Creationisme en Wetenschap (2): Taal, oergeschiedenis en fabeltjes

Op zaterdag 7 april ging het eerste congres van het Logos Instituut in Vlaanderen door onder de naam “Bijbel en wetenschap. Scheppingsgeloof onder vuur”. Locatie: de kerk van de Vrije Evangelische Gemeente Antwerpen. Dit is het tweede deel van mijn verslag.

* * *

De tweede spreker van de dag is Prof. dr. Siebesma en hij heeft het over “Genesis: mythe of oergeschiedenis”, waarbij hij zich wil beperken tot hoofdstukken 1 tot en met 11 (ruwweg de Schepping, de Zondvloed, de Toren van Babel). Met mijn kort verslag probeer ik de belangrijkste gedachten van de professor zo precies mogelijk te reconstrueren om die vervolgens te becommentariëren, wat inhoudt dat ik de volgorde van de onderwerpen zoals behandeld in de soms meanderende lezing niet steeds respecteer en dat ik verschillende delen van de lezing niet vermeld. Ik ben blij dat de mensen van het Logos Instituut meelezen en hoop dat zij inhoudelijke correcties aanbrengen, mocht ik mij vergist hebben bij de weergave van de woorden van de professor.
Maar mijn conclusies, dierbare gelovigen, die trek ik zelf wel.

Een mythe definieert Prof. dr. Siebesma als een verhaal dat vele mensen kennen, maar niet werkelijk is gebeurd. Mythes van onder meer andere volkeren in het oude Midden-Oosten staan vaak in verband met de schepping van de wereld, ze geven verklaringen van natuurverschijnselen, bevatten zeer veel bovennatuurlijke elementen en werden geschreven in dichtvorm, of preciezer, in een poëtische taal. Oergeschiedenis is daarentegen iets dat effectief gebeurd is in het verre verleden. Middels geschiedschrijving kan die oergeschiedenis schriftelijk weergegeven, bewaard en herinnerd worden.

Afhankelijk van de bedoeling van de tekst hanteerden de Hebreeuwse auteurs van het Oude Testament een andere stijl of een andere taalvariant, bijvoorbeeld een beschrijving van een stuk geschiedenis versus een ode aan de grootsheid van God. Hierbij resulteerden grammaticale verschillen in zeer markante stijlverschillen. Volgens Prof. dr. Siebesma is het zelfs verdedigbaar te spreken over twee verschillende grammatica’s, een voor (eerder prozaïsche) teksten over geschiedenis, een voor de meer lyrische beschrijvingen. De kleine letterkundige in mij begrijpt dit nog, de wenkbrauwen van de nog kleinere taalkundige trekken zich verbaasd samen.

Een voorbeeld: wat in Psalmen wordt geschreven, hoeft inhoudelijk niet overeen te komen met wat in Genesis staat, niet alleen omdat het ene poëzie is en het andere geschiedschrijving, maar ook net omdat het ene een grammatica hanteert die typisch is voor poëzie, de andere een grammatica voor geschiedschrijving. En hier zet hij de wetenschappelijke deur op een kier. Hij dekt zich ook al leep in tegen inconsequenties die zouden kunnen voortkomen uit een letterlijke lezing van het Boek.

Dat zijn overwegend boeiende lezing interessante taalkundige informatie bevat over de taal (Oud Hebreeuws), de stijl- en taalregisters van Genesis, hoeft niet te verbazen. Prof. dr. Siebesma studeerde Semitische talen en letterkunde te Leiden en promoveerde op een onderwerp over de grammatica van het Bijbels Hebreeuws. De man is laaiend over het gesofisticeerde letter- en taalkundige niveau dat de oude schrijvers bereikt hadden. Literatuur op wereldniveau, en wie zijn wij om hem daarin tegen te spreken? In vertaling heeft de Bijbel zijn grootse momenten, ik durf amper te bevroeden hoe veel grootser die stukken in de originele taal klinken. Passie gebaseerd op kennis en expertise, het zet mij aan om verder op zoek te gaan naar informatie omtrent het Oud Hebreeuws.

