[Ctrl-P] Roy & Sandberg: The seven deadly sins of health and science reporting

science health reporting

Als ik de Google-zoekmolen mag geloven, wordt er heel wat bewezen door dé wetenschap. Als wetenschappers al niet “met verstomming geslagen zijn”, dan “bewijzen” dit of dat. 

Niet alleen bedrijven en pr-bureaus maken daar dankbaar gebruik van, getuige daarvan bijvoorbeeld de blog Bad PR, waar al te lovende reclameboodschappen gehuld in “wetenschappelijke bewijzen” ongenadig gefileerd worden. Af en toe laat ook de Nederlandstalige pers zich niet onbetuigd. Een voorbeeld van zulke Bad PR vonden we terug in het (zeer kritische) VK-artikel Is de purpura bacca-bes uit de Andes het nieuwe afslankwonder?:

Intussen prijst het bedrijf Bioshape een Afrikaans mangosupplement aan met framboos ketonen. De bron van succes? Een studie van de Universiteit van Kameroen onder 102 proefpersonen moet het bewijzen: 51 namen het supplement, de andere helft kreeg een placebo. De deelnemers volgden geen dieet of extra lichaamsbeweging. De mangogroep verloor gemiddeld 28 kilo.

Toch even vermelden dat de auteur geen spaander heel laat van de claims over de purperen besjes. Uiteraard zijn er andere journo’s die de blokletters niet schuwen wanneer er iets bewezen werd, althans in de ogen van de schrijver (zie bijvoorbeeld het artikel Wetenschap en showbizz Luc). 

We zijn dan ook van mening dat er niet genoeg artikels zoals The seven deadly sins of health and science reporting geschreven en verspreid kunnen worden.

*  *  *

Avi Roy en Anders Sandberg: The seven deadly sins of health and science reporting

Benjamin Franklin said two things are certain in life: death and taxes. Another one we could add to this list is that on any given news website and in almost all print media there will be articles about health and nutrition that are complete garbage.

Some articles that run under the health and nutrition “news” heading are thought provoking, well researched and unbiased, but unfortunately not all. And to help you traverse this maze – alongside an excellent article about 20 tips for interpreting scientific claims – we will look at seven clichés of improper or misguided reporting.

If you spot any of these clichés in an article, we humbly suggest that you switch to reading LOLCats, which will be more entertaining and maybe more informative too.

1. “Scientists have proven that” or “it has been scientifically proven that”

Why?: In science we never prove something, we can only improve our confidence in a hypothesis or find flaws with it.

Details: Sometimes it is possible to disprove something confidently, but that mainly works in domains like physics. Medicine is notoriously messy because it deals with changeable, complex and individual bodies. There are potential exceptions to nearly anything, and the link between two things is generally statistical, rather than clear-cut “if X then Y” relationships.

Health and nutrition is even worse because it deals with how we interact with our equally messy environment. We know about most of the big contributory causes of bad health such as starvation, disease, parasites and poisoning so arguably many new findings are smaller refinements that are hard to pick out from the “noise” of individual variation and habits. We know plenty of things, just beware of absolute certainty.

Takeaway: Discount the findings of any health or nutrition article with “scientists prove that…” by 80%.

2. X causes cancer, so it must be bad

Why?: There are no good or bad substances. Even water can kill you if you drink too much of it.

Details: There are a surprising number of things associated with slightly increased or decreased risks of getting cancer. We tend to think of things as pure/good/healthy or impure/evil/harmful, but in practice there’s no distinction. Many medications are poisonous, but they are helpful because they are more poisonous to infections or cancer cells than to the rest of the body.

Sometimes it’s the dose that makes the poison. So sleeping a lot or a little is associated with higher mortality (even when you control for depression and sickness, which of course also affect how much you want or can sleep). There can also be trade-offs between risks and benefits. Moderate alcohol intake can be good for heart health (in middle aged men, at least), but it increases the risk of pancreatic cancer and accidents. Whether something is good for you may depend on who you are, what you do and other risk factors.

