Querido

Abraham. Een familiekroniek die begint met een pater familias vernoemd naar een aartsvader, er zijn slechtere manieren om een stukje te beginnen. Het is daarom des te tragischer dat deze tekst moet eindigen met ene Gerard, volgens Marc Sleen de naam van de duivel. Klopt niet helemaal, maar u begrijpt waar het naartoe zal gaan.

En nee, het is geen fictieve naam, hoewel hij ondertussen in mijn hoofd bijna is uitgeroeid van individu tot stereotiepe complotdenker. Hij is ondertussen ook een beetje mijn vriend geworden, hoewel ik betwijfel dat die gevoelens wederzijds zijn.

Dankzij Gerard, een supporter van complottheorieën, ben ik op een blogartikel gestoten dat gewag maakt van tal van genealogische bijzonderheden omtrent de oorspronkelijk Sefardisch-joodse familie Querido, en meer bepaald de Nederlandse tak, Querido Holandeses.

Een aanrader. Ik had geen idee dat schijnbaar saaie genealogische teksten, met hun ellenlange opsommingen van mannen, vrouwen, kinderen uit een eerste en vaak tweede huwelijk zo boeiend konden zijn. Hoe ouder de gegevens, hoe groter de kans op sterfte tijdens het baren, trouwens. Hoe recenter, hoe groter de kans op een tweede huwelijk na het scheiden.

De eerste documenten plaatsen de familia in Portugal, vanwaar ze in de loop der eeuwen uitgezwermd zijn naar West-Europa, Noord- en Zuid-Amerika. Aangezien de familie Sefardisch-Joods is, liggen de roots waarschijnlijk in Spanje (Sefarad betekent volgens de Joodse traditie gewoonlijk Spanje). Het is niet geheel duidelijk wanneer de eerste Joden zich in het huidige Spanje gevestigd hebben.

* * *

In den beginne was David de Abraham QUERIDO (KRIDO OF CAREDO), geboren in 1701 te Hamburg, een Sefardische Jood, met roots in Portugal. Hij huwde in 1726 met Ester te Amsterdam. Ze kregen samen kinderen, en hij huwde een tweede maal na de dood van Ester. Zelf overleed hij op 14 augustus 1759.

Het blogartikel Querido Holandeses, de Hollandse Querido’s, kabbelt voort, zoals alleen genealogische teksten kunnen voortkabbelen. Er is weinig dat suggereert hoe moeilijk de joodse familie het al dan niet had in het Nederland van de 18de eeuw en later.

Natuurlijke problemen en drama’s duiken wel op in de kroniek. Kindersterfte is het duidelijkst af te leiden: Sara, geboren op 25 januari 1802, overlijdt te Amsterdam, 357 dagen oud. Jacob, een kind uit hetzelfde huwelijk, overlijdt op 18 juli 1807. Drie jaar oud, “begraven op 20-07-1807”. Overleden aan natuurlijke kinderziekte, zo meldt het artikel. Josua (1822-1825), Isaac (1825, doodgeboren), Eva (1827, twee dagen oud), Raphael (1829-1830, 353 dagen oud). Tot aan het begin van de 20ste eeuw meldt de kroniek vaak het overlijden van een kind of boorling. Een genealogische tekst heeft geen plaats voor dit onnoemelijke leed. Ons hoofd, met die overvloed aan menselijke empathie, wel.

Hoe jonger de gegevens, hoe gedetailleerder. De beroepsinformatie springt eruit. Er passeren kruiers en diamantslijpers, schoenpoetsers, sjouwermannen, werksters en koopmannen. Pettenmakers, militairen, voorzangers. Kuipers en schoenmakers. Reiziger in Damesconfectie. Op een uitzondering na, werkmensen met beroepsnamen die harde labeur suggereren.

Stilaan begint er zich in de opsomming een ander, donkerder patroon af te tekenen: familieleden geboren in het midden van de 19de eeuw en later, sterven op plaatsen die enkel maar onheil oproepen. Aaron is een Amsterdamse marktkoopman, geboren op 14 april 1859, overleden op 83-jarige leeftijd te Westerbork, op 09 januari 1943. Gracia de Baruch (1867), Grietje voor familie en vrienden, wordt 75 jaar oud, ook in Westerbork.

Westerbork, of beter, Kamp Westerbork wordt op de website van het herinneringscenter beschreven met de woorden: “tijdens de Tweede Wereldoorlog bekend als ‘voorportaal van de hel’. Het was een doorgangskamp naar concentratiekampen als Auschwitz en Sobibor.” Via Wikipedia leer ik waar Sobibór voor staat: “In tegenstelling tot Auschwitz, Majdanek en Treblinka bestond Sobibór niet uit een verzameling nevenkampen. Het enige doel was de gevangenen na aankomst in Sobibór zo snel mogelijk te vermoorden.”

Er is ook nog Esther (1887) 55 jaar, Auschwitz.
En Sara (1876) 66 jaar, Auschwitz.
Mozes (1879) 65 jaar, Auschwitz.
Cato (1907) 36 jaar, Auschwitz.
Jozef (1904) 39 jaar, Auschwitz.
Sophia (1905) 39 jaar, Auschwitz.
Abraham (1907) 37 jaar, Buchenwald.
Hans (1940) 4 jaar, Auschwitz.
Judith (1873) 69 jaar, Sobibór.
David (1907) 36 jaar, Auschwitz.
Rachel (1901) 41 jaar, Auschwitz.
Abraham (1897) 46 jaar, Auschwitz.
Hijman (1922) 20 jaar, Auschwitz.
Jacob (1925) 17 jaar, Auschwitz.
Louis (1928) 14 jaar, Sobibór.
Jacob (1899) 42 jaar, Auschwitz.
Rachel (1897) 46 jaar, Sobibór.
Isaac (1920) 21 jaar, Auschwitz.
Abraham (1921) 20 jaar, Auschwitz.
Emanuel (1924) 17 jaar, Auschwitz.
Levie (1927) 15 jaar, Sobibór.
Mordechai (1929) 13 jaar, Sobibór.
Josua (1932) 11 jaar, Sobibór.
Esther (1934) 8 jaar, Sobibór.
Mordechay (1904) 37 jaar, Auschwitz.
Hij was gemengd gehuwd en had vijf kinderen. Zijn vrouw en kinderen hebben allen gewoon thuis gewoond tijdens de bezetting en overleefden de oorlog.

Ik ben nog niet halfweg het originele blogartikel, maar ben gestopt omdat er wéér een familie vermeld werd met zeer kleine kinderen. Overleden in Auschwitz en Sobibór.

Ik wil nog drie personen vermelden. De eerste twee wil ik benaderen met het diepste respect. De derde met een vraag. Die derde heet Gerard.

Emanuel Querido (1871) opende in net voor de eeuwwisseling zijn eerste boekhandel, gaf in 1904 zijn eerste boek uit. Op 10 augustus 1915 richtte hij Em. Querido’s Uitgeversmaatschappij op. Ik citeer even:

Na de machtsovername door Adolf Hitler in het voorjaar van 1933 richtte Emanuel Querido in Amsterdam het nu wereldberoemde Querido Verlag op, de Duitstalige afdeling van zijn uitgeverij, met de Duitse uitgever dr. Fritz Landshoff als directeur. Onder zijn leiding zou Querido Verlag zich ontwikkelen tot een van de belangrijkste Exil-uitgeverijen, waar boeken konden verschijnen van voornamelijk Duitse auteurs, waarvan het uitgeven in Duitsland onmogelijk gemaakt was. In 1934, een jaar voor de eerste Penguins verschenen, publiceerde Querido de eerste zes delen van de pocketserie De Salamander, ‘een reeks van de beste oorspronkelijke en vertaalde romans’.

Emanuel (1871), 71 jaar, Sobibór.

Anna (1912), geboren te Antwerpen, overleden in Den Haag, vooraan in de tachtig. Verschillende van haar broers lieten het leven in Auschwitz. Maar het is bij haar kleinzoon dat ik wil uitkomen.

Gerard, dus. En voor die Gerard heb ik een vraag.

Beste Gerard

U contacteerde mij naar aanleiding van een blogartikel dat anderhalf jaar oud is. Een bespreking van een lezing door de Skandinavische complotbedenker Ole Dammegård . Die Skandinavische handelaar in samenzweringstheorieën verwijt de joden achter al de zogenaamde operaties onder valse vlag van de laatste decennia te zitten. Een complottheorie zonder joden wordt nu eenmaal zelden serieus genomen in dat wereldje. En als complotdenker moet u dat weten.

U ging niet akkoord met mijn observaties omtrent de lezing van de heer Dammegård in Coen Vermeerens kerk en stelde dat complotdenkers eigenlijk kritische denkers en dat mensen als mij schapen zijn.

Ik heb u dan maar aangeschreven. Toegegeven, niet al te vriendelijk, soms nogal uitdagend. Maar uit een onvoorspelbaar, wild bijennest ga je ook geen honing bekomen door het eens vriendelijk te vragen.

Gerard, u beweert in uw correspondentie met mij fier te zijn op uw joodse roots. Misschien daarom dat u mij al snel in onze relatie “nazi hond” noemde. Dat verbaasde mij en met het beetje informatie dat u mij gegeven hebt, ben ik aan het zoeken geslagen. En googelen, dat doe ik graag en niet al te slecht, als ik zo onbescheiden mag zijn. Ik ben zelfs te weten gekomen dan dat Emanuel Querido zich ergens in uw familiestamboom bevindt. U weet wel, Emanuel (1871), 71 jaar, Sobibór.

Wat u niet weet, is dat u mij op een vrij speciaal moment heeft aangeschreven. Ik ben net bezig met het lezen van een boeiende masterthesis over complottheorieën omtrent de lang verwachte overheersing door de lang verachte Joden. Ik heb los daarvan eerder deze week info opgezocht over een ver familielid dat is gestorven in een Duits kamp, toen België al bevrijd was. Ik ga al eens knikken aan zijn gedenksteen. En met een vriendin ben ik wat gedachten aan het uitwisselen over oorlog of het gebrek daaraan. Ik heb er nooit een meegemaakt. Zij wel.

En, Gerard, het is herfstvakantie hier. Anders gezegd, deze “Belgische hond” heeft zeeën van tijd om eens iets op te zoeken en een extra e-mailtje te schrijven.