Maar net zoals de professor realiseer ik me op tijd waar ik me bevind. Niet in de aula van een verstofte universiteit, maar in een Evangelische kerk in Antwerpen. De lezing verzandt en nadert een reeds lang aangekondigd kantelpunt. De wetenschappelijk-taalkundige uitleg pretendeert het stevige fundament te zijn voor religieuze stellingen en gevolgtrekkingen, maar eigenlijk ruilt de professor stilaan het wetenschappelijk denken in voor theologische speculatie.

Een eerste aanwijzing was reeds te horen tijdens zijn uitleg over mythes. De verhalen uit het tweede deel van Genesis (Boek 12-50) over de Bijbelse Aartsvaders kunnen geen mythes zijn omdat ze geen monsters, goden of godinnen bevatten en er worden géén bovennatuurlijke zaken beschreven, behalve dan de wonderen van God. Maar die zijn waar want ze worden beschreven in de Bijbel. Laat ons niet vergeten dat één van de Aartsvaders Abraham is, de vader die bereid was zoonlief te offeren maar uiteindelijk werd tegengehouden door een (niet-bovennatuurlijke?) engel, gezonden door (een niet-bovennatuurlijke?) God.

Het tweede probleem betreft zijn voorbeeld van geschiedschrijving. Terwijl oergeschiedenis een vaststaand feit is uit het (verre) verleden, aldus de professor, hoeft geschiedschrijving niet 100% waar of correct te zijn. Op zich is dat geen verrassende of revolutionaire gedachte. Als voorbeeld haalt hij de belegering aan van Jeruzalem door de Assyriërs. Volgens de Joodse bron zou het overgrote deel van belegeraars op één nacht gedood zijn door een van Gods engelen, volgens Assyrische bron werd het beleg door de Joden afgekocht door middel van veel, heel veel goud. Om onduidelijke redenen wordt die tweede verklaring weggehoond en smalend weggezet. Mijn gok is omdat die eerste versie wel en de tweede niet in de Bijbel staat.

Het wordt ondertussen ook duidelijk dat Prof. dr. Siebesma aan een omtrekkende beweging is begonnen: de verhalen over de Aartsvaders (Genesis 12-50), zijn linguïstisch gezien zuivere geschiedschrijving en die geschiedschrijving is volgens hem betrouwbaar, waar en waarachtig, hoewel hij daarvoor geen andere dan taalkundige redenen voor geeft. Ook het eerste deel van Genesis (1-11) is in diezelfde literaire stijl geschreven, dient dus opgevat te worden als geschiedschrijving en is dus even betrouwbaar, waar en waarachtig. Stijl- of taalvorm, hoe je het ook wil noemen, wordt plots een argument in een betoog over historiciteit. En dat is toch wel een brug of wat te ver.

Verder pleegt hij ook een bekende vorm van weinig milde chantage: een gelovige kan niet (1) geloof hechten aan pakweg de Uittocht uit Egypte en de Intocht in het Beloofd Land, maar wel (2) dat andere heilsfeit, de Schepping, verwerpen. Deze drie heilsfeiten (en bij uitbreiding de hele Bijbelse mik) moeten samen geaccepteerd worden, in hun geheel. Het is belangrijk om aan de historiciteit van Genesis vast te houden, want als men één deel loslaat, dan is er geen reden om de andere dingen als waar te accepteren. Vasthouden aan de evolutietheorie betekent Genesis 1-3 loslaten. Elke (theologische) stroming die de volledige waarachtigheid van de Bijbel in vraag stelt, dient te worden verworpen. Bijbelkritiek leidt tot nazisme, voegt hij daar enigszins verrassend aan toe. Kortom, de professor sluit zijn lezing af met de oproep aan de aanwezigen om stevig vast te houden aan de hele Bijbel omdat dit de gelovige sterk en standvastig maakt in de vloedgolf van de seculiere media.
Applaus.

* * *

Er is nog één facet dat mij bezighoudt, een deeltje van de lezing dat niet van cruciaal belang was, zeker niet voor dit verslag. Tijdens mijn voorbereidingen kwam ik op een les Hebreeuws uit 2015 gegeven door Professor dr. Siebesma (zie lager). In die video legt hij uit hoe het alfabet een uitvinding van de Feniciërs is (hoewel aanpassing een beter woord zou zijn) en hoe het werd overgenomen door de Joden in Israël: “Jullie weten hoe het Hebreeuwse schrift is ontstaan uit het Fenicische schrift”, zegt hij rond minuut 3. “De Feniciërs zijn, naar men aanneemt, degenen die het alfabet hebben uitgevonden.”