Takeaway: As Oscar Wilde said, “everything in moderation, including moderation”; it is probably better to eat a diverse diet than to try to only eat “good” things.

Lees hier verder.

[Ctrl-P] Rabinowitz & Dennis: Hype of wetenschap in de media?

Wetenschap is alomtegenwoordig en het heeft impact op ieders leven. Een van de doelen van de blog The Incubator is daarom het stimuleren van discussies over wetenschap. En dat liefst duidelijk, met zo weinig mogelijk jargon. Elementaire wetenschapscommunicatie, quoi.

Ik heb hier een artikel van Gabrielle Rabinowitz en Emily Dennis gekopieerd, Hype of wetenschap in de media? (5 Steps to Separate Science from Hype, No PhD Required). De vertaling heb ik zelf gemaakt en verscheen eerder op de website van skepp.be.

*  *  *

Gabrielle Rabinowitz en Emily Dennis: Hype of wetenschap in de media?

Vermindert flossen de kans op hartaandoeningen? Veroorzaakt aluminium de ziekte van Alzheimer? Zou ik het paleodieet moeten volgen? Wetenschappers zoals wij krijgen constant zulke vragen. En hoewel we opgeleid worden om uiteenlopende ideeën te beoordelen op hun wetenschappelijkheid, heeft men heus geen doctoraatsopleiding nodig om een onderscheid te maken tussen de nieuwste hype in de media en de laatste wetenschappelijke bevindingen. Met deze vijf stappen kan je zelf aan de slag.

1. Maak een onderscheid tussen verkooppraatje en wetenschap

Bijna iedereen probeert tegenwoordig iets te verkopen. Zelfs in krantenartikels over wetenschap staat de verkooppraat dikwijls in of net onder de titel. Naar de wetenschappelijke argumenten zelf zoekt de lezer vaak tevergeefs.

Ga in het krantenartikel op zoek naar een citaat van een wetenschapper. Lees dat citaat en negeer het verhaaltje van de journalist. Maar vergeet niet dat ook de wetenschapper zelf bevooroordeeld kan zijn. Wees trouwens skeptisch tegenover wetenschappers die de grenzen van hun eigen onderzoek niet kennen en die vergeten om alternatieve verklaringen te suggereren. Controleer ook welke organisatie het onderzoek betaald heeft: ook deze kunnen een verborgen agenda hebben.

Kortom, lees de krantenartikels zeer zorgvuldig en probeer uit te maken of de claims die gemaakt worden gebaseerd zijn op de feiten die ze presenteren.

2. Ga op zoek naar de juiste gegevens

Sommige journalisten gaan verder dan gewoon citeren en beschrijven zowaar de wetenschappelijke papers achter de claims. Wanneer ze dat niet doen, of wanneer je toch meer wil vernemen, dan kan je steeds terecht op Google Scholar om zelf de originele bron, de eigenlijke wetenschappelijke paper op te zoeken. Je kan zoeken aan de hand van alle informatie die je krijgt: de namen van de wetenschappers, hun onderzoeksinstelling, het onderwerp van hun onderzoek.

Je gaat ongetwijfeld zonder problemen wetenschappelijke papers vinden die je gratis kan raadplegen en die zeer begrijpbaar zijn, maar voor de meeste moet je betalen. Daarenboven zijn ze niet altijd eenvoudig om te lezen. Maar zelfs als je de volledige wetenschappelijke paper niet kan vinden of als je de paper niet volledig begrijpt, dan kan je nog uitzoeken of het gepubliceerd werd in een degelijk wetenschappelijk tijdschrift.

Je kan bijvoorbeeld zoeken op de “impactfactor” van het tijdschrift. De impactfactor is een cijfer dat alleen aan tijdschriften gegeven wordt die al 3 jaar bestaan en het geeft aan hoe vaak naar de papers verwezen werd door collega-wetenschappers. Een wetenschappelijk betrouwbaar tijdschrift heeft een impactfactor van 5 of hoger. Je kan eenvoudig online zoeken op “(naam van het tijdschrift) + impact factor”. Dit cijfer is vooral relevant voor tijdschriften over biomedische en biologische onderwerpen. Tijdschriften met betrekking tot andere wetenschappelijke onderwerpen kunnen minder aanhalingen hebben, maar dat wil niet noodzakelijk zeggen dat het tijdschrift onbetrouwbaar is. De impactfactor alleen bepaalt niet de waarde van het tijdschrift. Meer uitleg en details vind je in dit artikel.