Kameraad, in uw e-mails verwijst u graag naar Gerrit Herder, waarvan ik niet zolang geleden vernomen heb dat hij een ordinaire extreem-linkse complotherkauwer is. Ik dacht dat hij een ordinaire extreem-rechtse was. Een mens kan zich vergissen, hoewel het verschil nu weer niet zó groot is. Blijkbaar vindt u die Herders ideeën koosjer genoeg en hebt u weinig problemen met zijn anti-joodse geschriften. Wat hij schrijft over de bekende Protocollen van de Wijzen van Sion zou zo uit de verrotte koker van een nsb’er kunnen komen. Niet toevallig dat het nazi-opperhoofd de Protocollen vermeldde in zijn boekje met de titel Mein Kampf. En bijna op dezelfde manier. Het resultaat? Zie hoger.

Over de Protocollen gesproken, u nam terug contact met mij op via de website kloptdatwel.nl. En net onder een artikel waarin ik de jodenhaters van de Blije B bespreek en hun gebruik van een vertaling door een rabiaat anti-joods gezelschap verantwoordelijk voor De Misthoorn.

Opnieuw Wikipedia:

De Misthoorn was tussen februari 1937 en september 1942 een antisemitisch sensatieblad, dat zich ook krachtig verzette tegen de Vrijmetselarij. Het was wellicht het meest virulente antisemitische scheldperiodiek dat ooit in Nederland verscheen.”

Voor iemand die fier is op zijn joodse achtergrond, lijkt dat toch opnieuw een ongelukkig gekozen gelegenheid.

Gerard, mijn vraag. In mijn ervaring zijn er weinig of geen complottheorieën of -bedenkers die niet anti-joods zijn. Rabiaat anti-semitisme lijkt mij een wezenlijk onderdeel te zijn van de meeste samenzweringsverhalen. En dat stoot mij af. Vaak zijn ze ook niet zonder ernstige gevolgen.

Wat trekt u aan in zulke complottheorieën?

Denkt u even aan uw taalkundige groot-oom bij het formuleren van een antwoordje? Dank, kameraad.

Groeten,

Frank

Lees verder

Laat op de avond

Wie denkt dat een complotfantast op tv laten spreken een goed idee is, dwaalt.
Wie denkt dat het een goed idee is om een handelaar in complotverhalen voor de camera te pleuren om er dan een skepticus tegenover te zetten, is als een pyromaan die de brandweer belt. En hoe hoger de kijkcijfers waarmee dan geschermd wordt, hoe lager het moreel besef van de bedenker. Dat het stofrestje geweten dan wel gemakkelijker onder de mat geveegd kan worden, is een bedenkelijk voordeel. Entertainment en kritisch denken, beide zijn nodig, maar voor een geslaagde mix moet men geen beroep doen op een laatavondshow.

Naast onder meer Jan Smit, Kristof Calvo en Jacky Lafon was ook de rechts-libertaire, latent antisemitische complotbedenker, notoir antivaccinatie-activist en chemtrail-spotter Peter Vereecke als gast uitgenodigd. En ja, dat van dat antisemitisme kan ik hard maken. Over deze man en zijn fantasieën heb ik in deze blog al eerder geschreven. Tot zover het slechte nieuws omtrent Gert Late Night, seizoen 6, aflevering 16.

Hoewel hij aangekondigd werd als “iemand die er 100% van overtuigd is dat de aarde niet rond is maar plat”, duurde het geen 5 minuten vooraleer Vereecke zelf toegaf dat hij zelf toch niet helemaal, of beter, “niet heilig overtuigd” was van de vorm. Los van het feit dus dat hij daarvoor de gebruikelijke platte-aardenonsens had verkondigd en daarna doodleuk verderging. Ex-CVP’er, eeuwige tsjeef.

Net zoals een ongeluk komt een complottheorie nooit alleen. Het eerste stuk ging over zijn moment van “ontwaken”, van realiseren dat niets in de wereld is wat het lijkt, namelijk 11 september 2001. Dit verhaal, een klassieker onder complotdenkers, werd ook nu weer opgesmukt met uitweidingen over het vele denkwerk, het vele onderzoek (lees: gegoogle) en de vele existentiële, alles verscheurende twijfels in die periode. Afzien dat doen ze, die complotdenkers.

De vorm van de aarde verdween al bij al snel naar de achtergrond, ten voordele van zo mogelijk nog een meer belegen en achterhaald complotverhaal, namelijk de ‘theorie’ dat Paul McCartney Paul McCartney niet is. Momenteel maakt Vlaanderens bekendste verteller van samenzweringsverhalen een bescheiden tour met een lezing over de satanische impact van de Beatles en de rol van de vermeend dode bassist en zijn vervanger in die verzonnen spookvertelling.

Terug naar de platte aarde. Opvallend waren Vereeckes missers, een traditie bij de man die eerder en elders verklaarde dat correcte informatie niet van tertiair maar van quartair belang is: het diepste gat dat men gegraven en geboord heeft is niet 10.000 meter, maar ruim 12.000 meter. Hoe dan ook, Vereecke verklaarde dat hij niets zinnigs kon zeggen over de dikte van zijn aardkorst, maar 10 km was “in verhouding niets”. In verhouding tot wat, dat liet de mistspuier vlotjes achterwege.

Zijn verhaal over de Belg Auguste Piccard die de aarde aanschouwde vanuit een voor 1934 geavanceerde luchtballon en die vertelde dat de aarde plat is, behoort tot de complotfolklore. Dat Piccard een Zwitser was, die weliswaar in Brussel heeft gedoceerd en model stond voor Hergé’s Professor Zonnebloem, en vóór 1934 zijn vluchten in de stratosfeer uitvoerde, is andermaal zo’n slordigheid die de latinist Peter ‘Ad fontem’ Vereecke kwansuis naast zich neerlegt. Zijn bronnen, zijn fontes, bestaan niet uit feiten gevonden in de secundaire literatuur, maar uit fout weergegeven verhaaltjes die hij uit een slordig werkend geheugen opdiept.

Het goeie nieuws dan: de rollende ogen van Jan Smit en de grimassen van de half-goddelijke Jacky Lafon tijdens de uitleg van slijter van complotverhalen Peter Vereecke maakten elk weerwoord overbodig. Het was duidelijk: alvast in de studio van Gert Late Night pakte de mayonaise van complotklutser Vereecke niet. De twee presentatoren hadden zich terdege voorbereid; een pluim dus voor de researcher.

SKEPP’er en moraalfilosoof Brecht Decoene was de brandweerman van dienst. Gelukkig werd hij niet tegenover Vereecke gezet, zodat een vervelend welles-nietesspelletje vermeden werd. Brecht kreeg even de gelegenheid om de complotverhalen en het complotdenken te duiden. Feilloos en nagel op de kop, zoals we dat van hem ondertussen gewoon zijn. Helaas werd hem niet genoeg tijd toebedeeld. Het entertainment waarin de zatte nonkel voorziet, primeert op het weerwoord van de verstandige criticus die verder wil kijken dan de waan van de dag of de sensatie van de avond.

Oh ja, Brecht Decoenes boek Achterdocht tussen feit en fictie, over complotdenken, blijft een aanrader.

De uitzending kan u hier integraal bekijken: https://www.vier.be/video/gert-late-night/gert-late-night-s6/gert-late-night-s6-aflevering-16. Het deel met Vereecke begint rond minuut 20.

Truth Convention II (intro)

Trein gemist, smartphone (en dus camera) vergeten, batterij van de notebook leeg. Nee, 20 januari begon niet op de best mogelijke manier. Gelukkig was de rit met mentalist Tayson Peeters naar het Nederlandse Houten wel aangenaam. Na een kleine twee uur keuvelen over kritische koetjes en kalfjes, onze schrijfprojecten en skeptische organisaties in de Lage Landen, kwamen we aan in de grijze evenementenzaal EXPO, verborgen in een anonieme KMO-zone.

Aan de kassa Frans Helsinga himself, de organisator van deze conventie en van talloze lezingen. Ondertussen is hij Nederlands meest actieve aanjager van bizarre en absurde complottheorieën geworden. In deze blog hebben we het al over hem gehad in verband met de eerste conferentie over de platte aarde in Nederland, Earth and Beyond IV. Hij is een van de weinigen die brood ziet in verkondigen dat reuzen bestaan hebben (en meestal toont hij dan landschappen, heuvels, bergen, die er mits enig aanpaswerk uitzien als rustende mensen). Verder beweert hij nog steeds dat sommige (tafel)bergen eigenlijk versteende restanten van gigantische bomen zijn, zoals beschreven in een droom in de Bijbel. Deze handelaar in pseudowetenschap pakt momenteel uit met Tartaria, een onderwerp dat ik in een vorig artikel behandeld heb.

Op het menu staan 15 sprekers, maar wij komen voor Peter Vereecke (over de occulte aspecten van 9/11), Rasti Rostelli, Neêrlands pionier op het gebied van de showhypnose en Trudy Maassen (over buitenaardsen en mind control). Helaas kunnen we Johan Oldenkamp niet meemaken. Emile Ratelband zou ook van de partij zijn geweest, maar hem hebben we niet gezien. Of niet herkend. Naar het schijnt is die man de laatste jaren dan ook enorm verjongd.

Dat we geluk hebben, dat we toch we een risico genomen hebben om zo lang te rijden zonder reservatie, zegt hij, terwijl hij gezwind de 30 euro entreegeld in ontvangst neemt. Hij verwacht nog veel volk, ja-aah. Ik staar naar de dode boel in de lobby. Amper twaalf standen, bemand door verveelde verkopers. Animo: zero, sfeer: ook nul. Vorig jaar, tijdens Earth and Beyond, bruiste de plaats, was er veel volk, muziek zelfs, ook tijdens de lezingen waarvoor toen vijf zalen gereserveerd waren tegenover drie kleintjes dit jaar.

Mooie piramides van geslepen glas, adembenemende kristallen, zoals steeds. Twee dames op leeftijd willen hun voelgels verpatsen. Dat zijn “plantaardige gels (uit de papier- en houtindustrie) die verrijkt zijn met harmonieën uit de natuur zelf: de mooiste en meest bijzondere bloemenextracten en essentiële oliën”, lees ik op de website. Er zijn onder meer “‘Inspiratie en waarden’ voelgels”, “Aartsengel voelgels” van God weet welke pulp, en “‘Hulp bij problemen’ voelgels”. Die laatste categorie kunnen dan weer “helpen problemen te verlichten zoals Angst, Trauma’s, Depressie, Autisme, Anorexia, ADHD, Verdriet, Heimwee, Eenzaamheid, Minderwaardigheid….”.

