Titus Oates, leugenaar

Dit is het tweede deel over het Paaps Complot. Het eerste deel, “Titus Oates, complotbedenker”, vindt u hier.

* * *

jesuitTitus Oates, man van God, had geen internet of Facebook nodig om zijn dodelijke complottheorieën, zijn Paapse Complot, te verspreiden. Oates beschuldigde vooraanstaande katholieken en jezuïeten van een zoveelste complot tegen koning Karel II van Engeland. Zijn theorieën leken aanvankelijk bot te vangen, maar één man, de Hertog van York, zag er evenwel een manier in om enkele van zijn politieke tegenstanders een hak te zetten. Hij bracht het geval voor de Staatsraad, de zogenaamde Privy Council en in een stroomversnelling.

De getuigenis van Israel Tongue voor die raad had tot gevolg dat hij algemeen als ontoerekeningsvatbaar en stekezot werd beschouwd. Die van Oates maakte wél indruk, en nog geen klein beetje. Oates presenteerde zich als de man die de informatie aan Tongue had doorgespeeld. Zijn kennis van het dossier, de opsomming van de namen van de verdachten, vermeldingen van omkoopsommen, de mensen die het geld overhandigden en ontvingen, wekten bewondering op. In 1678 was er niemand die net door de overvloed aan details durfde bevroeden dat Oates alles verzonnen had. De verhoren zorgden voor een golf van onrust en opwinding in de hoofdstad en Oates’ naam kreeg bekendheid.

In zijn boek A Selection of Cases from the State Trials. Volume II, Part II. Trials for Treason. The Popish Plot (1678-1681) vermeldt J.W. Willis-Bund een lijst van namen, twee en een halve pagina lang, en vermeldt dan droog dat dat nog maar Oates’ eerste opsomming was (pp. 460-462). Hij laat ook weten hoe onwaarschijnlijk die lijst op zich was:

It has only to be examined to shew its worthlessness. That a person of Oates’ position should be trusted to deliver commissions to the noblemen and gentlemen named in the list is of itself incredible; that the persons mentioned in it should have chosen Oates as their confidant is if possible more so.

Willis-Bund gaat nog een stap verder en voert aan dat de geruchtenmolen van Oates waarschijnlijk tot stilstand zou gekomen zijn, mochten twee incidenten geen extra duwtje hebben gegegeven. Bij Edward Coleman, ex-jezuïet en biechtvader van de Hertog van York ontdekte men een uitgebreide correspondentie met buitenlandse katholieke hoogwaardigheidsbekleders en met de biechtvader van de Franse koning, Père La Chaise. Zij schreven over de herbekering van Engeland tot het ware, katholieke geloof en pacten met Frankrijk.

godfreyHet tweede incident was de moord op Sir Edmund Berry Godfrey, de magistraat die Oates had ingezworen tijdens de verhoren. Godfrey werd gevonden in een sloot, gewurgd en afgemaakt met zijn eigen zwaard. Ik laat nogmaals Willis-Bund aan het woord:

As his death could not be easily accounted for, the cry at once arose that he had been murdered by the Catholics ; this was looked upon as another corroboration of Gates’ fabrications. The people at once lost what little reasoning power they had left. All parties immediately united against the Catholics, all distinctions of politics were forgotten, the nation was divided into two great factions Protestant and Catholic ; to be a Catholic was synonymous in the eyes of a Protestant, that is in the eyes of the nation, with being a traitor.