3. Evalueer de gegevens

Nadat je de paper en de gegevens hebt gevonden, is het tijd om te evalueren. Probeer uit te zoeken of de schrijvers van de paper, of een andere groep van wetenschappers, het experiment hebben herhaald, liefst met gelijkaardige resultaten. Het is ook beter dat ze honderden of duizenden mensen (of apen, of cellen, of eender wat) hebben geanalyseerd dan twee of drie. Denk aan het volgende: als jij zou moeten uitzoeken wat de lengte van de gemiddelde Amerikaan is, dan zou je een hele hoop mannen moeten opmeten om tot een goed resultaat te komen. Als je maar een paar mensen zou meten, toevallig enkele basketbalspelers, dan zouden de resultaten onbetrouwbaar zijn. Let ook op verschillen tussen twee groepen, vooral tussen groepen mensen. Aspecten zoals inkomensgroep en toegang tot gezondheidszorg leggen soms de gerapporteerde resultaten beter uit dan de middeltjes die het artikel voorstelt.

Grafieken zijn uitstekende middelen om op een snelle manier complexe informatie over te brengen. Maar ze kunnen misleidend zijn. Hier zijn enkele veelgebruikte trucs.

Truc 1: plaats twee heel verschillende zaken met eenzelfde trend in één grafiek

(Bron: Businessweek)

Deze is vrij eenvoudig: correlatie is niet hetzelfde als oorzaak. Het is enigszins overdreven, maar het is een goed voorbeeld van twee zeer verschillende dingen die in één grafiek worden geplaatst. Maar dat betekent niet dat ze met elkaar te maken hebben, zelfs als het zo lijkt of als de journalist het zo suggereert.

Truc 2: toon niet alle gegevens

Originele data (links) versus aangepaste data (rechts)

In deze grafiek hebben we de laatste kolom weggelaten, zodat de andere kolommen het nu zonder context moeten stellen. Dit is een goede reden waarom je steeds op zoek moet gaan naar de originele grafiek van het oorspronkelijke artikel.

Truc 3: zoom in op de as

 

Deze twee grafieken geven dezelfde informatie weer. In de grafiek aan de rechterkant kijken we vooral naar het bovenste deel van de informatie, waarbij de verschillen tussen de kolommen groter lijken dan ze in werkelijkheid zijn. Controleer steeds de getallen op de y-as (de rode as). Een goede oefening is om de grafiek op zich te bekijken en om je af te vragen welke titel je die grafiek zou kunnen geven. Als je denkt dat je niets kan concluderen uit de grafiek, wees dan eerder skeptisch tegenover mensen die beweren dat ze het wel kunnen.

4. Plaats het verhaal in een context

Nu we weten wat de studie zegt, is het tijd om naar het hele plaatje te kijken. Zoek zeker andere artikels over het onderwerp bij elkaar en zoek ook naar uitspraken van wetenschappers die niet rechtstreeks bij het onderzoek betrokken waren. Andere labo’s en onderzoekers verschillen vaak van mening over een wetenschappelijk onderwerp, een reden trouwens waarom je de zin “wetenschappers zeggen” best met een fikse korrel zout neemt.

Als je dan nog problemen hebt met het vinden van een andere wetenschappelijke opinie, kijk dan even op de Wikipediapagina en zoek uit of het onderwerp een hoofdstukje heeft in verband met eventuele controverses of kritiek.

5. Vraag het aan een wetenschapper

Als je je na al het speurwerk en geanalyseer nog een beetje onzeker voelt, zoek dan wetenschappers die je kan vertrouwen of die eventueel bloggen en vraag het hen. Gebruik de sociale media, stuur hen een tweet. Niets is beter dan een echte discussie, zelfs via Twitter of e-mail. Met vragen kan je ook terecht op neutrale websites als Mayo Clinic (of, in de Vlaamse context, de website ikhebeenvraag.be, noot van de vertaler).