Tot mijn verbazing staat er deze keer niet alleen een verkoper van snake oil, maar zowaar van machineolie: de Yellow Miracle Oil van Willibrord van der Weide. Willibrord is een diepgelovige platte-aarder, het brein achter de website De Lollards, met het wervende motto “God’s Koninkrijk kome op de platte aarde!”. Voor hem is ruimtevaart onmogelijk en bestaan atoom- en waterstofbommen niet. “U zult nu wel denken dat dit ruikt naar een ‘samenzweringstheorie’ van mijn zijde”, schrijft hij op zijn website. Neen, luidt het antwoord op deze halve retorische vraag. Maar, zo verzekert hij, “(z)onder oprechtheid, kennis, ervaring en de wil om het grondig te onderzoeken komt het niet tot stand.”

Gelukkig is ook Goedele Vercnocke van de partij. Haar accent verraadt dat ze een landgenote is, haar krakkemikkige uitleg dat ze nog niet zo lang in de business zit. Zij zorgt voor “energiemetingen” die niet echt positief zijn maar waarvoor gelukkig “een mooie oplossing” is: haar energiebehandeling! Lang geleden dat ik zulke platte verkooppraat heb gehoord, zelfs op een paranormale, spirituele beurs. In Houten gebruikte de vrouw voor haar metingen zogenaamd kinesiologische technieken, wat uiteraard Tayson deed opveren. Zij vroeg of hij rechtop ging staan, voeten naast elkaar, armen naar voren gestrekt, waarop ze dan zo duwde dat men in dit universum met zijn specifieke natuurwetten, wel om moet vallen. Na dit staaltje applied physics bleek dat zijn energie was goed, maar zijn balans was maar 50% en of hij een behandeling wilde? Tayson legde uit, ondanks het gemis van zijn halve balans, dat men echt wel de truc moet kennen om zo’n “meting” uit te voeren, dat men dus niet naïef of stoemelings zulke instructies kan even om tot dat resultaat te komen.

Hoewel de specifieke oefeningen verschillen, leggen de Australische skeptici uit hoe zo’n meting uitgevoerd wordt, wat de principes zijn in onderstaand filmpje.

Later op de dag zou Rasti Rostelli soortgelijke, niet dezelfde, trucjes uitvoeren tijdens zijn lezing. Het grote verschil met Vercnocke was dat hij zijn testpersoon van de andere kunne wél ongegeneerd bepotelde én pijn deed. Ik ga echter geen verslag uitbrengen van zijn voordracht, reclamestunt en apologie.

In de twee volgende blogartikelen wil ik de lezing van Peter Vereecke bespreken en die van nieuwkomer Trudy Maassen.

Tartaria, modder en tijd

Begin dit jaar werd mijn aandacht getrokken door een mooi plaatje met de indringende boodschap “Onderzoek Tartaria” en daaronder het cryptische “moddervloed”. Ik moet het ergens in een Facebook-groep gezien hebben, een van de vele waarin allerhande diepe, oude en eeuwenlange complotten worden besproken. Zelf loop ik ook al ruim twee jaar rond met het samenzweringsvirus dankzij het boek van Brecht Decoene Achterdocht tussen waarheid en fictie. Ik weet ondertussen dat de kreet “Research” niet betekent “Ga naar de vakbibliotheek!” of “Studeer geschiedenis”, maar wel “Googel eens wat rond en bekijk zoveel mogelijk urenlange en doodsaaie complotverhaaltjes over het onderwerp op YouTube” .

Vanaf 2019 heeft de theorie duidelijk zijn weg gevonden naar Amerikaanse en dus West-Europese complotdenkers, hoewel de aanloop al ergens in de tweede jaarhelft van 2018 genomen is. De versie die momenteel populair lijkt te zijn in kringen van Westerse samenzweringsdenkers, bevat de volgende elementen:

  1. Er zijn aanwijzingen dat er een wereldwijde moddervloed was, zo’n 150 tot 200 jaar geleden. Als bewijs voert men aan dat nieuwere gebouwen vaak op oudere zijn gebouwd, of dat steden uit verschillende lagen lijken te bestaan. Maar waarom zou men zich beperken tot één cataclysme? Het geloof in complottheorieën zal niemand tegenhouden om bijvoorbeeld de vulkaanuitbarsting die Pompeiji begroef in 79, te linken aan de meteoriet die de Toengoeska-explosie in 1908 zou veroorzaakt hebben.
  2. De moddervloed zou een wereldwijde, hoogtechnologische Tartaarse beschaving hebben begraven die onder andere over (vrije) energie en elektriciteit beschikte. Na de moddervloed hebben de verschillende lokale bevolkingen de beschaving ontdekt, opgegraven en geclaimd als lokale beschavingen, namelijk de Egyptische, Soemerische, Griekse, Romeinse, enz.
  3. Om discrepanties tussen de verschillende tijdslijnen te verklaren, wordt een eigentijdse versie van de fantoomtijd-mythe als het witte konijn uit de hoed getrokken. Dit houdt in dat we via de kalender bedrogen worden en dat er honderden jaren extra toegevoegd zijn aan de jaartelling om zekere historische gebeurtenissen te maskeren, verdraaien of manipuleren. In dit verhaal gaat het over minimum 1000 jaar.

Mocht uw nieuwsgierigheid geprikkeld zijn, dan verwijs ik u graag door naar de podcast van de gelovers van Bakedandawake. Op die website gooit men er nog een tiental extra punten en een podcast van anderhalf uur tegenaan. Voor de liefhebbers, dus.

Ene Philipp Druzhinin is reeds in 2017 begonnen met een YouTube-reeks over Tartaria en hij trekt de kaart van grenzeloze samenzwering waarbij internationale bankiers, leiders van wereldreligies, multinationals, de gebruikelijke verdachten dus, worden geïmpliceerd in het tijdloze complot. Het onderwerp werd overgenomen en uitgebreid door andere vertellers van complotverhalen.

Een mogelijke bron is het YouTube-kanaal New Earth (vanaf 2011), dat zich specialiseert in alternatieve geschiedenisverhalen:

The main purpose of this channel is not entertain people with historic curiosities, but to make them aware why exactly we were made to believe a fairy tale to be our real history – to deprive us of the most important knowledge we may ever posses – how to consciously manipulate the reality around with the power of our thoughts and intentions.

Het Tartaria-verhaal lijkt die verder te borduren op (complot)verhaallijnen die oorspronkelijk de geschiedenis van Groot-Tartarije (Grand Tartaria) behandelen of revisioneren. Voorlopig het oudste artikel dat ik heb kunnen terugvinden in een taal die ik begrijp, dateert van mei 2018 There is something wrong about the official Russian history – and here is why. Het is een bericht op het forum Above Top Secret en behandelt, zoals de naam doet vermoeden, over grote, oude en diepe samenzweringen. Het bericht meldt dat de theorie over Tartaria populair is op Russische websites, maar daar buiten niet gekend is.

Ondertussen lijkt Tartaria, net zoals de platte-aardetheorieën, een container te zijn waarin tal van oudere concepten ingepast kunnen worden: het idee van de “vergeten” antieke technologie, de legendarische Nikola Tesla wordt opgevoerd en hij is sowieso het troetelkindje van heel wat vertellers van complotverhalen. Maar ook de Verenigde Naties lijkt een rol in andere verhaallijnen te krijgen als organisatie die de “ware toedracht” wil verbergen.

Benieuwd wat Tartaria ons nog gaat brengen.

Complotten, doofpotten en een handvol luidruchtige zotten: Vermeeren vs. Boudry over 9/11

Volgend artikel van Brecht Decoene en mij verscheen in De Geus van mei 2018, het blad van de vrijzinnig humanisten van Gent en omstreken.

* * *

Op woensdag 20 maart 2018 vond in in de gebouwen van de Ugent een debat over de aanslagen van 11 september 2001 plaats tussen wetenschapsfilosoof Maarten Boudry en de Nederlandse ingenieur Coen Vermeeren. De organisatie was in handen van Peter Vereecke, ex-CD&V-burgemeester van Evergem en Vlaanderens bekendste complotdenker. Moderator van dienst, nu ja, was Rob Vanoudenhoven.

Maarten Boudry was tot voor kort verbonden aan de Ugent en is momenteel zelfstandig filosoof-schrijver. Samen met Johan Braeckman schreef hij De ongelovige Thomas heeft een punt. Een handleiding voor kritisch denken (2011) waarin ze onder meer op zoek gingen naar mogelijke verklaringen voor het immer populairder wordende complotdenken. Coen Vermeeren was tot 2012 docent Materialen, Productietechnieken en Constructies aan de Technische Universiteit van Delft en later hoofd van de Studium Generale aldaar. In 2017 verliet hij Delft en verkaste naar Breda. Vermeeren schreef het boek 9/11 is gewoon een complot (2016) en lijkt zich de laatste jaren aan steeds woestere complottheorieën te wagen. Hoogstwaarschijnlijk maakte dat zijn positie aan de TU Delft onhoudbaar.

De keuze om al dan niet een inhoudelijke confrontatie aan te gaan met complotdenkers, of creationisten, negationisten, aanhangers van alternatieve geneeskunde en aanverwanten, mondt hoe dan ook uit in een dilemma. Enerzijds zou een weigering om in discussie te treden aantonen dat bepaalde afwijkende ideeën te gevaarlijk of te bedreigend zouden zijn voor de academische wereld, voor de gevestigde orde. De vrije meningsuiting zou beknot worden en men lijkt de (waan)gedachte te bevestigen dat er iets te verbergen valt. Indien men daarentegen toch de handschoen opneemt, verleent men voorstanders van pseudowetenschappen een vorm van geloofwaardigheid waarnaar ze zo hard snakken.

En dat besefte de organisator van het 9/11-debat zeer goed: de grote winnaar van het debat was niet “de waarheid”, zoals een al te pompeuze Peter Vereecke zichzelf en zijn publiek probeerde wijs te maken, maar Peter Vereecke zelf. Hij heeft er per slot van rekening voor gezorgd dat “de moeder aller aanslagen” werd “besproken door twee universitaire experts”, zoals hij triomfantelijk meldde in zijn nieuwsbrieven voor en na. En dat voor een zo goed als eigen publiek in de universiteitsgebouwen: double whammy. Dat u en ik morgen ook een debat kunnen laten doorgaan in diezelfde gebouwen over het seksleven van tuinkabouters, het geheugen van water of bijna eender welk onderwerp naar keuze is een detail dat in deze context gemakshalve achterwege wordt gelaten. De huur van een universiteitsaula is een logistieke aangelegenheid, geen academische. De inhoud van het evenement wordt principieel zo weinig mogelijk beoordeeld door de Ugent.