Tijdens zijn lezing anno nu komt hij op de proppen met de stelling dat het alfabet uitgevonden werd door de Israëlieten die de uittocht uit Egypte meemaakten. Archeologisch onderzoek heeft dit aangetoond, aldus de professor. De volgende spreker, de heer Arie Dirkzwager, oud-inspecteur Protestantse godsdienst in Nederland en België, herhaalt deze claim en geeft nog het saillante detail mee dat de Joden dit gedaan hebben om de belangrijke god Toth, die de Egyptenaren het schrift had geschonken, belachelijk te maken.

Ik begrijp best dat wetenschappelijke inzichten voortschrijden, dat een wetenschappelijke, historisch-taalkundige overtuiging anno 2018 niet dezelfde hoeft te zijn als een uit 2015, zolang de nieuwe argumenten die geleid hebben tot het nieuwe inzicht sterker zijn dan de oude. Ik ben dus heel benieuwd naar dat “archeologisch onderzoek” dat zou aantonen dat de Israëlieten het alfabet uit het Egyptisch schrift hebben gedestilleerd en dat gedaan hebben om Toth een lelijke hak te zetten. Eerlijk gezegd ben ik ook benieuwd naar eender welk “archeologisch onderzoek” dat de massale uittocht van Israëlieten uit Egypte zou kunnen aantonen, maar dat is niet een ander paar mouwen, dat is de hele jas.

Creationisme en Wetenschap (1): Laat ons bidden

Op zaterdag 7 april ging het eerste congres van het Logos Instituut in Vlaanderen door onder de naam “Bijbel en wetenschap. Scheppingsgeloof onder vuur”. Locatie: de kerk van de Vrije Evangelische Gemeente Antwerpen. Dit is het eerste deel van mijn verslag.

* * *

De ontvangst is net iets te hartelijk, de ochtendkoffie eerlijker maar flauw. Het pand, een herenhuis op het hipsterchique Zuid, is ingericht als een kerk, zeer sober en zonder enige opsmuk. De elektrische piano staat achteraan. In de Evangelische Gemeente heeft beeld al lang geleden plaats moeten ruimen voor klank. Ik tel slechts 70 zitjes, waarvan er bij aanvang zo’n 50 bezet zijn. Dat is net iets meer dan de helft van de optimistisch aangekondigde 90 plaatsen. Een overrompeling is het dus niet, die eerste conferentie van het Logos Instituut in Vlaanderen.

Spreker Jan van Meerten zal later op de dag vertellen dat het Instituut zich wil profileren als een Nederlandstalige, eerder dan Nederlandse, interkerkelijke locomotief waaraan andere, soortgelijke organisaties en kerkgemeenschappen hun wagentje kunnen hangen. Het Instituut wil leiden en stroomlijnen, en dat kost geld. Van Meerten en andere gezanten van het Logos Instituut wijzen die dag dan ook meermaals op de mogelijkheid om de organisatie financieel te steunen middels donaties of abonnementen op het populair christelijk-wetenschappelijke tijschrift Weet.

Om 10.00 uur heet Ton de Mik ons welkom in Vlaanderen en vervolgens begint hij de dienst, of de conferentie zo u wil, met een gebed. De Heer wordt op de eerste warme lentedag van 2018 aanroepen om de aanwezige sprekers te inspireren met Zijn wijsheid. Ik kan me evenwel de hele dag niet van de indruk ontdoen dat Hij niet thuis geeft. Waarschijnlijk heeft Hij, net zoals zowat de meerderheid van de stadsbezoekers, Zijn goddelijke kont op een zonnige en hippe terrasstoel geploft, glimlach en dichtgeknepen ogen richting zon, Oostindisch doof voor het lawaai van het verkeer en het gejengel van enkele van Zijn aandachtszoekende volgelingen twee deuren verderop.