Andere nuttige bronnen

  • Google geeft tal van interessante tips over hoe je het best online kan opzoeken. Ze geven advies over het ingeven van zoektermen en het evalueren van de zoekresultaten.
  • Het tijdschrift PloS is een vrij toegankelijk tijdschrift waarin wetenschappers elkaars werk beoordelen. Alle artikels zijn gratis en de meeste zijn zeer duidelijk en helder geschreven.
  • PubMed is nog een excellent startpunt voor wetenschappelijke artikels.
  • Op deze webpagina kan je obscure technische maten omzetten in eenvoudigere woorden.
  • Een lijst van twijfelachtige magazines die zowat alles willen publiceren, zolang men maar (zwaar) betaalt voor de publicatie. De kwaliteitscontrole is onbestaande.
  • Hier vind je nog een degelijke lijst van 10 vragen om echte wetenschap van pseudowetenschap te onderscheiden.
  • Nog een goed artikel over mogelijke problemen met data-analyse.

PS

– “Vermindert flossen de kans op hartaandoeningen?” Neen. Maar het is toch ergens goed voor? Ja.
– “Veroorzaakt aluminium de ziekte van Alzheimer?” Toch niet.
– “Zou ik het paleodieet moeten volgen?” Nee, beter niet. En weet je wat, de mensen uit het paleolitische tijdperk volgden het waarschijnlijk ook niet!

Wetenschap en showbizz Luc

life spaceEigenlijk wilde ik er geen aandacht aan besteden, aan het zogenaamde nieuwe bewijs voor buitenaards leven, of beter, aan de sporen van vermeend buitenaards leven op een meteoriet. Eén langgerekte ‘Pffffffffff’ en één ‘dafuq’ zijn nu ook niet meteen degelijke taalkundige bouwsteentjes voor een geïnspireerd blogartikel.

Geen zin, dacht ik, ook niet nadat de heren van skepp.be mij het voortreffelijke, kritische artikel van volkssterrenwacht MIRA onder de ogen hadden schoven, Buitenaards leven ontdekt? Neen… (21 september 2013). In dat artikel wordt niet alleen korte metten wordt gemaakt met de claim van de Britse wetenschappers in casu, met hun (on)wetenschappelijke methodes en ook met Chandra Wickramasinghe, o.a. bezieler van Journal of Cosmology:

Wikramasinghe en medewerkers hebben de laatste twintig jaar met de regelmaat van de klok aangekondigd dat ze buitenaards leven ontdekt hebben, iedere keer blijkt echter vrij snel dat deze conclusie totaal niet ondersteund wordt door de door hen aangevoerde elementen.

Ach, waarom ook niet?

Even terug naar af. Men moet al op een stuk steen of ijs leven en dapper door het zwerk zoeven, daar waar nog niemand gezoefd heeft, om een variant van het volgende aardse bericht niet te hebben gelezen of gehoord: “The truth IS out there”. Dit schreef bijvoorbeeld de Britse The Independent op 19 september 2013, “British scientists claim to have found proof of alien life”. In De Morgen werd dat twee dagen later “Britse wetenschappers: ‘Bewijs van buitenaards leven gevonden'”.

Het Nederlandstalige artikel houdt het midden tussen een samenvatting en vertaling van het originele artikel uit The Independent. Er wordt uit de doeken gedaan, enfin, vertaald, wat er gevonden is, op welke manier etc. Ook het wetenschappelijke tijdschrift waarin de studie verschenen is, wordt vermeld: Journal of Cosmology. Aangezien geen van beide kwaliteitskranten het nodig vinden om een linkje naar de oorspronkelijke studie toe te voegen, doe ik het maar.

Er is wel een opvallend verschil tussen het artikel in De Morgen en in The Independent, en geen kleintje. In het online artikel van De Morgen wordt het volgende zinnetje niet vertaald, hoewel het artikel in The Independent hiermee afsluit:

Despite these fantastical claims, the Journal of Cosmology has had its reputation called into question more than once by other members of the scientific community.

