wist hij de klepel niet hangen. Omdat mensen zeer beïnvloedbaar zijn, een waardevol gegeven uit de sociale psychologie, is het mogelijk om valse herinneringen te creëren. We hebben al bij al een onbetrouwbaar geheugen, aldus Voortman, waarmee hij zo ongeveer de halve skeptische literatuur van de laatste 30 jaar citeerde. Maar ook hier maakte hij een vreemde omslag.’s Avonds weet hij namelijk doorgaans waar hij ‘s morgens zijn fiets heeft gezet, dus “dat het geheugen één grote warboel is, dat kunnen we toch niet accepteren”. In zijn schijnbokswedstrijd tegen zijn imaginaire skeptici was dit zo ongeveer de vierde keer dat hij zichzelf tegen het canvas werkte.

Een laatste argument haalde hij eveneens uit het boek van Braeckman en Boudry. En ook hier is de uiteindelijke pointe dat een uitleg die skeptici gebruiken om anderen de les te spellen, hen uiteindelijk als een boemerang vol in het gezicht raakt: immunisatiestrategieën. Skeptici hebben namelijk zelf ook last van cognitieve dissonantie en zeker wat het paranormale betreft. Het past niet in hun wereldbeeld, dus elk bewijs, elk argument pro redeneren ze weg om hun ideeën intact te houden. Dit lijkt mij trouwens een uitstekende plaats om te melden dat op 22 december in het Antwerpse Elcker-ik centrum een namiddag over cognitieve dissonantie zal plaatsvinden.

Mocht u de indruk krijgen dat dit tot nu toe enigszins een coherente lezing was, ondanks de inhoudelijke onvolkomenheden, dan komt dat louter omdat ik alle onderbrekingen van enkele aanwezige skeptici en een schier oneindige stortvloed aan anekdotes, casussen quoi, heb weggelaten. De drang bij de aanwezigen om te getuigen over hun paranormale ervaringen was enorm. Jart had geen greep op zijn publiek en stilaan verloor de lezing haar dynamiek.

Ondertussen waren we aangekomen bij het deel waarin hij twee fragmenten uit de KRO-reeks Wonderen bestaan wilde tonen. Het waren volgens hem zéér sterke voorbeelden van paranormale gebeurtenissen. De fragmenten die hij toonde, vind ik online niet direct terug, maar via deze link naar de webpagina van het KRO-programma krijgt u alvast een indruk van de inhoud en van de waarde van de getuigenissen. Voor mensen die niet klikken: het programma is even stroperig, kitchy & campy als de titel doet vermoeden.

Jart heeft twee specifieke verhalen gekozen, omdat daarin telkens meerdere mensen dezelfde ervaring hebben! En dat kan toch geen toeval zijn, daar kan geen skeptisch argument tegen op. In een eerste fragment vertelde een vrouw hoe ze door een “onzichtbare hand” werd tegenhouden en van de dood werd gered. Een getuige bevestigde de gebeurtenissen. In een tweede fragment vertelden twee zussen op een bijna identiek dezelfde manier hoe ze op een bijna identiek dezelfde manier via een klopgeest te weten zijn gekomen dat hun vader gestorven was in Turkije. Hetzelfde verhaal, dezelfde bewoordingen: dat kan niet gelogen zijn! En trouwens, vóór de reis, zo getuigde de hele familie in tranen, had vader al aangekondigd dat het zijn laatste keer zou zijn. Nou, een mooier bewijs voor het paranormale kan je toch niet tegenkomen. Jart glunderde en zag hoe het paranormale, eerder dan het verdriet van de twee dames, afdroop van het scherm.

De zaal werd rumoeriger, een enkeling trok duidelijk de skeptische kaart, de meerderheid wilde vooral zélf vertellen. Eerst over hun persoonlijke ervaringen, later over verhalen die ze zelf gehoord hadden, een opbod aan paranormaligheid: bijna-doodervaringen, mysterieus aangekondigde sterfgevallen, paranormaal begaafde kinderen die dode mensen zien, en parasensitieve dieren die zo uit de sprookjes van Rupert Sheldrake lijken te zijn gestapt. De meeste verhalen waren in se zo schrijnend en aandoenlijk, ook als men ze zou ontdoen van de paranormale franjes. Maar Jart verloor het initiatief en de namiddag begon te verzanden in de “casussen”. Hier en daar werd er nog geprobeerd om iets te duiden – dat we na zovele verhalen over bijna-doodervaringen niet meer kunnen ontkennen dat er niets van aan is, want een professor hier zegt en een onderzoek daar bewijst. “Onze hersenen maken het bewustzijn niet, net zomin als een computer het internet maakt”, aldus onze protestantse theoloog in een poging om relevant te blijven. Uiteraard lokte dit een vraag over Dick Swaabs boek Wij zijn ons brein uit. Met zijn opmerking dat volgens hem paranormale ervaringen bestaan, maar paranormale begaafdheid niet, oogstte hij dan weer geen succes bij de aanwezigen met paragnostieke neigingen.

Het werd ook goor: een aanwezige man vertelde een dieptragisch verhaal gelardeerd met schijnbaar paranormale fenomenen en eindigde snikkend met de woorden “Ik weet niet wat het verhaal betekent”. Waarop Voortmans pastorale antwoord luidde: “Je weet best zelf wat het betekent.” En hier eindigde wat mij betreft het goede fatsoen en de lezing.

Het is meer dan begrijpelijk dat mensen een enorme drang voelen om hun tragische verhalen te vertellen en om hogere betekenissen te zoeken in schijnbaar ongerelateerde gebeurtenissen die lijken te leiden naar een tragisch sterfgeval. Uiteraard hebben zulke ervaringen een enorme impact op een mensenleven, op het leven van tal van mensen die zulke gelijklopende tragische feiten moeten ondergaan. Wat ik al niet meer begrijp is dat deze neigingen niet gewoon beschouwd kunnen worden als wat ze zijn: kenmerken van onze menselijkheid, kenmerken die net door hun gelijkenissen mensen dichterbij zouden kunnen brengen in verdriet, acceptatie en mededogen. In plaats daarvan geven clowns als Voortman de voorkeur aan een paranormale uitleg, die schijnbaar wijst op een Hoger Iets, maar uiteindelijk uiterst banaal is. Dat wij zulke gelijklopende tragische ervaringen hebben, die inderdaad vragen kunnen oproepen, maakt ons net tot mensen. Dat toeschrijven aan het paranormale is een flagrante ontkenning van onze menselijkheid.