Maarten Boudry besefte wel degelijk de hieraan verbonden nadelen en daarom kwam hij af met een beter idee. Als er niet veel te winnen valt in een debat met een complotdenker, omdat deze toch eerder via retorische trucs op de emoties van het publiek inspeelt dan op wetenschappelijke bevindingen, dan moet de winst op een ander gebied gezocht worden. Boudry vroeg aan de organisator een dubbele gage en stortte dat meteen door naar een goed doel, namelijk Against Malaria Foundation, een organisatie die binnen de Effective Altruism-beweging als één van de meest efficiënte in zijn soort wordt beschouwd. Op die manier worden honderden kinderen geholpen.

Coen Vermeeren koos eveneens een goed doel uit: de Studium Generale Breda, opgericht door een stichting die voorgezeten wordt door Vermeeren zelf. Dat men naar aanleiding van een lezing of debat een gage vraagt, is niet meer dan normaal. Sprekers mogen, moeten verloond worden. Dat men zichzelf daarvoor in een goed doel vermomt als een SG met opnieuw heel wat complotdenkers op het programma, dat is deugnieterij.

Over de eerste ronde van de avond, de presentaties, kunnen we kort zijn: Boudry gaf eerst een lezing Over 9/11 Truthers en andere complotdenkers. De begeleidende PowerPoint-presentatie zette hij online. We onthielden vooral zijn recept om zelf een complottheorie te ontwikkelen en de drie voorspellingen waarmee hij zijn lezing samenvatte. Ten eerste zou zijn tegenstander die avond zich beperken tot het zeer selectief uitkiezen van echte en schijnbare eigenaardigheden, ten tweede zou Vermeeren zich verbergen achter zogezegd kritische vragen en tot slot zou hij het nalaten een valabele tegentheorie te formuleren, ondanks het feit dat we ondertussen zeventien jaar verder zijn en dat er duizenden zelfverklaarde “onafhankelijke onderzoekers” actief zijn in de beweging van de zogenaamde 9/11 Truthers.

Vermeeren van zijn kant toonde zich in zijn presentatie erg kritisch tegenover de officiële versie, pikte anomalieën uit de rapporten, stelde kritische vragen, en – u raadt het – slaagde er niet in om een stevige theorie neer te poten die zou kunnen concurreren met de officiële.

Vermeeren biechtte bij aanvang op dat dit zijn eerste debat was, aangezien niemand het aandurft. Volgens hem was Maarten dus heel moedig. Deze vreemde en stoere opening ging gepaard met een licht bevende stem. Ook op andere momenten gaf de gewoonlijk lichtjes arrogante Coen een tamelijk nerveuze indruk. Hoewel, na het prijzen van Maarten volgde enkel nog misprijzen. “Dit zijn dingen die ze niet begrijpen als ze geen ingenieur zijn. Dat kan ik ze niet kwalijk nemen.” Of “Wat er die dag gebeurde, is vreemd. Nogmaals, je kan heel moeilijk met wetenschapsfilosofen over instortende gebouwen praten.” Wanneer Maarten zijn redenering aan het opbouwen is: “Hoe lang moeten we hier nog naar luisteren? Zijn punt is al duidelijk.” Waarom ingaan op de uitnodiging van Peter Vereecke, maar dit denigrerend inzetten als argument tegen Maarten Boudry? Dat ontglipt ons.

Boudry eindigde zijn betoog met de vraag welk mogelijk bewijs Vermeeren zou kunnen overtuigen van zijn ongelijk, een verwijzing naar het inzicht van wetenschapsfilosoof Karl Popper die stelde dat elke (wetenschappelijke) overtuiging open moet staan voor mogelijke weerleggingen. Met andere woorden, men zou zélf voorwaarden kunnen aangeven of een situatie bedenken waarbij de eigen overtuiging onder vuur komt te liggen of zelfs opgegeven dient te worden. Een theorie die hier niet kan aan voldoen, die dus niet falsifieerbaar is, is dan juist noch fout. Anders gezegd, men kan er geen zinnige uitspraken over doen.

Boudry gaf zelf enkele voorbeelden. Zo zou hij ernstig overwegen dat er iets grondig fout zit, indien een groot aantal mensen en terroristen die in die vliegtuigen hadden moeten zitten, plots te voorschijn zouden komen. Of indien iemand van de legerleiding met een stapel officiële verslagen komt aandraven die een weergave geven van wat er besproken werd tijdens de bijeenkomsten. Of stukken bedrading van het ontstekingsmechanisme van de controlled demolition. Maar wat zou Coen Vermeeren van gedachten kunnen doen veranderen? Hij bleef de zaal een afdoend antwoord schuldig.

Het eigenlijke debat nadien werd gevoerd aan de hand van vragen uit het talrijk opgekomen publiek, dat voor het grootste deel bestond uit supporters van Team Vereecke/Vermeeren en dat zich opmerkelijk rumoerig en zelfs ronduit agressief gedroeg wanneer Maarten Boudry aan het woord was. Onder de vele zogenaamde waarheidszoekers en supporters van Vermeeren leek de gedachte dat 9/11 wel eens geen inside job zou zijn geweest ondenkbaar én onverdraaglijk. Hun korte lontjes dreigden meermaals het debat op te blazen. Ongecontroleerd. De moderator leek het ondertussen nodig te vinden om zijn tergend gebrek aan ervaring te moeten compenseren met tooghumor, onderbroekenlol en absurde oneliners waarmee hij schijnbaar op het debat inpikte. Hij kreeg er de reeds luidruchtige lachers mee op de hand, dat wel, maar zijn schamele tussenkomsten waren niet bepaald een meerwaarde en kalmeerden de zaal veel te weinig.

Hoewel Coen Vermeeren in het begin van het debat Maarten Boudry bedankte om met hem discussiëren, liet Vermeeren meermaals vallen dat hij liever met een vakgenoot, een ingenieur dus, van gedachten zou wisselen en dat een wetenschapsfilosoof hem te min was, met al “die psychologie en zo”. Als we de giftige angel uit zijn sneer halen, dan kunnen we ons inderdaad afvragen waarom organisator Vereecke geen technisch gekwalificeerde tegenstander heeft uitgenodigd, een architect of een ingenieur met expertise in onder andere hoogbouw, wat Vermeeren trouwens ook niet heeft. Ons lijkt het eerder een zeer evidente kwestie van naamsbekendheid: de naam Boudry lokt waarschijnlijk meer mensen naar een universiteitsaula dan eender welke bouwkundige. Misschien een gemiste kans.

Coen Vermeeren daarentegen haalde maar al te graag aan dat er bijna 3000 ingenieurs zijn, broeders en zusters in de bouwkunde, die het officiële verhaal betwisten, de zogenaamde Architects & Engineers for 9/11 Truth. Maar dat lijkt ons een populistische drogreden: niet het schijnbaar grote aantal experts op zich is voldoende om het eigen en dus grote gelijk aan te tonen. Belangrijker dan de kwantiteit is de kwaliteit van de bewijsvoering en de argumentatie. Zo stelde Maarten Boudry dat men op het wereldwijde web met het grootste gemak 3000 biologen kan vinden die de evolutietheorie in twijfel trekken of 3000 al dan niet zelfverklaarde experts die hetzelfde doen op het gebied van de klimaatverandering.

Hoewel het argument van de 3000 experts niet echt geldig was, kunnen we evenwel niet onvermeld laten dat er zich in die groep van bouwkundige experts, die Vermeeren zo gretig naar voren bracht, onder meer theologen bevinden (met expertise in de bouwkundige aspecten van de vernietiging van die toren te Babel?), docenten religieuze studies (o.a. ene Graeme MacQueen) en landschapsarchitecten (zoals Sarah Chaplin, die zich bezighoudt met feministische visuele cultuur). Een grondige screening van de groep Architects & Engineers for 9/11 Truth, eveneens dankzij het internet, toont aan dat slechts een vijftigtal mensen voldoende deskundigheid hebben. Dat is één zestigste van 3000 en dus andere koek. Het mogelijke tegenargument dat er honderdduizenden ingenieurs zijn die het officiële verhaal wél bevestigen, heeft op zich eveneens geen meerwaarde. Het toont enkel aan dat zulke populistische schijnargumenten geen plaats verdienen in een ernstig debat.

Maar ons leek dat er al bij al niet heel veel bouwkundige uitleg nodig was om Vermeerens argumenten, of beter, “kritische vragen”, te pareren. Met andere woorden, Boudry was voldoende op de hoogte van de gebruikelijke literatuur en stond meer dan zijn mannetje in de technische discussies. Zijn “psychologie en zo” gaf de broodnodige meerwaarde aan de hele discussieavond.

Op de vraag uit het publiek of Vermeeren twijfelt aan de integriteit van collega’s die de officiële versie wél aanhangen, voerde hij ontwijkend aan dat er heel veel vakgenoten zijn die zich niet verdiept hebben in de materie, of niet voldoende. Anderzijds zijn het gekwalificeerde ingenieurs en architecten die het duizenden pagina’s tellende (en grotendeels in gerenommeerde vaktijdschriften gepeerreviewde) officiële NIST-rapport hebben samengesteld, bijna-vakgenoten van Vermeeren dus. En het is net onder meer met dit rapport dat Vermeeren problemen heeft.

Toch leek deze vraag en het non-antwoord van Vermeeren aan te tonen dat er een punt was waar ze zich min of meer akkoord konden verklaren. Beiden vonden, zij het om heel uiteenlopende redenen, dat er niet genoeg wetenschappelijk onderlegde experts zijn die zich willen bezighouden met dit soort controversiële onderwerpen. Voor Boudry was dit een aanleiding om een oproep te doen naar de academische wereld, en niet alleen naar ingenieurs en architecten in het geval van 9/11, om zich meer te werpen op pseudo- en randwetenschappen.