Met andere woorden, terwijl de bron aangeeft dat Journal of Cosmology een zeer dubieuze reputatie geniet (toch geen detail, me dunkt), laat de journalist van De Morgen dit na om te vermelden. Hoe kan men dit missen? Hoe kan men dit niet even onderzoeken.

Of gewoon opzoeken.

Op internet, bijvoorbeeld.

’t Is maar een hint.

Een zeer eenvoudige zoektocht geeft inderdaad enkele indicaties dat het Journal of Cosmology niet echt het meest betrouwbare tijdschrift is.

Wikipedia, bijvoorbeeld:

The Journal of Cosmology describes itself as a peer-reviewed open access scientific journal of cosmology,[1] although the quality of the process has been questioned.[2][3][4][5][6][7] The journal was established in 2009 and is published byCosmology Science PublishersRudolph Schild is the Editor-in-Chief and Executive Editor.[1]

2. ^ Jump up to:a b Beall, Jeffrey. “Potential, possible, or probable predatory scholarly open-access journals”. Scholarly Open Access. Retrieved 2013-04-09.
3. ^ Jump up to:a b I. O’Neil (7 March 2011). “NASA Refutes Alien Discovery Claim”Discovery News. Retrieved 2011-03-07.
4. ^ Jump up to:a b c d P. Z. Myers (6 March 2011). “Did Scientists Discover Bacteria in Meteorites?”Pharyngula. Retrieved 2011-03-06.
5. ^ Jump up to:a b P. Plait (7 March 2011). “Followup Thoughts on the Meteorite Fossils Claims”Discover Magazine. Retrieved 2011-03-06.
6. ^ Jump up to:a b L. Battison (11 March 2011). “Microbes on a Moonbeam: Disentangling the Meteorite Microbe Claims”Science in Pen and Ink. Retrieved 2011-03-12.
7. ^ Jump up to:a b “‘Alien Life’ Claim Hampered by Journal’s Dubious Reputation”. Retrieved 2013-07-18.

En op 23 januari 2013 schreef Marc Lallanilla op de website LiveScience:

This isn’t the first time the Journal of Cosmology has been roundly criticized for publishing content lacking scientific merit: “It isn’t a real science journal at all, but is the ginned-up website of a small group of crank academics obsessed with the idea … that life originated in outer space and simply rained down on Earth,” P.Z. Myers, a biologist at the University of Minnesota, Morris, wrote in 2011 on his popular science blog Pharyngula.

Nog eentje: Life in meteorites? Not so fast… door John Prothero (23 januari 2013):

So no matter who is making the claim, it raises all sorts of red flags and sets off alarm bells by its very nature, and by the poor level of analysis and documentation. So it comes as no surprise when I reveal that the senior author in none other that N. Chandra Wickramasinghe. For those who are familiar with fringe scientists, this name should sound familiar. […]

Instead, the “Journal of Cosmology” has a long history of publishing crackpot and poorly substantiated claims that never survive once they are examined by reputable scientists.

De journo van De Morgen vindt nuance blijkbaar niet van deze wereld en gaat voluit voor het spectaculaire, zonder een greintje kritisch denken. En nee, kom niet af met de roep dat journalisten geen tijd meer hebben of krijgen van hun stoute chefs om hun bronnen te checken. Bovenstaande acht (8) citaten heb ik op tien (10) minuten bij elkaar ge-e-harkt. Trouwens, een kritische noot verdient sowieso wat extra tijd.

Nee, dit kan men niet missen. Hier lijkt slechte wil een grotere rol te spelen dan nonchalance of tijdgebrek. Of zijn hier andere (markt)mechanismen in het spel waar ondergetekende te naïef voor is?