Na het gebed tovert de spreker een Bijbel tevoorschijn en begint hij de eerste verzen van Genesis, een van de scheppingsverhalen in het Heilig Boek, af te haspelen. Ik ben plots een van de weinigen in de zaal die niet neusdiep in een beduimeld exemplaar van het Schrift zit; zo goed had ik me dus niet voorbereid. Op een minuut of wat wordt het hele probleem van de schepping uitgelegd, of beter voorgelezen. En hiermee is de conferentie eigenlijk afgelopen. Deze voorleessessie bevat zowat alles wat een mens moet en kan weten over de Schepping.

Toch gaat Ton, net zoals de dag, verder. De evolutietheorie wordt wereldwijd verspreid en daardoor ligt het geloof in een eenmalige goddelijke creatie, 6000 jaar geleden, onder vuur. Het topos van slachtofferrol waarin de Ware Gelovigen gedrukt worden door het seculiere evolutiedenken, wordt de hele dag herhaald. En dat terwijl het creationisme niet alleen logischer is dan de goddeloze wetenschap, maar moreel gezien veel beter. In de evolutietheorie, dat het recht van de sterkste propageert, aldus De Mik, wordt de dood gezien als een nodig en noodzakelijk mechanisme voor evolutie. In de evolutietheorie is de dood onomkeerbaar.

Voor het Logos Instituut en zijn acolieten is de dood de straf voor de (erf)zonde. En deze theologische verklaring van het Instituut is beter, omdat theologisch de woorden theo[s] bevat en logisch. Adam, liet De Mik ons weten, was de eerste mens; was hij de eerste mens niet, dan was hij niet Adam. Ik hap naar adem. Het feit dat Jezus uit de dood is opgestaan maakt dus één van de premissen van het evolutiedenken ongeldig, wat de zondeval logisch verklaart. De herrijzenis van Jezus is op zijn beurt logischer omwille van de zondeval.

We zijn ondertussen 10.15 u. Zo vroeg in de ochtend valt deze woordsalade zwaar op een nuchtere geest. Het wordt een lange, donkere dag.

Ronald Bernard over De Blije B en de Lijpe J

“We moeten een beweging vormen. We moeten weer durven elkaar te omarmen”, aldus de wervende stem in het reclamefilmpje voor de Blije B. Tijdens de spirituele beurs Earth & Beyond IV op 17 juni 2017  te Houten, Nederland, mocht Ronald Bernard de Blije B voorstellen, “een burgerinitiatief van professionals, die een duurzame coöperatieve fairtrade pro-life volreserve spaar- en investeringsbank oprichten”, en ik spiek hier even op de website. Het is een burgerbeweging, een bank “in oprichting”:

Door mee te doen, realiseren wij een rechtvaardige samenleving gebaseerd op welvaart. Voor ons, voor onze kinderen en de toekomst van de aarde. Wij zijn zelf de verandering. Doe jij mee?

Voor u meedoet met deze beweging voor ons, nog even dit. Tijdens zijn lezing projecteerde Ronald B Blij, zoals hij zich voorstelt op Facebook, volgende dia:

Blije B

Foto genomen tijdens de lezing van Ronald Bernard te Houten op 17 juni 2017

Het zou ondertussen toch algemeen geweten mogen zijn dat De Protocollen van de Wijzen van Sion een verachtelijk werkje is uit de koker van een bende Jodenhaters die het gebruikten om hun antisemitische ideeën te verantwoorden. Reeds in 1921 werd afdoende aangetoond dat dit schrijfsel, naast plagiaat, ook nog eens een verzinsels was, en geen verslag van een samenkomst waarbij enkele Joodse Ouderen de overname van de wereldorde bedisselden. Grootindustrieel en notoire antisemiet Henry Ford liet trouwens De Protocollen ook vertalen en verspreidde zo’n half miljoen kopieën van het gedrocht. In nazi-Duitsland werd het eveneens gebruikt als propagandamiddel vanaf 1933. Voor Adolf Hitler, die het al besprak in Mein Kampfwaren de Protocollen een van de vele rechtvaardigingen voor de Jodenvervolging.

Van het titelblad dat Ronald Bernard toonde tijdens de lezing in Houten (zie foto boven), had hij het bovenste en onderste deel weggeknipt, namelijk de vermelding “De Misthoorn”:

De Misthoorn was tussen februari 1937 en september 1942 een antisemitisch sensatieblad, dat zich ook krachtig verzette tegen de Vrijmetselarij. Het was wellicht het meest virulente antisemitische scheldperiodiek dat ooit in Nederland verscheen.