Andere, misschien wel belangrijkere debatten over gezondheid (onder andere vaccinatie, zogenaamde alternatieve geneeskunde), landbouw, voedselveiligheid en voeding (onder andere ggo’s, biologische producten, dieetrages en voedselhypes) hebben meer nood aan wetenschappelijk onderlegde experts die zich doen gelden op het publieke forum. Ook de enige en niet alleen daarom dierbare skeptische organisatie in Vlaanderen zou zich iets actiever en vooral eloquenter mogen mengen in heel wat meer (pseudocontroversiële) debatten, voegen wij daar aan toe. Rand- en pseudowetenschappen, die steeds meer hand in hand lijken te gaan met complotdenken, zijn niet weg te denken in onze maatschappij, ook niet weg te roepen. Maar voorstanders van dat soort ongein mogen wel op tijd en stond, en liefst vaker, van een wetenschappelijk en doordacht weerwoord gediend worden.

En dat deed wetenschapsfilosoof Maarten Boudry in de universiteitsaula van de Ugent.

Met verve.

Ole Dammegård: gebrek aan bewijs bewijst complot (2)

Op zondag 8 april 2018 vond de lezing van Ole Dammegård over “The latest False Flags in the world” plaats in de Sacramentskerk van Breda. Dit is het tweede deel van het verslag.

* * *

Crisisacteurs

Eindeloos wansmakelijker dan gesmak en gebabbel van het al te rumoerige complotpubliek is de reactie uit de zaal bij foto’s van de slachtoffers. Zo zelfvoldaan is de gemiddelde complotdenker dat hij of zij er niet aan twijfelt: foto’s van slachtoffers zijn fake. En dus mag, moet er gespot worden met de slachtoffers op die foto’s, een hoorbaar teken dat men de botte overtuigingen van de stam deelt.

Het iconische beeld van de twee vrouwen net na de aanslag op Zaventem, de stewardess onder het stof, met verscheurd geel jasje, blik op een oneindig zwart gat, de andere aan de telefoon, is voor de wreedaardige bende het sein om deze slachtoffers smalend uit te lachen: de kans dat deze foto echt is, dat deze twee vrouwen net een dramatische aanslag hebben overleefd, is in het hoofd van een complotdenker nihil.

Crisis actors is het oordeel. Acteurs. Nep, fake, vals. Geen bloed, enkel ketchup en theatermake-up. Geen doden of gewonden, afgerukte ledematen of geplette lichaamsdelen. Niets wat de makers van een onnozel reclamespotje niet kunnen simuleren. En die acteurs, volgens de Deens-Zweedse complotkok, moeten enkel maar dood of doods kunnen kijken. En zelfs dat kunnen ze niet, verzekert hij ons. De vrouw op de foto van Zaventem kan haar lach niet inhouden, sneert Dammegård. Zo reageert men niet na een aanslag, weet hij.

De twee vrouwen zijn in de eerste plaats het bewijs van de zoveelste fake aanslag, dat “inzien” is dan weer het bewijs is van de eigen schranderheid. Nee, niemand moet de complotdenker nog iets wijsmaken. Er is geen geweten, geen erbarmen en zeker geen bescheidenheid of zelfreflectie, enkel maar het blinde, grote gelijk van deze wreedaardige bende complotverslaafden.

Crisisacteurs zijn slechte acteurs, tweederangs, derderangs, vervolgt hij. Échte acteurs hebben allemaal de rol in een film, een serie of zelfs maar een reclamespot. Het is de overschot die mag opdraven bij een aanslag, zij mogen slachtoffer spelen in het macabere spel van de elite. Trouwens, verschillende van die crisisacteurs worden net gekozen omdat ze al een arm of been missen!

Hij toont ondertussen klassiek geworden reeksen van foto’s die voor complotdenkers het bewijs vormen dat bepaalde acteurs drie, vier keer sterven. Bij één zo’n foto, van iemand met de naam Alex Israel, komt ook heel even een andere aap uit de mouw: “they hide it in plain sight”. Normaal gezien is een goede complotchef in staat om elke mogelijke code in elke stukje informatie dat hijzelf aandraagt, te “ontcijferen”, te decoderen. Maar hier moet men zelfs geen moeite doen: af en toe toont de steeds arroganter wordende elite, de zionisten van Israël dus (wat had u gedacht?) openlijk een stuk duidelijke informatie.

Mijn indruk is dat de personen op deze foto van Zaventem, een captatie van een honderdste of wat van een seconde, niet lijken te voldoen aan het clichébeeld van getraumatiseerde slachtoffers na een ramp. Zelf hebben weinigen onder ons zo’n ramp meegemaakt, kunnen weinigen onder ons inschatten in hoever de gefotografeerde realiteit verschilt van de gespeelde “realiteit” geportretteerd in een doorsnee Hollywoodfilm en hoe dat beide verschilt van de rauwe realiteit na een bomontploffing en een schietpartij tout court. Anderzijds, wanneer Dammegård foto’s toont van slachtoffers die duidelijk in paniek of shock lijken te zijn, of erger, zegt hij laconiek dat ze overdrijven en slecht acteren.

Als er dan al sprake is van medelijden met de mensen op de foto’s, dan gaat het over de dodelijke contracten die deze niet al te intelligente crisisacteurs hebben ondertekend. Ze willen enerzijds wel beroemd worden, maar het ontbreekt hen aan talent. Vandaar dat ze zich laten verleiden om in dit soort evenementen op te draven. Een beetje eigen schuld, dikke bult dus. Anderzijds worden ze bedreigd en gedwongen hun verschrikkelijk geheim te bewaren, aldus Dammegård.

Reclame

Alles wordt in scene gezet, gaat hij verder, alles is fake. De locaties van de aanslagen, die in realiteit niet zo groots en spectaculair lijken als op het scherm, worden zorgvuldig gekozen. Veelal maken de regisseurs vooraf al foto’s en bewegende beelden, weet Dammegård. Trouwens, de hoofdkwartieren van de hoofdverantwoordelijken van zulke false flag operations zijn op de meeste foto’s verborgen, althans voor de leek. Een echte complotdenker draait er zijn hand niet voor om een openbare bibliotheek of een theater te bestempelen als zo’n coördinatiecentrum.

De mallemolen draait verder: een van de terror templates is de pose met het geweer. Deze cliché, de zogenaamde terrorist met een wapen, gaat volgens hem terug op een beroemde foto van Lee Harvey Oswald, die geheel terzijde, gepoogd heeft om tegen beter weten in de aanslag op John F. Kennedy te verhinderen. “I salute him”, roept de malle Scandinaaf vooraan in de zaal. Ondertussen komt in mij een complotindigestie op. Het lukt mij steeds minder goed om tijdens dit soort bijeenkomsten rustig te blijven en mij gedeisd te houden. Ik moet dringend op zoek naar een andere hobby.

Ole verliest steeds meer de pedalen, een zoveelste dieptepunt nadert: een foto van een Londense bus met reclame voor Coca Cola, van een Stockholmse truck van de brouwerij die Kall Öl produceert? Een smartphone die een kogel zou hebben tegengehouden, een bijna doorzeefde laptop, de Toyota’s van ISIS? Niet meer of niet minder dan bewijzen van product placement. Platte reclame van grote bedrijven die bij een grote aanslag de mogelijkheid krijgen om hun product in de kijker te zetten. De man wordt niet met zachte dwang van het podium gehaald, mensen rondom mij knikken. In de wereld van complotdenkers kan deze man niet anders dan gelijk hebben, wat hij ook zegt.

Codes, overal codes

Zoals eerder vermeld, behoort Ole Dammegård tot het soort complotdenkers dat overal codes meent te moeten ontwaren. Het decoderen is andermaal een bewijs van zowel het complot als van de eigen bovengemiddelde schranderheid. Veelal steken de echte regisseurs deze codes heel bewust in hun activiteiten. Doorwinterde complotdenkers menen dat de hoogst intelligente daders van false flag operations enkel met de allerslimsten, enkel met allerontwaaksten communiceren. Met hen dus. “If they show us clues and we don’t see them, then they think we deserve it [the attatck] for not seeing the clues.”

Aanslagen worden dikwijls op de 22ste van de maand uitgevoerd, dat is een code, dat is een deel van de operatie. Een foto na de aanslag in de Parijse concertzaal Bataclan zou alle slachtoffers tonen in een cirkel, een macabere verwijzing naar het logo van Brussels Airport. Charlie Hebdo, want “Je suis Charlie” betekent eigenlijk “ik ben een idioot”. Ik heb eerlijk gezegd geen idee waarover hij het heeft. Charlie Hebdo, dat bevat het woordje Charlie, wat kennen we van Checkpoint Charlie, probeert hij nog. Deze poging tot zingeving is volgens mij ook geen blijvertje in de complotlore.

Slachtoffers en daders

De slachtoffers van de aanslagen komen steeds uit zeer vele landen, en ook dat is ten zeerste verdacht. Ik heb me al vragen gesteld van Dammegårds perceptie van het moderne leven grootsteden, met zijn alomtegenwoordige autobussen, suspecte witte vans en schijnheilige hulpdiensten. Opnieuw stel ik me vragen bij de luiheid van zijn denken. Men kan niet aanvoeren dat de aanslagen plaatsvinden bij belangrijke monumenten in ’s werelds belangrijkste steden, die veelal ook toeristische trekpleisters zijn én in internationale luchthavens, om zich vervolgens een uur later naïef af te vragen of de diversiteit van de nationaliteiten van de slachtoffers geen indicatie is van een false flag operation. Volgens Dammegård is dit een middel om de emotionele respons zo internationaal, zo wereldwijd mogelijk te maken.

Over de echte daders, of beter, de uiteindelijke opdrachtgevers blijft hij vaag. In het begin van de lezing vermeldt hij 1000 personen die tot de heersende elite zouden behoren, die deze aardkloot zouden bestieren. Het topje van de machtspiramide. Elders liet hij vallen dat de Zionisten deel zouden uitmaken van die elite. Een samenzwering zonder joden concipiëren is schier onmogelijk, zo blijkt nog maar eens. Tegen het einde van de lezing laat hij nog een hint vallen: de ooggetuigen (de boodschappers) en de al dan niet echte slachtoffers komen overwegend uit een van de NAVO-landen, volgens Dammegård. Mij lijkt dat een heel eigenaardige vaststelling voor een zelfverklaarde expert in aanslagen, maar dat terzijde. De NAVO is een instrument gericht tegen Poetins Rusland. Ergo? Ook op deze vraag is er maar één juist antwoord: “Mmmh, juist ja”.