Hoe dan ook, de journalist die er andermaal in slaagt (1) om zijn lezers voor debielen te houden en (2) om ongenuanceerde bladvulling op de wetenschapspagina’s van De Morgen te krijgen is Luc Beernaert. En deze man zijn we op deze blogpagina’s al eens tegengekomen. Luc Beernaert is chef showbizz van Het Laatste Nieuws en het onderwerp van een vorig artikel op deze blog, nu ruim vier maanden geleden. Toen schreven we over diezelfde journalist die op een gelijkaardige wijze al te kort door de bocht ging in zijn drang naar ongenuanceerd en spectaculair nieuws (Zotte De Morgen (of “Please, if you take this seriously, read the paper!”)).

Even terug naar het stuk van John Prothero:

So once again, we have an example of science “journalism” done wrong: a reporter takes someone’s press release on faith and perpetuates the claim without fact-checking or peer review. Instead, it falls on us in the scientific community who blog on such topics to be the critics and peer-reviewers, since there are so many claims put out there that won’t stand peer review, yet get promoted through an uncritical network of science media before they have met with any real scrutiny.

Met andere woorden: so once again, we have Luc Beernaert.

En, De Morgen, u benne ook bedankt!

Deredactie linkt

deredactieAf en toe neut ik op deze pagina’s over de belabberde toestand van de populariserende wetenschapsjournalistiek in de reguliere Vlaamse pers. Over artikelboeren die eerder bedenkelijke onderwerpen aansnijden in de rubriek wetenschap, over derdehandse bronnen, over het gebrek aan links naar de originele studies. Pas afgelopen weekend viel mij alvast één belangrijke uitzondering op. Geen moment te laat.

Mysterieuze 15e-eeuwse “nonsens-manuscript” bevat “geen nonsens”, signaleerde deredactie.be, zoals bijna elke krant en nieuwswebsite. Het verschil met de vele andere producenten van online nieuws zat ‘em in de link die de redactie.be meegaf, de link naar de originele studie, in dit geval Keywords and Co-Occurrence Patterns in the Voynich Manuscript: An Information-Theoretic Analysis uit PLOS One. (Nonsensicaal of niet, hier kan u het bloedmooie manuscript downloaden en bewonderen).

Het gaat hier niet om een toevalstreffer: deredactie.be respecteert zijn lezers en geeft zeer vaak volledige referenties en links bij artikels die niet zelden uitvoerig zijn. Bij wijze van voorbeeld: Groenten en fruit belanden “levend” op ons bord (postharvest Circadian Entrainment Enhances Crop Pest Resistance and Phytochemical Cycling); Zilver maakt antibiotica veel efficiënter (Silver Enhances Antibiotic Activity Against Gram-Negative Bacteria).

Uiteraard zegt dit weinig over de kwaliteit van het nieuwsartikel of over de studie zelf, maar het geeft wel aan dat de journalist van dienst de lezer au sérieux wil nemen. En precies dat lijkt mij een eerste stap in degelijke, populariserende en vulgariserende (wetenschaps)journalistiek.

Podcast: Science in Action

Science in Action20 minuten. Zoveel heeft ingenieur-journalist Jon Stewart om recent wetenschapsnieuws op een bevattelijke manier samen te ballen in de wekelijkse podcast Science in Action. Zowel Stewart als de wetenschappers die hij interviewt blinken uit in helderheid en beknoptheid. SiA geeft ons eigenlijk de achtergrondinformatie die de andere media ons onthouden.

Recente onderwerpen zijn de structuur van DNA, de aardbevingen in Iran, de dino-embryo’s, de effecten van de fall-out in Fukushima. Af en toe wordt de normale programmatie onderbroken voor specials, bijvoorbeeld een vijfdelige reeks over wetenschap en onderwijs in Afrika, een aanrader trouwens. De volledige lijst met episodes vindt u hier.

Eerder voor de aardigheid dan voor de volledigheid: Science in Action, oorspronkelijk een radioprogramma, heeft ongeveer 50 jaar op de teller staan. “Ongeveer”, omdat het ontstaan ervan zich bevindt in de mist der tijden, waarschijnlijk in 1964, aldus Wikipedia.