De discriminatie van katholieken kende een nieuw hoogtepunt en ze werden daarbij andermaal gedwongen om een eed van loyaliteit te zweren aan de koning van Engeland, sinds Hendrik VIII het hoofd van de Anglicaanse staatskerk. Zo’n eed druiste voor katholieken in, althans formeel, tegen de suprematie van de Paus van Rome. Wie de moord op Godfrey pleegde, blijft een raadsel, wie ervoor moest boeten niet. Drie katholieke ambachtsmannen werden door een andere verdachte onder tortuur beschuldigd. Zij werden op de gebruikelijke manier geëxecuteerd. De gemartelde trok later zijn gedwongen bekentenissen in.

whitehallTitus Oates werd de Redder des Vaderlands, het parlement droeg hem voor bij de koning, die hem onderbracht in een riante woning te Whitehall, met persoonlijke bodyguards, en hem een toelage verzekerde van 1200 pond per jaar. Oates bleef niet op zijn lauweren rusten: samen met Tongue onthulde hij nieuwe complotten, met steeds wijdere en diepere vertakkingen. Beide heren kwamen zelfs af met bewijzen dat de Grote Brand van Londen dan toch een groots opgezet katholiek complot was. Hun beschuldiging van vijf katholieke Lords, daarentegen, vond zelfs de koning ongeloofwaardig.

hang drawnHet succes van Oates en de dankbaarheid van de natie bleef niet onopgemerkt. William Bedloe, een schimmige figuur uit de Londense onderwereld, rook zijn kans en kwam zelf met verhalen die de beschuldigingen van Oates leken te onderbouwen en uit te breiden. Maar niet enkel criminelen wilden een graantje meepikken, ook hoogwaardigheidsbekleders zagen een mooie kans in deze tijden van hysterie en paranoia om hun politieke vijanden te beschadigen. Hun getuigenissen gaven de beschuldigingen van Oates op cruciale momenten de broodnodige geloofwaardigheid.

Ondertussen boekte Oates de eerste dubieuze successen met de veroordeling van verschillende hoogwaardigheidsbekleders en dat gaf hem en Bedloe moed om een stap verder te gaan en zowaar de koningin te beschuldigen. De relatie met zijn eega was niet echt denderend, maar de koning weigerde “to see an innocent woman abused” en liet Oates arresteren. Op voorspraak van het parlement werd hij terug vrijgelaten.

Popish plot playing cardRuim twee jaar lang kon Oates de aandacht voor zijn Paapse complottheorieën gaande houden, waarbij hij steeds nieuwe plots en subplots verzon. Het succes mag niet al te veel verwonderen, na 150 jaar godsdienstige verdeeldheid, katholieke complotten, religieus gemotiveerde burgeroorlogen en niet te vergeten een nog langere periode van oorlogen met het katholieke Frankrijk en Spanje, en met de protestantse Nederlanden. Verder kreeg hij op cruciale momenten steun van edelen (én van straatcriminelen) die in de gelegenheid te baat namen om zich te ontdoen van hun politieke tegenstanders en om mee te profiteren van het aanzien dat Oates genoot.

De omgang met complottheorieën doet denken aan de situatie in het moderne Midden-Oosten zoals beschreven door Matthew GrayConspiracy Theories in the Middle East: Sources and Politics (2010): economische crisis, religieuze scherpslijperij, oorlog en burgeroorlog, onlusten en sectaire agressie. Externe vijanden bij de vleet, een regering die enerzijds niet kan verhelpen dat de ene complottheorie na de andere opduikt, en er soms zelf van profiteert of er eentje verzint wanneer het politiek uitkomt.

De onthullingen van Oates kenden drie peilers, drie verhaallijnen die hij zeer goed beheerste en uitbuitte. De eerste was de vernietiging van het koningschap van Karel II, een idee dat volledig uit de lucht gegrepen was en waaraan ook niet zoveel geloof gehecht werd, zeker niet door de koning zelf. De tweede was de ontbinding van de regering en dat was al iets minder onwaarschijnlijk. De herinvoering van het rooms-katholieke geloof als staatsreligie was duidelijk het streefdoel van de Engelse katholieken in de 17de eeuw, de Jezuïeten voorop.