De opdrachtgevers compartimentaliseren de aanslagen, aldus Dammegård. De verschillende groepjes betrokkenen kennen elkaar niet, hebben vaak geen weet van elkaars bestaan. Maar dat belet de eerste de best complotzot met een internetverbinding niet om deze verbanden, waarvan het bestaan niet in twijfel wordt getrokken, te zien. Het kluwen van het internationale terrorisme wordt door iemand van het niveau zatte nonkel feilloos ontrafelt. Nu, echt hoeft het ons niet te verbazen: uiteindelijk zijn het toch gewoon maar de joden.

Het flinterdunne verhaaltje van Ole Dammegård, de indomme uitleg van iemand die overal schijnbare anomalieën blootlegt, of beter, alles gemakshalve beschouwt als een anomalie, is ronduit stuitend. Hoewel de competitie zeer sterk is, lijkt Ole Dammegård van alle complotdenkers die ik de laatste jaren heb bezig gehoord, mij degene met de meest banale en doorzichtige uitleg. En toch weet ook deze kwiet zijn verhaal te verkopen. Anderzijds, welk verhaal zou men een stelletje complotverslaafden niet kunnen wijsmaken, zolang het maar niet strookt met de officiële versie?

Zelden heb ik een luiere denker gehoord, iemand die in de verste verte niet gehinderd wordt door zelfreflectie of reflectie op het eigen denken. Deze man zit onwrikbaar vast in zijn geloof, in het eigen grote gelijk en hij geniet daar zichtbaar van. Twee, drie uur lang raffelt deze man zijn complottheorietjes af. En dat tot groot jolijt van zo’n 200 gelijkgestemden die naar het reeds lang gekende verhaal kwamen luisteren.

Uiteindelijk werden hier slechts twee boodschappen verkondigd of versterkt: elke aanslag is een false flag operation en wij weten dat want wij zijn ontwaakt. Want wij weten beter, wij zijn beter. Vooral dat laatste. Amen.

Ole Dammegård: gebrek aan bewijs bewijst complot (1)

Het eerste dat me opvalt is de knoert van een zendmast op de Sacramentskerk, eerder nog dan het kruis. Onder dit dak vinden op zondag 8 april 2018 twee lezingen plaats: Ole Dammegård komt praten over “The latest False Flags in the world”, Ronald Bernard stelt zijn project B of Joy voor. In dit artikel bespreek ik enkel de eerste lezing van de Deense Zweed Dammegård.

De organisatie van het dubbelevenement “Fake News – Echte Waarheid” was in handen van DVM-TV, organisatie van Irma Schiffers, handelaar in complotten (zie Over Hans (dj) en Irma (complotdenkster) en Kim (keyboard warrior)) en Studium Generale Breda. Dit is een organisatie die, evenals de oprichter Coen Vermeeren, niet verbonden is aan welke academische instelling dan ook.

Ole Dammegård in de Sacramentskerk te Breda (c) onbekend

Wanneer ik arriveer, spuugt het kerkgebouw net zijn godsgelovigen uit en bereidt het zich voor op de inname van een verse kudde die komt luisteren naar hun herders met andermaal zéér dringende en belangrijke boodschappen. De soberheid van de nochtans katholieke kerk wordt tenietgedaan door een fresco en een even kitscherige boog van roos licht. Het podium staat te hoog en te ver van het publiek, de galm in het gebouw maakt de geluidstechnicus met de minuut zenuwachtiger en de lezingen schier onbeluisterbaar. Deze ruimte is niet geschikt voor lezingen; 25 euro om te luisteren naar sprekers in dit auditief hellegat is schandalig veel! Na enkele uren is barstende hoofdpijn mij deel. Geen idee of dit veroorzaakt werd door de galmende kerk, de inhoud van de lezingen of de straling van de zendmast. Volgende keer toch mijn aluhoedje meebrengen. Dat van die straling is een grapje.

Een 200-tal zitjes worden bezet door een vrij divers publiek: er zij net zo goed groepjes vriendinnen, dertigers en veertigers, als enkele jonge kameraden en oudere koppels. Toch overweegt grijs op een achtergrond van beginnend kaal: de obligate blanke man van post-middelbare leeftijd met verbeten trek die aangeeft hoe groot het eigen gelijk precies is. Ook de Vlaamse complotpaus Peter Vereecke waart hier rond.

Aanslag = false flag operation = psy-op = aanslag

Ole Dammegård begroet zijn publiek in het Engels en met een licht Scandinaafs accent. Meteen heeft hij de lachers op de hand door ook op de mogelijk aanwezigheid van agenten van inlichtingendiensten te wijzen, instrumenten van de machthebbers die spelletjes spelen tegen de mensheid. Ook bij dit zogenaamde hyperkritische publiek werkt het doorzichtige en banale trucje. Het zal een lange lezing worden, waarschuwt de man, maar het publiek is er klaar voor. Mannen en de lengte van hun lezing, ik zal het nooit begrijpen. De titel “Terror Templates for Dummies” is uiteraard niet zonder ironie: de zaal zit vol met doorwinterde complotconsumenten, connaisseurs van de veile wegen der elite. Vanaf het begin wordt duidelijk dat zijn belangrijkste bewijsmateriaal bestaat uit foto’s gemarkeerd met pijlen en cirkels in fel complotrood.

Reeds 30 jaar bestudeert Dammegård wat in het complotjargon false flag operations genoemd wordt: gewelddaden uitgevoerd door andere (groepen) mensen dan dat de verantwoordelijken van die aanslagen willen laten uitschijnen. Een voorbeeld: de aanslag op de redactie van Charlie Hebdo in 2015 werd niet uitgevoerd door mensen gelieerd aan Al-Qaeda zoals de officiële versie gaat. De complotversie stelt dat de aanval gepleegd werd door agenten van de elite die ons, het publiek, willen laten geloven dat achter de moordaanslag moslimterroristen met deze of gene affiliatie zouden zitten.

Al snel wordt duidelijk dat letterlijk elke aanslag zulk een false flag operation is. Met zijn lezingen en onderzoek wil Dammegård de wakkere, kritische burgers instrumenten geven om zulke false flag operations nóg sneller te ontmaskeren. Tussen haakjes, op die zwarte woensdag, 7 januari 2015, vernam ik het verschrikkelijke nieuws enkele uren na de aanslag via berichten op Facebook die verschillende reeds opgedoken complottheorieën probeerden te ontkrachten. Twintig minuten na de aanvallen in de luchthaven van Zaventem en in Brussel op 22 maart 2016, waren er in gespecialiseerde Facebook-groepen al mensen die met schijnbaar grote zekerheid rondtoeterden dat ook dit false flag operations moesten zijn. Voor heel veel complotdenkers is false flag operation geen conclusie die men bereikt na een onderzoek, maar een grondhouding, een uitgangspunt voor het verdere onderzoek dat ze dan kritisch noemen.

Achter deze aanvallen wereldwijd zit volgens Dammegård een op absolute macht beluste elite van een paar 1000 mensen die psychologische spelletjes speelt, niet alleen met het grote (nieuws)publiek, maar met de ganse wereldbevolking. Deze toplaag voert zogenaamde psy-ops uit, aanslagen en terreuraanvallen onder valse vlag, waarop steevast een uitbarsting van emotionele reacties volgt. En dat geeft diezelfde elite dan weer extra redenen om zo mogelijk nog meer controle uit te oefenen door middel van straatcamera’s, krijgswetten en militairen op straat. In al die tijd heeft Ole gezocht naar terroristen, maar hij heeft er nog nooit één gevonden, zegt hij. Geen enkele aanslag die door de officiële media bestempeld wordt als een terreurdaad, werd door een “klassieke” terrorist uitgevoerd. In het publiek wordt instemmend geknikt: Dammegård bevestigt wat ook de luisteraars reeds lang wisten.

Pizza

Hoe de elite dat doet maakt Dammegård duidelijk aan de hand van onderstaande YouTube-video, een oude reclamestunt die trouwens in verschillende landen werd opgevoerd en gefilmd. Het scenario is gekend: één druk op de rode knop op straat zet een hele resem activiteiten in gang die steeds spannender en gewelddadiger worden. Dat is hoe ze het doen, rondt Dammegård dit stuk af, deze clip volgt dezelfde blauwdruk als echte aanslagen. Ik ben een van de weinigen die in de lach schiet bij zoveel onnozelheid.

Elke aanslag is zoals een pizza, verzekert hij ons: de vorm kan al eens afwijken, de ingrediënten zijn niet steeds hetzelfde, soms liggen er pepers op, soms stukjes ananas, maar uiteindelijk is het wel een pizza, wel een aanslag. Een false flag operation. Deze beeldende metafoor stelt hem op een merkwaardige manier in staat om te zeggen dat ook het gebrek aan bewijs op zich een bewijs is van een false flag operation.

De doelen van de aanslagen zijn steeds iconische plaatsen, genre World Trade Center, die heel wat emotionele reacties kunnen genereren. Vervolgens noemt hij enerzijds zowat elke plaats met een bekend monument op waar recentelijk een aanslag werd gepleegd en anderzijds enkele wereldberoemde monumenten, waarvan enkele niet het decor vormden van een (recente) aanslag. Doodleuk gaat hij verder met het opsommen van plaatsten die bezwaarlijk iconisch genoemd kunnen worden, genre supermarkt of busstations. Voor hem is dat doodleuk een bewijs dat “they are running out of targets”.

Anomaly hunting & cherry picking

Dit is zowat de ondertoon van zijn lezing: hij noemt enkele kenmerken op die voor hem het bewijs zijn van een false flag operation. Maar ook het ontbreken van die kenmerken toont aan dat het om een operatie onder valse vlag gaat. Het ontbreken van een bepaald ingrediënt wordt plots een bewijs dat de pizza echt wel bestaat.

Een soortgelijke redenering zet hij op in verband met oefeningen van veiligheids- en reddingsdiensten. Zulke oefeningen kondigen veelal een aanslag aan, behalve wanneer ze het niet aankondigen. Driloefeningen noemt hij een dekmantel, maar “not every drill is a set-up. Some are, some aren’t. It’s a business, a game”. En wie voorziet ons in die bescherming, of beter, wie verkoopt die bescherming? Op deze retorische vraag past enkel het antwoord “Mmmh, juist, ja”.