Zotte De Morgen (of “Please, if you take this seriously, read the paper!”)

roundupOp 26 april 2013 las ik in De Morgen én Het Laatste Nieuws dat een nieuwe studie de populaire onkruidverdelger Roundup linkt aan kankers en Parkinson (in De Morgen en Het Laatste Nieuws). De producent van deze herbicide is het infame Monsanto. U spuwt toch ook automatisch twee, drie keer telkens u die naam hoort of leest?

Het gebruik van ’s werelds populairste onkruidverdelger, Roundup, kan gelinkt worden aan een reeks gezondheidsproblemen en ziektes zoals Parkinson, onvruchtbaarheid en kankers. Dat blijkt uit een nieuwe studie.

Aldus Luc Beernaert, in het normale leven chef showbizz van HLN, maar nu voor de gelegenheid de auteur van een wetenschapsartikel. Als bron vermeldt de schrijver van het stuk niet de originele studie (een enorm onhebbelijke gewoonte van zowat alle Vlaamse artikelboeren als het gaat over wetenschappelijke studies), maar wel The Huffington Post (nog een onhebbelijke gewoonte van diezelfde groep professionele schrijvers).

Wij dus naar de infame HuffPo, en daar vind ik inderdaad het bewuste artikel terug. Let wel, het krantenartikel, niet de studie: Roundup, An Herbicide, Could Be Linked To Parkinson’s, Cancer And Other Health Issues, Study Shows. En de bron is niet het degelijke onderzoek in The HuffPo door de (anonieme) journalist, maar… Reuters. Andermaal geen referentie naar de originele studie.

Wij dus, zucht, naar Reuters. Heavy use of herbicide Roundup linked to health dangers – U.S. study, laat auteur Carey Gillam daar als kop boven haar artikel beitelen. En ze vat het gevaar samen in een paar puntjes:

(1) Study says chemical residues linked to disease,
(2) Roundup developer Monsanto says glyphosate is safe,
(3) Researchers say more study is needed.

Opnieuw is het tevergeefs zoeken naar een directe link of zelfs maar de titel van de studie. Gelukkig komen we al wel de naam van het tijdschrift te weten (Entropy) en die van de auteurs.

Google dan maar: het artikel heeft als titel “Glyphosate’s Suppression of Cytochrome P450 Enzymes and Amino Acid Biosynthesis by the Gut Microbiome: Pathways to Modern Diseases”, de auteurs zijn Anthony Samsel en Stephanie Seneff, de volledige studie kan u hier raadplegen en downloaden. Een linkje toevoegen (u weet wel, dat veelal onderlijnd stukje hypertekst dat aan internet z’n bestaansrecht geeft): zo moeilijk is het niet.

Ook de abstract krijgt u hier van mij:

Abstract: Glyphosate, the active ingredient in Roundup®, is the most popular herbicide used worldwide. The industry asserts it is minimally toxic to humans, but here we argue otherwise. Residues are found in the main foods of the Western diet, comprised primarily of sugar, corn, soy and wheat. Glyphosate’s inhibition of cytochrome P450 (CYP) enzymes is an overlooked component of its toxicity to mammals. CYP enzymes play crucial roles in biology, one of which is to detoxify xenobiotics. Thus, glyphosate enhances the damaging effects of other food borne chemical residues and environmental toxins. Negative impact on the body is insidious and manifests slowly over time as inflammation damages cellular systems throughout the body. Here, we show how interference with CYP enzymes acts synergistically with disruption of the biosynthesis of aromatic amino acids by gut bacteria, as well as impairment in serum sulfate transport. Consequences are most of the diseases and conditions associated with a Western diet, which include gastrointestinal disorders, obesity, diabetes, heart disease, depression, autism, infertility, cancer and Alzheimer’s disease. We explain the documented effects of glyphosate and its ability to induce disease, and we show that glyphosate is the “textbook example” of exogenous semiotic entropy: the disruption of homeostasis by environmental toxins.

Hier had mijn zoektocht en mijn artikeltje dan ook kunnen stoppen, want mijn punt was om een potje te klagen over (1) de nogal ergerlijke gewoonte om in een online artikel geen referentie te geven naar de originele studie en (2) over de tweede- en derdehandse berichtgeving over een enorm belangrijk gegeven: het gebruik van Roundup kan gelinkt worden aan kanker en de ziekte van Parkinson. Dat is geen detail, en net daarom maakt dit een zo correct mogelijke berichtgeving noodzakelijk!