En ik citeer hier doelbewust uit Wikipedia om aan te geven dat het minder moeite kost om De Misthoorn op te zoeken dan het voorblad van de publicatie bij te knippen en te bewerken zodat het op een PowerPoint-diaatje past.

Nog een citaat, om aan te tonen hoe perfide het blaadje was:

De Misthoorn trachtte een imitatie te zijn van het Duitse antisemitische scheldblad Der Stürmer, ook was het goed te vergelijken met het Vlaamse blad Volksche Aanval, ook al zeer laag antisemitisch van inhoud.

Dat het topos van de lijpe Joodse bankier in de Facebookgroep van de Blije B af en toe opgerakeld wordt, daar kan de Blije B strikt genomen niet veel aan doen. En ja, ik ben mild: uiteraard kan de paginabeheerder dat soort racistische idioterieën wél van de pagina verwijderen. Dat oprichter Ronald Bernard zélf nog wat antisemitische kolen op het vuur gooide tijdens een lezing op een spirituele beurs, maakt dat de Blije B een ranzig kantje krijgt. En dat doet me natuurlijk afvragen of Bernard diezelfde dia toont op andere locaties of dat hij deze enkel projecteert voor een ontvankelijk publiek van complotdenkers die niet zelden de Protocollen kritiekloos voor waar aannemen.

Een beweging vormen? Door ons en voor ons? Met deze antisemitische prietpraat als reden waarom het zo slecht gaat in de (bank)wereld? Of gaan we voor een Blije Bełżec?

Komt daarbij dat hij in interview met DVM tv, een “Nederlands videokanaal in de alternatieve media” onder leiding van Irma Schiffers, Jungiaans therapeut, waarheidszoeker, lightwarrior en journaliste voor de beruchte complot- en fake news-website wanttoknow.nl, vertelt hoe hij werd uitgenodigd om deel te nemen aan kinderoffers, moorden op kinderen dus, in Satanskerken (vanaf 22:36). Deze Satanisten maken volgens Bernard deel uit van een traditie die al duizenden jaren duurt (27:00) en die hij verbindt aan de Bijbel en de Bijbelse Israëlieten, de tien eerste Joodse stammen. Maar blijkbaar is het niet allemaal ernstig genoeg om aan te geven bij de bevoegde instanties zoals, mmmh, oh ja, de politie.

In hetzelfde interview doet Bernard eveneens zijn uitleg over de Protocollen van de Wijzen van Sion (29:18). Uit het vervolg blijkt dat hij geloof hecht aan meerdere complottheorieën en een eeuwigdurende cabal van een groep mensen die het Kwaad belichamen. Het valt verderop dat Bernard in het interview dezelfde bedenkingen heeft omtrent politieke partijen als een Han Peeters, schrijver van het derde knoopsgat en complotdenker waar ik eerder een artikel aan wijdde: Het Kwaad, de Luciferianen, gebruiken de beproefde tactiek van verdeel en heers, lees, het verdelen van mensen in verschillende politieke partijen (wat dan weer zowat de hoeksteen van een doorsnee liberale democratie is) en daar is Bernard niet blij mee (31:40).

Het verbaast me dat ik bijna nergens een kritische noot heb gevonden over de Blije B, het complotdenken en het openlijke antisemitisme van haar oprichter. De eerste negatieve en kritische reacties op Ronald Bernard heb ik gelezen op – oh ironie – de website van die andere alluhoedjes, namelijk niburu.co. In het artikel “Elite-bankier Ronald Bernard weigert opheldering te geven over zijn verleden” plaatst de Niburu-journo vraagtekens bij het professionele verleden zoals verteld door de Bernard. Ook het concept van de Blije B wordt onder de loep gehouden en zou aldus de journalist niet al te veel verschillen van een reguliere bank. Uiteraard vinden we in het Niburu-artikel geen opmerkingen omtrent de complottheorieën of het antisemitisme van Blije Ronald.