Hij dramt nog even door over die veiligheidsdiensten: de hulpdiensten voeren eigenlijk de explosieven, de “slachtoffers” en de “daders” aan en ze gebruiken het eigen rijdend materieel om die aanvoer voor het publiek te verbergen. Op heel wat foto’s die hij toont staat centraal een grote truck van de brandweer of een ambulance. Op latere foto’s zijn er dan weer geen grote wagens te zien die ons het zicht zouden belemmeren. En dat is een tweede truc die hij enkele keren zal opvoeren. Hij vertelt over kenmerken A, B, C, toont foto’s met A, B en C. Latere foto’s gemaakt tijdens soortgelijke gebeurtenissen moeten dan weer iets anders aantonen, pakweg kenmerken D, E en F, maar de eerder genoemde typische kenmerken A, B, C zijn in de verste verte niet te bespeuren. En vice versa.

Ook bussen verschijnen volgens hem verdacht veel op foto’s en ze worden bewust “achtergelaten” om het zicht van pottenkijkers te beperken, althans dat vertelt hij bij het tonen van een beeld waarbij de fotograaf er blijkbaar voor gekozen heeft om op de bus te focussen. Dat kan niet, dat is onmogelijk, onlogisch, fulmineert hij. Wat er zo onlogisch is aan bussen in een Europese grootstad, vermeldt hij niet! Dat die bussen achtergelaten worden bij rampen vindt hij blijkbaar ook verdacht. Dat chauffeurs bizar lijkende manoeuvre uithalen direct na een aanslag, of wanneer het verkeer in de knoop zit door een aanval, kan helemaal niet.

Idem dito voor de witte bestelwagens: zij zouden de regisseur en de mensen van de special effects vervoeren naar het hartje van de aanval. Opnieuw een paar foto’s van witte camionettes net na een aanslag. Opnieuw niet verbazingwekkend in een moderne Europese grootstad. Een fotoreeks of wat later: geen witte bestelwagen meer te bespeuren. Van de meeste van die foto’s zal hij later trouwens zeggen dat de kwaliteit opvallend (en dus onlogisch en dus verdacht) goed is, opnieuw een bewijs dat het hier om een complot gaat (en niet om foto’s van, ik zeg maar wat, professionele fotografen of mensen met een goed toestel en een dosis fotografisch geluk bij een reusachtig ongeluk).

Ondertussen merk ik dat ik geprangd zit tussen twee soorten mensen: de ene vindt het nodig om luidkrakende plastic doosjes te open en zijn druifjes op te smikkelen, de andere laat zijn buren in de wijde omtrek ongevraagd weten dat ook hij op de hoogte is van heel wat false flag operations en fake aanslagen. In een zaal waar de akoestiek erbarmelijk is, kan dit soort extra achtergrondlawaai gemist worden. Het valt me steeds meer op hoe onbeschoft en luidruchtig het publiek is tijdens dit soort evenementen. Meer nog dan om te komen luisteren, lijken ze te komen om het eigen complotgebroebel uit de spreekwoordelijke onderbuik op de eerste de beste toehoorder los te laten.

Wordt vervolgd.

Over Hans (dj) en Irma (complotdenkster) en Kim (keyboard warrior)

Over Hans (dj) en Irma (complotdenkster)

Wat Pepijn van Erp van de Nederlandse Stichting Skepsis en kloptdatwel.nl met een knipoog omschreef als #schiffersgate, kreeg op 31 maart 2018 een onverwacht vervolg. Schiffers verwijst hier naar de Nederlandse radio-dj Hans Schiffers van AVROTROS die een podcast in elkaar stak met zijn oudere zus Irma Schiffers.

Beiden zijn vooral in Nederland bekend. Kleine broer omdat hij plaatjes draait op de radio en naar het schijnt doet hij dat goed. Grote zus omdat zij al enige jaren haar naam probeert te vestigen als facilitator van complotdenkers en -theorieën allerhande. Van het soort  samenzweringsverhalen dat de complotverslaafde maar al te graag tot zich neemt en dat dus de kassa doet rinkelen.

Over deze podcast, waarin Pepijn en ik in deel 5 door Hans Schiffers “na een onderzoek” ervan beschuldigd werden om als joden samen te zweren met o.a. De Volkskrant om het project van de rechts-libertaire Ronald Bernard te willen kelderen, schreef ik reeds het artikel Brief aan AVROTROS en Hans Schiffers. Nog even vermelden dat tot nu toe de AVROTROS noch Hans Schiffers enige moeite hebben gedaan om deze ridicule aantijgingen publiekelijk recht te zetten.

Oh ja, voor de volledigheid: Hans Schiffers heeft me geschreven. Ik hoefde slechts bij Pepijn van Erp om zijn telefoonnummer te vragen om vervolgens met hem contact op te nemen, aldus Schiffers in een e-mail aan mij gericht. Hij legt het mij graag uit, zij het onder vier ogen, verzekerde hij me.

Niks te vier ogen, Schiffers.

Op 31 maart postte zus Irma Schiffers het merkwaardige blogartikel Over de podcast ‘De DJ & de anarchist’. Eerst legde ze uit dat de podcastserie “De DJ En De Anarchist” mogelijk werd gemaakt door de AVROTROS en dat het ze het opvatten als een “ontdekkingsreis tussen ons als broer en zus, naar onze verschillende werelden”. Irma Schiffers moet toegeven dat vooral haar fans dat wel leuk vonden. Met andere woorden, één van Neerlands’ populairste dj’s biedt grote zus zijn naambekendheid én een forum aan om onder auspiciën van de AVROTROS haar complotideeën ruimer te verspreiden, dus over de grenzen van het beperkte complotwereldje.

In de vijfde aflevering gaat het om verschillende redenen mis. Als gast is namelijk de rechts-libertaire Ronald Bernard uitgenodigd, de frontman van het bedenkelijke project De Blije B (bank in oprichting), waarover ik onder andere Ronald Bernard over De Blije B en de Lijpe J en Ethische bank in wording volhardt – 1 schreef. Bernard verwierf internationale faam, althans in Complotland, omdat het eerste interview van een reeks van (voorlopig) vijf dat Irma Schiffers met hem opnam, om duistere redenen viraal ging. Waarschijnlijk naar aanleiding van dit internationaal succes, zo lijkt mij, werd de Blije B vooral gepromoot onder de naam B of Joy.

Nu ja, duistere redenen: het was een gemakkelijk cliché-verhaal zoals er in Complotland dertien in een dozijn zijn, met als enige verschil dat Bernard zichzelf voorstelt als een zogezegd bekeerde bankier die kennis heeft verworven van zeer verregaande maar geheime geldtransacties en van even geheimzinnige, wereldoverheersende organisaties. Het interview werd vertaald, onder meer in het Engels, en een spectaculair en viraal bericht over de dood van wat later een naamgenoot bleek te zijn, wierp ook wel zijn vruchten af. Zo geheim en geheimzinnig is Bernards levenswandel dat hij op geen enkel moment in de interviewsessies ook maar één controleerbaar aanknopingspunt geeft waardoor zijn verhaal degelijk gecheckt kan worden.

Ook Irma Schiffers liet zich niet in met kritische vragen, fact checks, onderzoek naar het wel en wee van Bernard, wiens verhaal eigenaardig genoeg door niemand anders dan hemzelf wordt bevestigd. Integendeel, ze liet Bernard zichzelf immuniseren zonder dat ze daar één krtische opmerking over maakte. Van in het begin stelde hij dat hij een overeenkomst had gesloten om geen controleerbare namen, feiten, bedrijven etc. te vermelden. Da’s een redelijk flauw excuus, me dunkt. Voor Irma Schiffers was het allemaal complotterig en dus goed genoeg, .

Na veel drama en tranen verklaarde Bernard in dat fameuze eerste interview waarom hij uiteindelijk tot inkeer is gekomen. Bernard claimde dat hij werd uitgenodigd om deel te nemen aan kinderoffers, wat hij in datzelfde eerste interview ook al toedicht aan de (Bijbelse) joden. Zoals ik al eerder schreef in verschillende artikelen over dit sujet, is het antisemitisme in dat interview blijkbaar geen toevalligheidje. Het lijkt deel uit te maken van de kernovertuigingen van zijn organisatie (hij is namelijk niet de enige die zeer openlijk flirt met rabiate anti-Joodse literatuur), van zijn promotiecampagne en lezingen.

En eigenlijk lijkt dit de eerste reden te zijn waarom de podcastreeks van de Schiffers mis is gegaan. Ik heb geen idee wat een interview met deze man kan bijbrengen aan het “experiment”, aan de “ontdekkingsreis tussen [hen] als broer en zus”. Dit lijkt mij eerder op plat opportunisme, een wakke poging om Irma’s goudhaantje Bernard te laten opdraven in een show van een bekende dj.

Voor broer en zus Schiffers zijn er evenwel andere redenen waarom het mis ging: in de vijfde aflevering “zijn feitelijke onwaarheden geslopen waar ook kritiek op kwam”. Blijkbaar durft Irma Schiffers niet aan om te vermelden dat het hier (1) niet louter over feitelijke onwaarheden ging, (2) na een zogenaamd onderzoek van broerlief, maar (3) vooral over de valse beschuldigingen geuit door Hans Schiffers (zie hoger) die opnieuw richting antisemitisme gingen, tot nu toe schijnbaar het meest succesvolle product van Ronald Bernards Blije B.

“Uiteindelijk heeft Avrotros naar aanleiding van deze laatste aflevering besloten om de hele serie offline te halen. Niet alleen de onwaarheden waren daartoe de aanleiding maar ook de suggestie die gewekt werd dat Avrotros hier inhoudelijk achter staat”, schrijft ze nog.

Verder laat ze broer Hans aan het woord: “Ik vind het heel vervelend dat ik in de laatste aflevering aannames heb gedaan zonder feiten te checken. Dit document heeft hierdoor voor mij zijn glans verloren en dat om die reden de serie offline is gehaald, daar sta ik helemaal achter.” Heel bizar, want in de podcast beweert Hans Schiffers bij hoog en bij laag dat hij het onderzocht heeft. Wat mij, tussen haakjes, een amechtige poging van hem leek om het complotparlando en de complotattitude te emuleren.

Tja, anderzijds hebben we hier opnieuw een Schiffers die er niet in slaagt om duidelijk te communiceren, het lef niet heeft om de beschuldigingen te herhalen en het fatsoen ontbeert om ze recht te zetten. Dan hebben we blijkbaar toch nog iets geleerd over de familietrekjes van broer en zus.

Maar toch bedankt, Hans. Bedankt om complotdenken net dat beetje meer salonfähig te maken in uw podcastreeks ter ere van uw zus. Bedankt, Hans, want die vijf afleveringen zullen vanaf nu dienen als extra studiemateriaal.