De gevolgen waren amper te overzien: paranoia vulden harten met angst en de straten met gewapende mannen. Het parlementsgebouw werd angstvallig doorzocht; men wilde een tweede Buskruitverraad vermijden. Katholieken werden uit Londen verdreven, nieuwe verdachten werden opgepakt, tot in Ierland toe, en ruim twintig mensen werden geëxecuteerd. Voor de Jezuïeten waren de gevolgen rampzalig: negen werden er geëxecuteerd, twaalf stierven er in gevangenschap, minstens drie werden gelyncht. Ze verloren hun hoofdkwartier in Wales. De algemene antikatholieke wetgeving werd pas in 1829 versoepeld (Roman Catholic Relief Act). Politiek werd het nog langer gebruikt.

Vanaf 1680 begon Oates’ deuken te vertonen. De religieus eerder tolerante koning was nooit een fan geweest van de antikatholieke hysterie die Oates had opgepookt. De beschuldiging van de koningin kon op weinig bijval rekenen en wanneer Oates vijf katholieke edelen als verdachten aanwees, groeide het ongeloof: twee konden elkaar niet luchten en spraken al jaren niet meer met elkaar en een derde zo ziek was dat hij amper boven van onder kon onderscheiden. De publieke opinie begon het zowaar op te vallen dat alle, maar dan ook alle beschuldigden fanatiek aan hun onschuld bleven vasthouden. Ook andere hoofdrolspelers in de berechting van de verdachten begonnen zich vragen te stellen.

titus leugenaar

Stilaan maakten de slachtoffer van Oates’ complottheorieën zowaar meer kans om niet meer ter dood veroordeeld te worden. Het zogenaamde Complot van Barnbow, een nieuwe poging van Oates om katholieke hoogwaardigheidsbekleders te elimineren, deze keer in Yorkshire, liep uit op een sisser: de protestantse jurie weigerde de verdachten te berechten en te veroordelen. Ook een andere voorwaarde voor een vlotte afhandeling richting galg viel weg: de rechters begonnen zich steeds onpartijdiger op te stellen.
Uiteindelijk werd Oates uit zijn luxueuze appartement te Whitehall gezet, gearresteerd en beboet. James II, de opvolger van Karel II, beschuldigde Oates van meineed en trok hem voor het gerecht. De doodstraf bestond niet voor dit soort misdaden en toch was het verdict harder dan het op het eerste zicht leek. Oates werd zijn religieuze status afgenomen, hij werd twee maal publiekelijk aan de schandpaal gezet, veroordeeld tot levenslang én tot een jaarlijkse afranseling die zo ernstig was dat het in de dood kon eindigen.

Drie jaar bracht Oates door in de gevangenis. Toen Willem van Oranje de troon besteeg, kreeg hij clementie en een pensioen van uiteindelijk 300 pond per jaar. In 1705 stierf Oates, vergeten door het publiek dat hem op handen had gedragen als de redder de vaderlands. Bedloe, een van zijn handlangers, stierf een natuurlijke dood, een hele prestatie voor een beroepscrimineel.

In 1705 luidde de officiële versie dat het Paaps Complot waar en waarachtig was.

* * *

Lijst van geraadpleegde bronnen

Boeken

  • Peter ACKROYD, History of Engeland. Volume II Tudors, London, Pan Books, 2014
  • Peter ACKROYD, History of Engeland. Volume III Civil War, London, Pan Books, 2015
  • D.H. PENNINGTON, Europe in the Seventeenth Century, London, Longman, 1989
  • Philip SIDNEY, A History of the Gunpowder Plot. The Conspiracy and its Agents, London, The Religious Tract Society, 1905
    https://archive.org/details/cu31924028038390
  • Thomas SECCOMBE (ed.), Lives of Twelve Bad Men, original studies of eminent scoundrels by various hands, ed. by Thomas Seccombe, London, T. Fisher Unwin, 1894
    https://archive.org/details/cu31924029870874
  • J.W. WILLIS-BUND, A Selection of Cases from the State Trials. Volume II, Part II. Trials for Treason. The Popish Plot (1678-1681), Cambridge, At the University Press, 1882
    https://archive.org/details/pt2selectionofca02willuoft

Artikelen

Podcast