De tweede kritische commentaren vond ik op Barracuda, een blog die “domdenken [bestrijdt] in de (alternatieve) media met mondsnoerende logica”. Daarin wordt de pertinente vraag gesteld “of Bernard met al die publiciteit niet het tegendeel heeft bereikt van wat hij wilde: hij is nu toch vooral een ex-Illuminatie bankier, aan wiens oprechtheid ook nog eens wordt getwijfeld.” Blijkt verder ook dat “[z]ijn beoogde PR medewerker [af]haakte nadat Bernard weigerde een fatsoenlijke CV te overleggen.”

Ik ben benieuwd wat het kernbestuur en de Raad van Aanbeveling van de Blije B van deze antisemitische en andere complottheorieën vindt. Of een organisatie zoals United People, die “een bijdrage (wil leveren) aan het ontstaan van een maatschappelijke en internationale orde welke de rechten en vrijheden, zoals beschreven in de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens (UVRM) van 1948” en die een spreker van de Blije B heeft uitgenodigd voor enkele lezingen in juli en september te Gent. Of het Dienstencentrum Ten Hove te Gent, dat de Blije B ontvangt in de tweede helft van september.

Earth & Beyond IV – Jaco Elken: “Het paard zegt sorry.”

earth and beyond

Dit artikel is het vierde en laatste in een reeks over de spirituele beurs Earth & Beyond IV die op 17 juni 2017 doorging in Houten, nabij Utrecht. In deze reeks bespreek ik enkele van de lezingen die ik heb mogen bijwonen.

* * *

“Heb jij last van een negatieve entiteit die in je aura zit?”, vraagt een man met bulderstem terwijl hij de zaal binnenstapt. De sessie “Inzicht in alle ziektes” is nog niet begonnen en Jaco Elken heeft de aandacht van zijn publiek al in een houdgreep. Elken stelt zich voor als de oprichter van de De Spirituele & Intuïtieve Academie en vertelt dat hij zich gespecialiseerd heeft in Paramedisch en Psychosociaal Mediumschap®. “Een hele mondvol”, zegt hij. “Ik heb het zelf verzonnen.” Zelfrelativerende humor, het is zeldzaam op een spirituele beurs. Dit wordt geen saaie lezing, dit is het begin van een minishow.

elkenMaak u geen illusies, veel ruimte voor optimisme is er niet, zeker als u van de skeptische kunne bent. Al snel wordt duidelijk dat ook hier het komende uur de gebruikelijke paranormale en esoterische woordenbrij zal geserveerd worden waar kop noch staart aan te krijgen is. Maar het dient gezegd, Elken brengt het met een enthousiasmerende schwung. School was hem te traag, te gewoon, zo trekt hij zich op gang. Hij voelde zich opgesloten in de drie dimensies en wilde nieuwe uitdagingen. Dankzij het mediumschap maakte hij kennis met een vierde en een vijfde dimensie, namelijk tijd en ruimte, en in die nieuwe dimensies ving hij raad, hulp en adviezen op van gidsen. Het doet een mens afvragen wat nu weer die eerste drie dimensies waren. Doorheen de sessie zal min of meer duidelijk worden dat voor hem de drie dimensies, 3D, het gewone, materialistische, niet-spirituele leven van de doorsnee sheeple, meeloper en non-believer is.

We leven in een waanzinnige tijd waarin mensen steeds zieker worden, zeker in vergelijking met 100 jaar geleden, weet Elken. Dat mensen nu langer leven dan 100 jaar geleden, is een detail dat niet in het plaatje past en dat hij dus vrolijk negeert. Wat hij niet negeert is het lichaam, de geest en de ziel. De verbindingen daartussen zijn gebroken en we moeten ons deze drie-eenheid dringend terug eigen maken, opnieuw helen. Ons lichaam geeft signalen, maar we vangen ze niet altijd zelf op. Verder bevat het aura, de geest, restanten van een vorig leven en soms is het nuttig om ook die te raadplegen. Maar daarvoor is gespecialiseerde hulp nodig. Enter Jaco.