En Kim (keyboard warrior)

Anno 2018 is het gewoon een kwestie van tijd geworden. Iemand lanceert een complottheorie, beschuldigt een paar mensen, en even later gaat een dappere toetsenbordridder overstag. Ook nu weer. Nadat het nieuws bekend werd dat de podcastreeks van broer en zus Schiffers offline werd gehaald, ontstonden ook daarover weer verhalen. Waar complotverhalen ook beginnen voor de doorsnee complotverslaafde, eindigen doen ze zelden.

Niet gehinderd door enige kennis van zaken, van e-mails achter de coulissen e.d. vond deze persoon het nodig om een oproep te lanceren:

Wat ook de redenen waren van AVROTROS om de hele podcastserie offline te halen, de omroepstichting heeft ze niet openbaar medegedeeld, voor zover ik weet. Ik ben nooit vragende partij geweest om de reeks te verwijderen, Pepijn evenmin. Trouwens, we vroegen een openbare rechtzetting en de beste plaats daarvoor is deel 6 of deel 7 van die serie. Maar dat belet de keyboard warrior die mevrouw Verhoef lijkt te zijn niet om meteen maar op te roepen tot actie. In de online groepjes waar mevrouw Verhoef vertoeft, is kennis van zaken niet meteen een prioriteit, laat staan een basisvereiste. Er moet aangevallen worden. Punt. Hans Schiffers heeft na “onderzoek” twee mensen beschuldigd en dat lijkt voldoende Waarheid voor deze internetheldin om alvast verbaal de aanval in te zetten.

“Aanvallen”, hallo? Omwille van een akkefietje met een podcast en een tekstje op Facebook? Is dat niet een klein beetje erover, buitenproportioneel én onverantwoord? Het feit dat ik het antisemitische aspect van dit hele verhaal blíjf belichten – want uiteindelijk gaat het in se nog steeds over de anti-Joodse rottigheid die Roland Bernard en zijn bende blijft verspreiden – lijkt mevrouw dan weer niet te deren. De vraag om de valse beschuldigingen aan mijn adres en dat van Pepijn recht te zetten, noemt deze deze waarheidszoeker, deze multitruther, een “bemoeienis”.

En nee, ik acht mevrouw Verhoef niet gevaarlijk. Natuurlijk niet. Haar moreel kompas draait dol, ze is ethisch anders begaafd, maar gevaarlijk is ze niet. Trouwens, ze is oneindig bewustzijn, onze Kim. Dan kan men niet slecht zijn, toch? Stekezot, dat is onze tijdelijke manifestatie wel, deze gesjeesde “kunstenares” met meer Photoshop in de vingers dan talent. Ze ziet er geen graten in op te roepen om “sneaky” en “subtile [sic]” te zijn, achterbaks en subtiel. Zo subtiel dat ze het op een openbare FB-pagina rondbazuint. Nee, verstandig is mevrouw Verhoef nu ook niet bepaald.

Uit de e-mailcorrespondentie waarin ik vroeg naar de redenen van haar online verbale agressie, bleek dat ze inderdaad een beetje traag van begrip was. Ze vond mijn toon grof en ze vond het niet nodig om zich oprecht te verontschuldigen voor haar online agressie en haatpraat hoewel ze niet goed wist hoe het verhaal van de offline gehaalde podcastreeks nu werkelijk in elkaar stak.

En Hans (dj)

Dus, Hans, dank u. Omwille van uw lichtzinnige beschuldiging zal ik de volgende keer dat ik in Nederland of Vlaanderen naar een conferentie van complotdenkers ga (en dat is héél binnenkort in Breda, een verslag volgt), nog rekening moeten houden met dit soort verknipte figuren. Door uw lichtzinnig geflikflooi met complotdenkers, door uw waarschijnlijk onbedoeld geflirt met antisemitisme dat bijna standaard is in deze kringen van complotverslaafden, ga ik me moeten afvragen wanneer de eerste zot zich voor mij gaat materialiseren.

Alleen is het jammer, Hans, dat u niet de mogelijke gevolgen van uw lichtzinnig radiogekakel ingecalculeerd hebt. Dat u niet besefte dat door uw valse beschuldigingen voor een publiek van complotfreaks, misschien wel eens een zotter specimen zou opstaan om op een hatelijke manier op te roepen tot geweld. En dat is nu gebeurd.

Wat is de volgende stap, Hans? Wachten we nu gewoon samen op een exemplaar dat de grens tussen virtuele en reële agressie wél wil overschrijden. Of is en blijft uw naam haas?

Brief aan AVROTROS en Hans Schiffers – update

Vandaag, vrijdag 16/03/2018, hebben Pepijn van Erp en ik via Dayna Gosselaar vernomen dat AVROTROS de podcastreeks van Hans en Irma Schiffers offline heeft gehaald. Waarvoor dank, denk ik.

Nu AVROTROS meer heeft gedaan dan wat ik verwachtte (ik kan eigenlijk niet zeggen dat ik daarop hoopte, integendeel), kan ik me verder concentreren op Hans Schiffers.

Hoewel ik, net als Pepijn, absoluut niet geloof dat hij een hard-core complotdenker is, laat staan een antisemiet of jodenhater, blijf ik enerzijds benieuwd naar de manier waarop hij zijn “onderzoek” heeft uitgevoerd en blijf ik anderzijds wachten op een publieke rectificatie (of verontschuldiging) zijnentwege.

Brief aan AVROTROS en Hans Schiffers

Ik behoor nog tot de generatie Belgen die opgegroeid is met de Nederlandse televisie. Holland 1 en Holland 2, maar dan zonder ‘h’. Brabants, je weet wel.

André van Duin, the Mounties, later Peppie en Kokkie en Bassie en Adriaan. Gelachen dat we hebben. Na al die jaren ben ik plots terug verzeild geraakt in het Nederlandse medialandschap. Wist ik veel dat dat AVRO en TROS zijn samengesmolten. Wist ik veel dat AVROTROS tegenwoordig podcasts produceert en wist ik veel dat ik op een van die podcasts als jood bestempeld word.

Door ene Hans Schiffers, plaatjesmelker. Hans Schiffers is een naam als een klok in Nederland heb ik me laten wijsmaken. Dat zou mijn ego moeten strelen, maar als ik eerlijk moet zijn: Hans Schiffers? Nooit van gehoooord.
(Ja-aa, Toon, die ken ik nog wél.)

Vanaf minuut 35 hieronder, de zogenaamde “eigenaar van de Belgische website”, dat ben ik. Aangezien de geïnterviewde later met mij contact heeft opgenomen, uitgebreid gecorrespondeerd heeft, en plein public, denk ik niet dat er veel reden tot twijfel kan zijn.

Update: op 16 maart is de blog offline gehaald door AVROTROS. Ik heb ondertussen via twitter aan Hans Schiffers een kopietje gevraagd en een publieke rechtzetting.

Hans Schiffers is de dj, Irma Schiffers de anarchist (en een van de madammen van de vele complotwebsitejes die Nederland rijk is). Meer informatie vindt u op kloptdatwel.nl, waar “mede-Jood” en “mede-old-boy” Pepijn van Erp alles van naaldje tot draadje uitlegt.

Hoe dan ook, in de context van overtuigde complotgekken krijgt de benaming jood/Jood, “old boy” van het “old boys’ network” en “samenzweerder” een al iets meer sinistere bijklank. Vandaar toch volgende brief aan Dayna Gosselaar van AVROTROS.

* * *

Geachte mevrouw

Tijdens de podcast “De DJ & De Anarchist (5) – ‘Klokkenluider’ Ronald Bernard” werd naar mij, Frank Verhoft, verwezen, namelijk als de eigenaar van de Belgische website die schrijft over het gebruik van antisemitische literatuur door Ronald Bernard. Ik ben momenteel de enige persoon in België die kritische stukken schrijft over dat aspect, Dhr. Bernard heeft reeds met mij contact opgenomen. Er is weinig twijfel in deze.

Tijdens de uitzending liet Hans Schiffers zich ontvallen dat “die eigenaar van die Belgische website” en de man achter kloptdatwel.nl, Pepijn van Erp Joden (of joden) zouden zijn, zouden behoren tot het “old boys’ network” en zouden samenzweren om het project van Bernard te laten mislukken. En dat allemaal volgens zijn eigen “onderzoek”.

Nu, hij heeft het mis.

Ik heb drie redenen om een rectificatie te eisen van dhr. Schiffers en/of van AVROTROS:

1. Ik ben niet Joods of joods. Op zich is dit een feitelijke fout en op zich heb ik daar uiteraard niet al te veel problemen mee. Noem me Jood, Pers, of Palestijn, ik lig er niet wakker van. Maar wanneer dit echter wordt verkondigd in een programma waarbij minstens een persoon aanwezig is die kniediep in de antisemitische complottheorieën waadt, die elders Joden bestempelt als (historische) kindermoordenaars en hen ziet als de verantwoordelijken voor de malaise in de (bank-)wereld, dan begrijpt u dat mijn vraag dringender wordt.

2. Ik behoor niet tot een netwerk dat “samenzweert” tegen welke organisatie dan ook, ik behoor niet tot het “old boys’ network”, wat, opnieuw, in de context van een programma met minstens twee complotdenkers, mijn vraag dringender maakt.

3. Ik heb vernomen dat dhr. Schiffers, eerder onbekend in België, toch een ervaren radiomaker is en dat lijkt mij een extra reden om te vragen om de volgende stappen te zetten of te laten ondernemen:

a. Dhr. Schiffers trekt zijn claim in dat zowel ik als Pepijn van Erp Joods/joods zijn, met vermelding van de hierboven gegeven reden;
b. Dhr. Schiffers trekt zijn claim in dat Pepijn van Erp en ik hebben samengespannen met de hoofdredacteur van de Volkskrant;
c. Dhr. Schiffers zorgt ervoor dat bij (of in) de podcast duidelijk gemaakt wordt dat dat deze feitelijke onjuistheden niet verder verspreid worden via een vertaling, op welke manier dan ook, in welke taal dan ook.

Ik reken erop dat u mij op de hoogte houdt van de stappen die u gaat ondernemen.
U mag erop rekenen dat ik de nodige stappen zal zetten om dit te laten rectificeren.

Groeten

Frank Verhoft

* * *

Wat ik mij ook nog herinner van mijn jeugdjaren voor de buis is André van Duins schitterende parodie “Doorgaan” en de frase “tot we aan het gaatje zijn”. Ja, veel gelachen, maar ook toch iets geleerd.