Maar Google is een lastig beestje en ik ben een ambetant ventje. Ik vind namelijk nog een artikel over diezelfde studie van Anthony Samsel en Stephanie Seneff, toevallig in diezelfde Huffington Post waaruit onze journalist van De Morgen/HLN blijkbaar even graag als selectief kopieert en plakt. Condemning Monsanto With Bad Science Is Dumb, schrijft  én ze geeft een link naar de studie. Alvast één punt voor mevrouw Haspel omdat ze het lef en het verstand heeft de lezer de kans te geven om haar analyse direct te vergelijken met de originele paper.

Ik kan haar op het eerste zicht alleen maar gelijk geven. Monsanto staat ook niet op míjn lijstje van meest knuffelbare bedrijven, maar de firma aanvallen met slechte wetenschap is niet alleen oneerlijk, maar op langere termijn contraproductief. En het ondermijnt uiteraard de integriteit van de berichtgevers, meneer Beernaert. Los daarvan, een langer citaat uit haar artikel:

Did you see the latest indictment of Monsanto making the rounds? It’s a “peer-reviewed” paper in the journal Entropy, co-authored by Anthony Samsel and Stephanie Seneff, blaming glyphosate, the compound in the herbicide Roundup, for virtually all the ills that can befall us.

Zoekt u even de impact factor van Entropy op? Haspel gaat verder:

But here’s the thing — they made it up. Or, all but. They say, “We explain the documented effects of glyphosate and its ability to induce disease, and we show that glyphosate is a ‘textbook example’ of exogenous semiotic entropy: the disruption of homeostasis by environmental toxins.” Exogenous semiotic entropy! That sounds serious. Google it, though, and you find that those three words occur together in only place. This paper. They made it up. At first, I thought the whole thing was one of those jargon-laden academic hoaxes but, alas, it isn’t.

Slog through their argument (and, please, if you take this seriously, read the paper!), and you find it boils down to two things. Glyphosate, they claim, 1) inhibits CYP enzymes, which are active in lots of metabolic processes, and 2) disrupts gut bacteria, which are susceptible to its mechanism (disrupting the shikimate pathway), even though humans are not. Therefore, any condition that involves metabolic processes or gut bacteria must be affected by glyphosate exposure. QED!

Terug naar de krant De Morgen/HLN. De journo van dienst knipt en plakt één artikel uit The HuffPo, eentje dat aanslaat omdat (a) Monsanto in de kop staat en (b) een resem vreselijke ziektes vermeld worden. In diezelfde “bron” staat er een paar dagen een ander artikel dat pulp maakt van het eerste artikel. Maar dat laatste nieuws krijgen we niet te lezen in onze zotte De Morgen.

Meneer Beernaert, enkele vraagjes voor u:

Kan u even uw werkwijze toelichten? In hoeverre denkt u dat het kritiekloos geven van derdehandse informatie omtrent zulk een belangrijk gegeven uw lezers verder helpt? Kan u ons vertellen waarom u het ene artikel wel en het andere artikel uit dezelfde bron niet behandelt in een opvolgend artikel? Op welke manier kan de lezer dit niet interpreteren als cherry picking en daarom dus als enorm oneerlijk? Hebt u problemen met de analyse van Tamar Haspel, kan u zich niet vinden in haar kritiek? Hebt u de originele studie gelezen voor u uw eerste artikel vertaalde en publiceerde?

Alvast bedankt!

Update (zondag 28 april): Lange leve Twitter! Keith Floor van DISCOVER Magazine twitterde én schreef een artikel over de “studie” van Anthony Samsel en Stephanie Seneff en de berichtgeving hierover in enkele (online) kranten: When Media Uncritically Cover Pseudoscience.

Update (zaterdag 5 mei): Eric Hall disecteert de studie in zijn artikel Roundup and Gut Bacteria.