De trilling is hoger dan vroeger, zodat er meer energieën vrijkomen. Welke trilling of energie is mij, paranormale leek, niet meteen duidelijk. Maar energie betekent warmte, liefde, straling. Jaco Elken ziet het als zijn taak om als medium die energieën aan te wenden om mensen te helpen genezen. Hij wil iedereen leren om de innerlijke zintuigen aan te wenden en zo ‘in-zicht’ te krijgen in de intuïties en in zowaar alle ziektes. Jawel, allemaal. Naast de energetische medische basiskennis van het lichaam is er ook iets als de psychosociale betekenis van de organen, gewrichten, klieren en andere lichaamsdelen, zo lees ik dan weer op de website. Elken voert een “[d]irecte communicatie met de ziel, het Hoger Zelf, het lichaamsbewustzijn en met ziektes en organen en gebruikt “symbolistische taal […] van de betreffende ziektebeelden” en zet dat om in “bruikbare en begrijpbare taal”.

Elken vervolgt zijn sessie en put daarbij uit een jarenlange ervaring. Astma, weet hij, is het gevolg van opgroeien in een te klein huis, in een te kleine ruimte. De longen staan voor ruimte en die hebben dus danig geleden onder het plaatsgebrek, vandaar problemen met de longen en dus met ademhalen. Een slijmbeursontsteking is, zoals de naam het al aangeeft, een probleem met slijm. Nu, slijm is snot en snot is gestolde emotie, en dus moeten de emotionele problemen eerst aangepakt worden. Problemen met de gal, dan moet de patiënt gewoon zijn gal spuwen. Last van de schouders betekent, wel, u raadt het al, samen met de kirrende aanwezigen in de zaal die of zijn woordspelletjes doorhebben of enkele duurbetaalde lessen op zijn school hebben gevolgd, dat de patiënt te veel last op zijn schouders draagt. Dit is dus het resultaat van “symbolistische taal” omzetten in “bruikbare en begrijpbare taal”. De germanist in mij wordt hier heel stil van.

De lijst van aandoeningen die hij claimt te kunnen genezen of bezweren, doet waarschijnlijk dan weer menig dokter met negen plus jaren opleiding achter de rug gillen:

De diepere paramedische en psychosociale betekenis te geven van ziektebeelden, als: gewrichtspijnen, artritis en reuma. Astma en bronchitis. Gewrichtspijnen en de zin en onzin van chronische ziektebeelden. Hart, long, lever, gal en milt verstoringen. Kankers en tumoren. Huidziekten en andere allergieën. Hoofdpijnen en migraine. Ontstekingen, spierziekten, stress gerelateerde problematieken. Depressies en vermoeidheid. Stemmingswisselingen, borderline en schizofrenie. etcetra [sic].

 

In het tweede deel van de sessie demonstreert Elken zijn showmanship. Eén van de toeschouwers, Monique, heeft pijn in het achterhoofd. Een probleem met de chakra’s, daar moet Elken niet over nadenken. Hij vraagt aan haar om de ogen dicht te doen en “naar de achtergrond te gaan”. Door de druk in het achterhoofd, en meer bepaald aan de atlas, kan zij zichzelf niet zijn, zegt hij. Monique begint daarop lichtjes te huilen: “Ik mag mezelf niet zijn.” Verdriet, detecteert Elken, en angsten om te vertellen wat ze te vertellen heeft. Ze is bang dat mensen niet zouden luisteren. Het medium daalt nog verder af en zoekt contact met een vroegere zelf van Monique. In een vorig leven was ze een heks, een wijze vrouw. Althans, dat laat Elken de vrouw zeggen. Men wilde haar kennis bewust doodmaken en vandaar dat er in haar huidige leven nog blokkades zijn. Elken maakt zich sterk dat hij deze disbalans kan rechttrekken. Ondertussen voelt Monique nog haar hart, ze neemt steeds meer warmte en liefde waar. “Nou, er gebeurt heel veel in je energieveld”. Monique vindt het heerlijk om in haar hart-chakra te lopen en ze voelt een enorme energie. Samen besluiten ze dat de vrouw in een nog vroeger leven een priesteres moet geweest zijn. “Ja-aah, da’s 5D, het gaat snel, hoor”, besluit Jaco Elken deze sessie.

Een andere vrouw heeft dan weer last van de knieën. Knieën, weet Elken, dat staat voor bewegen, voor emotioneel en rationeel bewegen. Andermaal lijk ik enige te zijn die deze woordsalade niet volledig begrijpt. “Pas je niet te veel aan aan wat de maatschappij van jou verwacht”, adviseert Elken. “Je moet niet met de kudde meelopen. Meelopen met de kudde, daar wordt de knie niet beter van.” Het is de tweede keer dat Elken een fysiek probleem herleidt tot een vaag gevoel niet begrepen te worden. Tweemaal zegt hij tegen een “patiënt” dat ze buiten, boven de massa staan, dat de kudde hen beperkt. Elken vraagt ook haar om met haar innerlijke zintuigen naar de energie toe te gaan. De pijn in de rechterknie wijst op angst om afgestraft te worden. “Je wil gehoord worden”, suggereert Elken. De vrouw beaamt. Zo, da’s dan dat. Knieën zijn maar knieën, knieën zijn saai. Elken maakt er snel komaf mee.

Tussen de gesprekken door, strooit Elken de obligate alt-med canards rond als waren het snoepjes: we worden vergiftigd door metalen in deo’s, shampoo’s en vaccinaties, we krijgen huidkanker door zonnecrèmes, die dan weer gemaakt zijn door de kankerindustrie. De grens tussen altmed en complotdenken is ook hier héél dun.

lachpaardDe volgende ‘patiënte’ heeft last van migraine en volgens haar is pijn veroorzaakt door een val een paard. Elken stroopt zijn mouwen op. Fijntjes vraagt hij of het mogelijk is dat het paard de val heeft veroorzaakt om zo de migraine te kunnen opwekken. Samen zoeken ze in de ons ondertussen al iets meer vertrouwde vijfde dimensie naar een moeilijkheid om contact te maken met het paard. Het begint me te dagen dat Jaco enkel maar wat suggereert en dat het bijna steeds de ‘patiënten’ zelf zijn die verwoorden wat de zogenaamd gecontacteerde, zij het engel, paard of rechterknie, doorgeeft. “Het paard zegt sorry”, luidt het. Ze moest eraf, ze moest op haar eigen benen staan en daarom heeft het paard haar laten vallen. En ik begrijp nu, zegt de vrouw, dat ik dat al die tijd wist. Dit is het punt waarop ik met zeer grote ogen naar mijn eigen nota’s staar.

Maar waarom heeft de vrouw nog steeds hoofdpijn als ze al 15 jaar geleden tot diezelfde conclusie is gekomen? Jaco zoekt contact met de hoofdpijn. Ja, in de vijfde dimensie kan je dat! Het is een clusterhoofdpijn, waardoor verdichtingen zijn ontstaan die de signalen sterker maken. De hoofdpijn is langwerpig en oefent een druk uit. Opnieuw doet de alternatief-medische vakterminologie mij duizelen. Jaco voert een gesprek met de hoofdpijn maar laat opnieuw de vrouw de replieken geven. Tussen haakjes, ik zou het echt niet erg vinden mocht u ondertussen gestopt zijn met het lezen van dit artikel. Hoe dan ook, de hoofdpijn, eens veroorzaakt door een paard, wordt nu onderhouden door een gevoel van benauwdheid, daar worden de vrouw na elke suggestie van het medium zekerder van. De familie beperkt haar, de familie laat haar zichzelf niet zijn. Frustratie voedt de pijn, steeds opnieuw. “Dit is een heel andere kijk op psychiatrie”, eindigt Elken. “Je doet het niet uit je hoofd. Beleving. Je doet het in de beleving.” Kortom, het is “heel anders dan wat artsen doen”. En ergens stemt mij dit hoopvol.

De ratelende Elken geeft een pracht van een show weg. Hij is grappig, rad van tong, ad rem. Ik heb in dit artikel helaas niet kunnen weergeven hoe hij zijn publiek charmeert, hoe hij in cirkels rond het onderwerp lijkt te draaien, grollend en grappend, om dan op het juiste moment met ‘ernstige’ uitspraken tot de kern van het probleem te komen. Tot zover de verpakking. Wat de inhoud betreft: die stinkt. Zijn boodschap is, zoals die van de meeste kwakzalvers, rottig, hufterig en antisociaal. Het is onbegrijpelijk dat zulk een woordenpatser zijn alternatief-medische praktijken kan uitvoeren én dat hij ze mag aanleren in een eigen school, met steun van de Nederlandse belastingbetaler, via het Centraal Register Kort Beroepsonderwijs, dat BTW-vrijstellingen aanbiedt als er aan bepaalde voorwaarden wordt voldaan.